Ruimtelijke Ordening

0.0(0)
studied byStudied by 1 person
0.0(0)
full-widthCall with Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/26

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No study sessions yet.

27 Terms

1
New cards

Wat betekent verstedelijking?

Het proces waarbij steden groeien en een steeds grotere rol spelen in het leven van de bevolking.

2
New cards

Welke vier vormen van verstedelijking bestaan er?

1. Morfologische verstedelijking - zichtbare uitbreiding van de stad.

2. Functionele verstedelijking - invloed van de stad op haar omgeving.

3. Sociaaleconomische verstedelijking - verschuiving van landbouw naar handel en diensten.

4. Sociologische verstedelijking - veranderingen in bevolking en levensstijl.

3
New cards

Wat zijn de vier fasen van stedelijke ontwikkeling?

1. Urbanisatie (19e - begin 20e eeuw): bevolkingsgroei in binnenstad.

2. Suburbanisatie (vanaf 20e eeuw): verhuizing naar stadsrand.

3. Desurbanisatie (2e helft 20e eeuw): binnenstad verliest bevolking.

4. Re-urbanisatie (vanaf jaren '90): heropleving van de stad.

4
New cards

Wat is het probleem van landgebruik zonder planning?

Oorzaak: functies lopen door elkaar (bv. fabriek naast woonwijk).

Gevolg: conflicten, verlies leefkwaliteit, natuur verdwijnt.

Oplossing: strategische ruimtelijke planning.

5
New cards

Wat is het probleem van ruimtebeslag?

Oorzaak: we gebruiken meer ruimte dan nodig (parkings, industrie).

Gevolg: minder open ruimte, versnippering.

Oplossing: compacter en efficiënter bouwen.

6
New cards

Wat is het probleem van verharding?

Oorzaak: beton en asfalt → bodem neemt geen water op.

Gevolg: overstromingen, dalende grondwatervoorraad, natuurverlies.

Oplossing: ontharden.

7
New cards

Wat is urban sprawl?

Oorzaak: bebouwing verspreidt zich zonder duidelijke kern.

Gevolg: veel autoverkeer, verlies landbouwgrond, versnippering natuur.

Oplossing: kernversterking.

8
New cards

Wat is het probleem van mobiliteit bij verstedelijking?

Oorzaak: groei steden → meer verkeer.

Gevolg: files, luchtvervuiling, onveiligheid.

Oplossing: minder autoverkeer, meer OV/fietspaden/autovrije zones.

9
New cards

Wat zijn waterproblemen door verharding?

Oorzaak: regenwater infiltreert niet.

Gevolg: overstromingen, waterschaarste, erosie.

Oplossing: slim waterbeheer (infiltratiezones, wadi's).

10
New cards

Wat is sociale segregatie?

Oorzaak: rijkere bewoners verhuizen naar stadsrand.

Gevolg: armoede binnenstad, sociale ongelijkheid.

Oplossing: gentrificatie (met risico op verdringing).

11
New cards

Wat is het hitte-eiland-effect?

Oorzaak: steden houden warmte vast (beton, asfalt, weinig groen).

Gevolg: steden warmer, gevaar bij hittegolven.

Oplossing: meer groen en schaduwplekken.

12
New cards

Wat is lintbebouwing en versnippering?

Oorzaak: bouwen langs steenwegen.

Gevolg: meer verkeer, versnippering natuur, onveiligheid.

Oplossing: geen nieuwe lintbebouwing, afbouw bestaande.

13
New cards

Wat is het verlies van landschapselementen?

Oorzaak: bebouwing/verharding doet bossen, houtkanten verdwijnen.

Gevolg: daling biodiversiteit, verlies erfgoed.

Oplossing: behoud en integratie in plannen.

14
New cards

Wat is open bebouwing? (kenmerken, voor- en nadelen)

Kenmerken: vrijstaande woningen, grote tuin.

Voordelen: privacy, ruimte.

Nadelen: lage bevolkingsdichtheid, veel ruimtebeslag.

15
New cards

Wat is halfopen bebouwing? (kenmerken, voor- en nadelen)

Kenmerken: woning deelt 1 muur.

Voordelen: efficiënter ruimtegebruik, toch privacy.

Nadelen: blijft verspreid, groter ruimtebeslag dan rijwoningen.

16
New cards

Wat is gesloten bebouwing/rijwoningen? (kenmerken, voor- en nadelen)

Kenmerken: woningen delen beide muren.

Voordelen: hoge bevolkingsdichtheid, minder ruimtebeslag.

Nadelen: minder privacy, beperkte tuin.

17
New cards

Wat zijn appartementen/flatgebouwen? (kenmerken, voor- en nadelen)

Kenmerken: meerdere gezinnen in één gebouw.

Voordelen: efficiënt, hoge dichtheid.

Nadelen: minder buitenruimte, soms sociaal anoniem.

18
New cards

Wat is cohousing? (kenmerken, voor- en nadelen)

Kenmerken: privéwoning + gedeelde ruimtes.

Voordelen: efficiënt ruimtegebruik, sociale cohesie.

Nadelen: samenwerking nodig, minder privacy gedeeld.

19
New cards

Wat is omgevingsdenken?

Integraal denken: alle elementen (ruimte, natuur, bewoners, economie) samen bekijken voor duurzaam evenwicht.

20
New cards

Wat is intensivering in ruimtelijke ordening?

Compact wonen (meer appartementen/rijwoningen) + multifunctioneel gebruik (functies combineren) om ruimte te besparen.

21
New cards

Wat betekent duurzaamheid in een structuurplan?

Ruimtegebruik rekening houden met context; verandering mag maar zonder toekomstige generaties te schaden.

22
New cards

Wat is ruimtelijke draagkracht?

Mate waarin een gebied functies kan dragen.

Functioneel: hoeveel functies passen?

Ecologisch: hoeveel kan natuur verdragen?

23
New cards

Wat bepaalt de kwaliteit van de ruimte?

Balans tussen belevingswaarde, gebruikswaarde, toekomstwaarde.

24
New cards

Wat houdt het subsidiariteitsbeginsel in?

Ruimtelijke beslissingen op laagst mogelijk bestuursniveau: gewestelijk, provinciaal, gemeentelijk.

25
New cards

Wat zijn de drie doelen van het RSV?

1. Ruimtegebrek en kwaliteitsverlies tegengaan.

2. Duurzame ontwikkeling realiseren.

3. Suburbanisatie afremmen.

26
New cards

Wat zijn de vier kernprincipes van het RSV?

1. Gecondenseerde bundeling.

2. Economische ontwikkeling.

3. Infrastructuur.

4. Fysisch systeem.

27
New cards

Wat zijn de tien kernkwaliteiten van het BRV?

1. Economisch vitaal

2. Inclusief samenleven

3. Gezondheid

4. Klimaatbestendig

5. Energietransitie

6. Biodiversiteit/ecologische samenhang/bodemkwaliteit

7. Erfgoed en landschap

8. Herkenbaarheid en aantrekkelijkheid

9. Robuust en aanpasbaar

10. Gedeeld en meervoudig ruimtegebruik.