Biologie H6.2 Indeling en belangrijke groepen eukaryoten

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/56

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:48 AM on 8/15/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

57 Terms

1
New cards
Wat waren Excavata volgens de vroegere indeling?
Eenvoudige eukaryoten waarvan sommige een voedselgroeve hebben.
2
New cards
Welke 2 belangrijke groepen werden vroeger bij Excavata geplaatst? (2)
Metamonada en Discoba.
3
New cards
Wat was LECA volgens de slides?
Een fagotrofe, eencellige en geflagelleerde eukaryoot.
4
New cards
Wat zijn mitosomen?
Sterk gereduceerde mitochondriën.
5
New cards
Bij welke belangrijke groep komen mitosomen voor?
Metamonada.
6
New cards
Wat zijn hydrogenosomen?
Gereduceerde mitochondriën die energie produceren zonder klassieke mitochondriale werking.
7
New cards
Bij welk besproken organisme komen hydrogenosomen voor?
Trichomonas vaginalis.
8
New cards
Tot welke groep behoort Trypanosoma brucei?
Discoba.
9
New cards
Welke ziekte veroorzaakt Trypanosoma brucei?
Afrikaanse slaapziekte.
10
New cards
Hoe wordt Afrikaanse slaapziekte overgedragen?
Via de tseetseevlieg.
11
New cards
Tot welke groep behoort Trypanosoma cruzi?
Discoba.
12
New cards
Welke ziekte veroorzaakt Trypanosoma cruzi?
De ziekte van Chagas.
13
New cards
Hoe wordt de ziekte van Chagas overgedragen?
Via een roofwants.
14
New cards
Welke cellen infecteert Leishmania vooral?
Macrofagen.
15
New cards
Hoe wordt Leishmania overgedragen?
Via een zandvlieg.
16
New cards
Wat is het belangrijkste kenmerk van Archaeplastida?
Ze hebben een primaire plastide ontstaan uit een cyanobacterie.
17
New cards
Welke 2 belangrijke lijnen binnen Archaeplastida moet je kennen? (2)
Rhodophyta en Viridiplantae.
18
New cards
Wat zijn Rhodophyta?
Rode algen.
19
New cards
Waarom kunnen rode algen relatief diep in water leven?
Ze absorberen blauw en groen licht.
20
New cards
Wat zijn Viridiplantae?
De groene plantenlijn.
21
New cards
Welke 3 groepen behoren tot Viridiplantae? (3)
Chlorophyta, Charophyta en Embryophyta.
22
New cards
Wat zijn Chlorophyta?
Groene algen.
23
New cards
Wat zijn Charophyta?
Groene algen.
24
New cards
Wat zijn Embryophyta?
Landplanten.
25
New cards
Waarvoor staat SAR?
Stramenopiles, Alveolata en Rhizaria.
26
New cards
Welke 3 groepen vormen SAR? (3)
Stramenopiles, Alveolata en Rhizaria.
27
New cards
Hoe verkreeg SAR zijn fotosynthetische plastide volgens de slides?
Via secundaire endosymbiose van een rode alg.
28
New cards
Hoeveel membranen kan die plastide bij SAR hebben?
4 membranen.
29
New cards
Wat is een belangrijk kenmerk van Stramenopiles?
Ze hebben typisch twee ongelijke flagellen.
30
New cards
Wat betekent heterokont?
Twee ongelijke flagellen.
31
New cards
Welke 3 belangrijke groepen worden bij Stramenopiles genoemd? (3)
Diatomeeën, bruinalgen en oomyceten.
32
New cards
Wat is typisch voor diatomeeën?
Een silicawand.
33
New cards
Wat zijn oomyceten?
Waterschimmels die niet tot de echte schimmels behoren.
34
New cards
Wat is het belangrijkste kenmerk van Rhizaria?
Amoeboïde cellen met fijne pseudopodia.
35
New cards
Waaruit bestaat het skelet van Foraminifera?
Calciumcarbonaat.
36
New cards
Waaruit bestaat het skelet van Radiolaria?
Silica.
37
New cards
Wat is het belangrijkste kenmerk van Alveolata?
Membraanblaasjes of alveoli.
38
New cards
Welke 3 belangrijke groepen behoren tot Alveolata? (3)
Apicomplexa, dinoflagellaten en ciliaten.
39
New cards
Wat zijn Apicomplexa?
Obligaat intracellulaire parasieten.
40
New cards
Wat betekent obligaat intracellulair?
Ze moeten in een gastheercel leven en vermenigvuldigen.
41
New cards
Welke ziekte veroorzaakt Plasmodium?
Malaria.
42
New cards
Hoe wordt malaria overgedragen?
Via de Anopheles-mug.
43
New cards
Tot welke groep behoort Plasmodium?
Apicomplexa binnen Alveolata.
44
New cards
Welke ziekte veroorzaakt Toxoplasma gondii?
Toxoplasmose.
45
New cards
Waarom is Toxoplasma gondii vooral belangrijk bij zwangeren?
Het kan ernstige gevolgen hebben voor de foetus.
46
New cards
Via welke bronnen kan Toxoplasma gondii worden overgedragen? (3)
Kattenuitwerpselen, ongewassen groenten en onvoldoende gebakken vlees.
47
New cards
Wat is typisch voor dinoflagellaten?
Ze hebben twee flagellen.
48
New cards
Wat is een red tide?
Een sterke bloei van dinoflagellaten.
49
New cards
Waarom kan een red tide gevaarlijk zijn?
Sommige dinoflagellaten produceren toxines.
50
New cards
Wat is typisch voor ciliaten?
Ze zijn bedekt met cilia en hebben een micro- en macronucleus.
51
New cards
Wat is het belangrijkste kenmerk van Amoebozoa?
Ze bewegen typisch met pseudopodia.
52
New cards
Wat zijn Mycetozoa?
Slijmzwammen.
53
New cards
Zijn slijmzwammen echte schimmels?
Nee.
54
New cards
Waarom lijken slijmzwammen toch op echte schimmels?
Beide kunnen vruchtlichamen met sporen vormen.
55
New cards
Hoe heet het ontstaan van gelijkaardige kenmerken bij niet-nauw verwante groepen?
Convergente evolutie.
56
New cards
Welke ziekte veroorzaakt Entamoeba histolytica?
Amoebiasis.
57
New cards
Waarmee wordt Acanthamoeba in de slides vooral geassocieerd?
Keratitis bij contactlensdragers.