1/51
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
radiatie
boost van het leven onder nieuwe omstandigheden
ediacaraan (neoproterozoïcum)
Cambrische explosie
great Ordovician Biodiversification event
carboon → radiatie van amfibieën
extinctie
uitsterven van leven onder nieuwe omstandigheden
cryogeniaan
glaciatie van gondwana in het Carboon
einde van het Perm door LIP vulkanisme
Laat Trias
K/Pg → meteorietinslag op Yucataneiland
Hadeaan
hevige en warme geodynamica → accretiewarmte en radiogene warme
afkoeling door afname van radioactieve productie inde mantel en warmteverlies naar de ruimte omdat de initiële atmosfeer die nog niet kon bijhouden (bestond uit H2 en He) die atmosfeer werd door zonnewinden weggeblazen
→ vorming van de 1st atmosfeer door vulkanisme (beschermd door de geodynamica) is toxisch → 70-90% gasvorming H2O, CO2, SO2, N2, NH3, CH4
hete en dichte atmosfeer, maar die werd wel afgekoeld → waterdamp → eerste meren, rivieren, oceanen en grondwatern (4.4Ga)
4.4Ga → vorming van de eerste korst met detritisch materiaal door de rivieren en atmosfeer
4 Ga → einde van het Hadeaan en volledige vorming van continenten, oceanen en atmosfeer
eoarcheaan
3.8-3.6 Ga → onderscheid tussen continentale en oceanische lithosfeer en platentektoniek
naar de oersoep → eerste stappen van leven
genoeg thermische energie voor reacties
juiste chemische bouwstenen waren er
→ leven ontstaat in de diepte van de oceaan → zuurstofvrij milieu door chemosynthetiserende bacteriën (bij black smokers) zonder zonlicht of zuurstof
archeaan
FOTOSYNTHESE
tussen 3.6-2.5 Ga de eerste protocontinenten
tussen 3.2-2.7 Ga de eerste blokken continentale korst door botsing van mafische stukken
tegen einde van archeaan 80% van de huidige continentale korst
protocontinenten zijn klein en gaan snel door actieve mantelconvectie, radioactiviteit en warmte
mariene sedimentatie start op en leven kan gefossiliseerd worden → ichnofossielen
oceanen nemen CO2 van de atmosfeer op → vorming van carbonaationen → naar kalkstenen
2e atmosfeer
enkel NH3
leven: archaea & bacteria = primitief prokaryotisch leven
bv cyanobacterie → fotosynthese in ondiep water / fotische zone → produceert O2 + opbouw van stromatolieten (eerste vorming van riffen
O2 wordt snel door de oceaen geabsorbeerd of gaat reactie doen met gesteenten
schaakstukken van het leven zijn aanwezig
platentektoniek
continenten
oceanen
fotosynthese
archeaan gesteenten zijn moeilijk te lezen door vele vervormingen
proterozoïcum
ZUURSTOFPRODUCTIE
2Gy
90% van de continentale korst is gevormd
kratons: oude stabiele continentale korst , ouder dan 1 Gy
(belangrijk: Laurentia, Baltica, Siberië)
proterozoïsche gesteenten zijn minder vervormd + hebben sedimentaire afzettingen met beperkt aantal fossielen
3e atmosfeer door stijgend zuurstofgehalte
2.5 Ga → verzadiging van de reservoirs
tussen 2.4-1.8 Ga Great Oxygenation event
bewijs: BIF = banded iron formations
→ genoeg O2 om aeroob leven te stimuleren → efficiëntere energie, complexer leven → meercellige eukaryoten
3e vorm van leven = aeroob
1.5-1Ga = eerste lichaamsfossielen van invertebraten en fungi
vanaf 750Ma snelle transitie naar het proterozoïcum
Neoproterozoïcum
1Ga - 538Ma
supercontinent Rodinia
moderne atmosfeer 800-600Ma met 10% O2
Cryogeniaan
Ediacaraan
cryongeniaan
720-635ma
sneeuwbalaarde door koolstofcyclus → te veel CO2 opgenomen → aarde 2 keer helemaal bevroren
rodinia was stabiele absis voor brede ijskap
ook oceanen bevroren → extinctie van aerobe en fotosynthetiserend leven
Ediacaraan
635-538ma
vroegste meercellig leven
radiatie door toename van O2 → 12%
weer genoeg CO2 door vulkanisme → opwarming
ichnofossielen en softbodyfossielen (ook fossielen met een skelet )
kolonisatie van het marien milieu door schelpenfauna
invertebraten: radiale of bilateriale symmetrie → kwallen, anemonen, wormen, … → zonder exoskelet, want hebben geen predatoren + verrotten nog niet
Paleozoïcum
cambrische explosie
GOBE
siluur
devoon
carboon
perm
cambrische explosie
van 100 naar 600 genera
ontstaan van verschillende invertebraten in maar 20 my → goede documentaite door gemineraliseerde skeletten die goed fossiliseren → als bescherming tegen predatie exoskeletten
oceanen zijn vrij warm → leven in ondiepe zone → mollusken, brachiopoden, nautiloiden, gastropoden, graptolieten
gidsfossielen → korte bestaansperiode
bv trilobieten voor het ordovicium en siluur
complexe voedselketen met planktonische en bentische organismen
Burgess Shale → goede vindplaats voor cambrische fossielen
Burgess Shale
goede vindplaats voor cambrische fossielen
GOBE
great ordovician biodiversification event
van 300 naar 1500 genera
verschijnen van suspensie-eters
kaakloze vissen
cephalopoda
rifbouwers
pas tegen het einde van het orodvicium leven op land → primitieve landplanten bij oevers
einde ordovicium → 1ste fanerozoïsche extinctie door 2 korte ijstijden → 85% van de mariene soorten verdwijnen
siluur
ontwikkeling van nieuwe soorten
trilobieten, gastropoden, crinoïden → worden heel groot
ontwikkeling van vaatplanten
devoon
mid devoon → planten met een wortel
laat devoon → oudste boomsoorten tot 10m hoog: progymnospermen & moeraswouden met boomachtige varianten van mossen en varens
wortels houden sediment vast → helderder water → meer riffen → betere fotosynthese
evolutie van de dieren:
arthopoda (schaaldiere, spinnen schorpioenen, insecten)
kaakvissen en kraakbeenvissen
laat devoon → evolutie van amfibieën als eerste ademende dieren op het land
laat devoon: glaciatie van gondwana → 2e extinctie
40% van alle mariene genera verdwijnen (vooral de rifbouwers)
carboon
gondwana en siberia liggen onder een ijskap ( polair)
7laurentia en baltica → (sub)tropen → moeraswouden met gigantische planten, insecten, ..
ontstaan van reptielen die eieren leggen → nemen onbewoonde gebieden in
extreme radiatie van amfibieën
ook nog reuzelibellen en kakkerlakken
Perm
enorme productie van landplanten
nog warmer dan het carboon
35% O2 door veel fotosynthese
gymnospermen,
cycaden
lepidodendron
→ grote productie van OM → koolwouden zonder verrotting
eind Perm → 3e extinctie door LIP vulkanisme → CO2
& vorming van de siberische trappen
bijna totale uitroeiing van het marien leven door snelle injectie van CO2 in de oceanen en atmosfeer → verzuring en broeikaseffect
is ook het einde van pangea
mesozoïcum
trias
jura
krijt
trias en jura
opkomst van de dinosauriërs → domineren het land voor 180my
poten onder hun lichaam ipv ernaast
warmbloedig, uit reptielen
nog steeds warme periode
nieuwe families dieren → vogels en zoogdieren → vullen niches in van uitgestorven organismen
ook schildpadden
eerste vliegende dieren → reptielen : pterodactylus
→ vogels : archaeopterix
in de oceanen nieuwe predator: plesiosaurus (heeft vinnen)
ook nieuwe koralen
landplanten: gymnospermen
laat trias → 4e extinctie → verdwijning van 70% van alle soorten door vulkanisme
krijt
heel warm + dominantie van de oceanen
opening van de atlantishce oceaane + het tethysdomein bereikt haar maximale grootte
oceanisceh circulatie zorgt ervoor dat de warmte in de (sub)tropische zone blijft
→ Eu warm ondiep water → sedimentait en planktonische organismen → krijtkliffen
nieuwe vissen: met krote kaken, schubben, een symmetrische staart en gespecialiseerde vinnen
piek periode voor de dino’s → sociaal gedrog: grazen in kuddes of werken samen om een prooi te vongen
zoogdieren → grotere hersenen en gespecialiseerde tanden
K/Pg extinctie
door meteorietinslag in het Yucataneiland
→ fallout / nucleaire winter → 40%van de genera zijn weg
heel veel stof, as en aerosols
zonlicht voor maanden geblokkeerd
→ afkoeling
verlies van de ozonlaag voor enkele decennia en verzuurd water door de zwavelhoudende aerosols
verstoring van de voedselketen en dan ook nog opwarming door CO2
cenozoïcum
evolutie van walvissen → terugkeer naar de oceaan
diversificatie van foraminiferen en kalkschalig nanoplankton
reuzenhaaien: carcharadon megalodon
planten: angiospermen (bedektzadigen) vruchten en grassen → herbivoren passen zich aan / evolutie naar vleesetende zoogdieren
vogels als resten van dino’s
reuzezoogdieren: mammoeten, grote bevers, gigantische luiaards
ca 10.000 jaar geleden door de mens uitgestorven
de mens
4Ma australopithecus afarensis
2.4 ma homo habili
1.6 ma homo erectus
500 ka neanderthaler en homo sapiens → migratie naar eurazie
mens is de enige diersoort die zelf actief zijn omgeving gaat veranderen
6e extinctie
8.000 jaar geleden de landbouw
begin 19e eeuw explosie van populatie en ecologsche voetafdruk / stijging van de atmosferische CO2 door land en bosbouw en industrialisatie → koolstofreservoirs geopend en na WOII een enorme toename aan CO2
global change
klimaatgordels gaan verschuiven, gletsjers gaan smelten, meer rampen
oceanische circulatie en ventilatie komen in gevaar
→ oplossing:
drastische vermindering CO2 productie
bevordering CCS: carboncapture and sequestration
technosfeer
hermodelleren van de aarde en druk op het leefmilieu
definitie van leven
geordende structuur van cellen
chemische blauwdruk( DNA)
reactie op omgeving
verbruik van energie (metabolisme)
groei en reproductie
venus
zit in vorm van archeaan
heel dichte atmosfeer vol CO2
mars
bijna geen CO2 → koud en doods
stilgevallen kernconvectie dus geen beschermende magneetveld
europa
maan van jupiter
ijsplaneet
heeft een magnetisch veld en ooko de juiste chemische componenten voor leven
water
atmosferische zuurstof
ijsplatentektoniek
Titan
maan van saturnus
N2atmosfeer
water
druk: 1.5 bar
temp = 93K
organische bestanddelen
waterijs, koolwaterstoffe en cryovulkanisme
geen zonlicht → geen fotosynthese
misschien wel chemosynthese?
hadeaan kort
magmaoceaan met toxische atmosfeer en afkoeling → waterdamp
1ste atmosfeer
vorming van korst
eoarcheaan kort
oersoep
eerste chemosynthetisch leven diep in de oceaan
archeaan kort
protocontinenten
fotosynthese
2e atmosfeer
ichnofossielen
cynaobacterie
proterozoïcum kort
kratons
Great oxygenation event → BIF
3e atmosfeer
aeroob leven & lichaamsfossielen
neoproterozoïcum kort
moderne atmosfeer
rodinia
10% O2
cryogeniaan → extinctie
ediacaraan → radiatie
cambrische explosie kort
paleozoïcum
enorme radiatie
exoskeletten
gidsfossielen
GOBE kort
Great ordovician biodiversification event
radiatie
suspensie-eters
kaakloze vissen
cephalopoda
rifbouwers
primitieve landplanten
1ste fanerozoïsche extinctie aan het einde van het ordovicium
siluur kort
vaatplanten
gidsfossiel: trilobieten
devoon kort
planten met wortels
progymnospermen
helder water → rifbouwers
moeraswouden
arthropoda, kaakvissen en kraakbeenvissen
einde → 2e extinctie door glaciatie van gondwana
carboon kort
moeraswouden
radiatie van amfibieën, ontstaan van reptielen
perm kort
landplanten → koolwouden
3e extinctie door LIP vulkanisme en CO2
trias en Jura kort
dino’s
vogels en zoogdieren
vliegende dieren
4e extinctie door vulkanisme
krijt kort
opening atlantisch domein
krijtkliffen
nieuwe vissen
leuke periode voor de dinos
evolutie van zoogdieren
K/PG extinctie kort
meteoriet inslag op yucataneiland
cenozoïcum
walvissen
reuzehaaien en reuzezoogdieren
angiospermen en vruchten
evolutie van de mens
eerste extinctie
cryogeniaan (neoproterozoïcum)
sneeuwbalaarde
1ste fanerozoïsche extinctie
eind ordovicium door 2 korte ijstijden
2e fanerozoïsche extinctie
eind devoon
door glaciatie van gondwana
3e fanerozoïsche extinctie
Perm
door LIP vulkanisme en CO2
4e fanerozoïsche extinctie
laat Trias
door vulkanisme
5e fanerozoïsche extinctie
K/Pg
meteorietinslag