histologie termen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/142

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 4:04 PM on 7/19/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

143 Terms

1
New cards

Diapedese

Het uittreden van witte bloedcellen door de wand van een haarvat heen, bijvoorbeeld tijdens een ontsteking.

2
New cards

Tropocollageen

Tropocollageen ontstaat door het afsplitsen van een eindstukje van procollageen door procollageenpeptidase. Deze moleculen vormen een 3-voudige helix en zijn de basis van collageen.

3
New cards

Tropomyosine

Tropomyosine stabiliseert actinefilamenten. Het bevindt zich in de groeve van de dubbele helix en strekt zich uit over 7 G-actine monomeren.

4
New cards

Stria vascularis

De stria vascularis ligt op de mediale zijde van het ligamentum spirale in de scala media. Het is opgebouwd uit meerdere cellagen, met kubische cellen die veel microvilli bevatten en verantwoordelijk zijn voor de productie van endolymfe.

5
New cards

Cel van Purkinje

Dit zijn de grootste cellen in het cerebellum, met een peervormig cellichaam en een dendrietenboom die in sagittale richting uitbreidt. Ze vormen de Purkinjecellaag.

6
New cards

Stratum granulosum

Dit is een dunne laag cellen in de epidermis boven het stratum spinosum. Het bevat keratohyaliene korrels en membrane-coating granules, die helpen bij de aggregatie van tonofilamenten.

7
New cards

Orthochromatofiele erythroblast

De laatste kernhoudende fase van erythrocytopoëse met een excentrisch gelegen, pycnotische kern en een diameter van 8-10 µm.

8
New cards

Promyelocyt

De promyelocyt is een grote cel in de granulocytopoëse, met een ronde of niervormige kern en basofiel cytoplasma, en bevat azurofiele granula.

9
New cards

Botmanchet

Osteoblasten scheiden een laagje botmatrix af rond de diafyse, wat als intramembraneuze botvorming wordt beschouwd.

10
New cards

Celhof

Het celhof of territoriale matrix is het gebied rondom de lacunes, rijker aan glycosaminoglycanen en armer aan collageen.

11
New cards

Myeloblast

De myeloblast is het 3e stadium van granulocytopoëse met een ovoide tot ronde vorm, een doormeter van 10-15 µm en een licht basofiel cytoplasma.

12
New cards

Stratum lucidum

Gelegen in dikke, haarloze huid, zichtbaar als een heldere band boven het stratum granulosum, met sterk verhoornde cellen.

13
New cards

Vater pacchini

In de diepere hypodermis bevinden zich de lichaampjes van Vaterpacchini, grote structuren verantwoordelijk voor de waarneming van snelle vibraties.

14
New cards

Spinning desk microscopie

Een microscopietechniek waarbij de pinhole apertuur wordt vervangen door een geperforeerde roterende schijf, wat continue beeldverwerking mogelijk maakt.

15
New cards

Lensvezel

Lensvezels zijn gemodificeerde epitheelcellen die zich vermeerderen en verlengen naar lenscellen.

16
New cards

Reticulocyt

Onvolgroeide erythrocyten die ongeveer 1% van de rode cellen uitmaken en RNA en celorganellen bevatten.

17
New cards

Calmoduline

Calmoduline wordt geactiveerd in gladde spiercellen wanneer de intracellulaire Ca2+ concentratie stijgt, en speelt een rol in spiercontractie.

18
New cards

Macula utriculi

Maculae zijn afgeplatte blaasjes gevuld met endolymfe, met haarcellen die verantwoordelijk zijn voor het detecteren van positie in de zwaartekracht.

19
New cards

Cel van Müller

Cellen van Müller verbinden de plasmamembranen van staafsegmenten in de retina, waar ze uitlopers smelten om een membraan te vormen.

20
New cards

Hyponychium

Een structuur onder de vrije boord van de nagel, gevonden aan de uiteinden van vingers en tenen, die het nagelbed verbindt met de nagelplaat.

21
New cards

Kanaal van Volkmann

Kanalen die de kanalen van Havers met elkaar verbinden en bloed- en lymfevaten bevatten.

22
New cards

Centro-acinaire cellen

Spoelvormige cellen in de exocriene pancreas die bicarbonaat afscheiden in reactie op secretine.

23
New cards

Syndesmose

Stevig bindweefsel dat het beenweefsel van botstructuren verbindt, zoals bij de suturae.

24
New cards

Glasmembraan

De voortzetting van de basale membraan van de epidermis waar het epitheel van de haarfollikel op rust.

25
New cards

Sacculus

Een onderdeel van het vestibulum dat open is naar het middenoor en in verbinding staat met de semicirculaire kanalen.

26
New cards

Kenmerken interferentiemicroscopie

Gebruikt voor fasecontrast bij dikkere preparaten en grote brekingsindexverschillen, met een 3D-effect.

27
New cards

Golgi cel

Golgi cellen in de korrellaag vertakken zich in de moleculaire laag en hebben een belangrijke rol in het cerebellum.

28
New cards

Kernkettingvezel

Spiercellen waarin de kernen in een rij liggen in het centrale gebied.

29
New cards

Stratum spinosum

Het laagje boven het stratum basale waar keratinocyten tot tonofibrillen bundelen, verbonden door desmosomen.

30
New cards

Calcitonine

Een hormoon geproduceerd in de schildklier dat de calciumspiegels in het bloed verlaagt.

31
New cards

Paraplucel

De meest oppervlakkige laag van het overgangsepitheel bestaande uit cellen die meerdere onderliggende cellen bedekken.

32
New cards

Cel van Merkel

Merkelcellen zijn betrokken bij de tastzin en bevinden zich dicht bij zenuwuiteinden in de epidermis.

33
New cards

Kenmerken fasecontrastmicroscopie

Techniek waarbij kunstmatige helderheidsverschillen ontstaan door faseverschillen, nuttig voor het bekijken van levende cellen.

34
New cards

m. arrector pilli

Glad spierweefsel dat bij contractie de haren doet oprichten, wat isolatie biedt.

35
New cards

Haarcel

Zintuigreceptoren in het gehoor- en evenwichtsorgaan, met stereocilia op het apicale oppervlak.

36
New cards

Desmale botvorming

Directe vorming van botweefsel vanuit primitief bindweefsel, bekend als intramembraneuze verbening.

37
New cards

Dense bodies

Structuren in gladde spiercellen die het equivalent zijn van Z-schijven in andere spiercellen.

38
New cards

Metamyelocyt

Een stadion in de granulocytopoëse met een boonvormige kern en heterochromatine.

39
New cards

Fixatie

Een proces dat het metabolisme van cellen stopt en de structuur voor verdere behandelingen vastlegt.

40
New cards

Plan apo

Correcties in het objectief die lensfouten helpen te minimaliseren.

41
New cards

Antigeniciteit

Het vermogen van een organisme om immuniteit te ontwikkelen.

42
New cards

Condensor

Het element dat het licht op het preparaat bundelt, bepalend voor de kwaliteit en resolutie.

43
New cards

Objectief

Het onderdeel dat de vergroting bepaalt en een tussenbeeld vormt.

44
New cards

Oculair

Verantwoordelijk voor vergroting en projectie van het beeld op de retina.

45
New cards

Resolutie

Het oplossend vermogen, de kleinste afstand tussen 2 zichtbare punten.

46
New cards

Axonema

De structuur van microtubuli in flagellen of cilia, typisch 9x2 + 2.

47
New cards

Membrane coating granules

Granulaten in cellen van het stratum spinosum met lipidenrijke inhoud, ook wel Odland bodies.

48
New cards

Corneocyten

Dode hoorncellen die ontstaan vanuit keratinocyten tijdens de overgang naar stratum corneum.

49
New cards

Keratinisering

Het proces van opstapeling van keratinefilamenten in cellen.

50
New cards

Glycoproteïnen

Complexen van eiwitten en koolhydraten, essentieel voor cel-interacties.

51
New cards

Proteoglycanen

Moleculen in de extracellulaire matrix die glycosaminoglycanen binden aan een kerneiwit.

52
New cards

Perichondrium

Dicht bindweefsel dat kraakbeen bijna volledig omsluit.

53
New cards

Intersistiële groei

Deling van chondrocyten met daaropvolgende matrixafzetting.

54
New cards

Appositionele groei

Chondroblasten aan de rand van kraakbeen die nieuwe matrix afzetten.

55
New cards

Periost

Bindweefselvlies aan de buitenkant van het bot.

56
New cards

Endost

Bedekking van de holten aan de binnenzijde van het bot, rijk aan osteoprogenitorcellen.

57
New cards

Osteoblasten

Cellen die verantwoordelijk zijn voor de vorming van botweefsel.

58
New cards

Osteocyten

Volwassen botcellen die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van botweefsel.

59
New cards

Osteoclasten

Cellen die botweefsel afbreken tijdens het proces van botremodellering.

60
New cards

Lacunes van Howship

Holten waarin osteoclasten zich bevinden na matrixresorptie.

61
New cards

Parallelle lamellen

Lagen van botmatrix waarin collagene vezels spiraalsgewijs lopen.

62
New cards

Osteonen/ Systemen van Havers

Cilindervormige eenheden van compact bot, bestaande uit lamellen en omgeven door een kitlijn.

63
New cards

Generale lamellen

Lamellen die evenwijdig lopen aan het botoppervlak, aan de periost en endost grens.

64
New cards

Intersistiële eenheden

Overblijfsels van afbraak van osteon lamellen die ruimte tussen osteonen vullen.

65
New cards

Osteomalacie

Onvolledige verkalking van recent gevormd botweefsel.

66
New cards

Osteoporose

Verhoogd aantal osteoclasten veroorzaakt door oestrogeentekort, wat leidt tot botafbraak.

67
New cards

Osteopetrose

Verminderde osteoclastactiviteit die leidt tot overmatige botgroei en verharding.

68
New cards

Symphysis

Vezelig bindweefsel dat kraakbeenkappen aan botweefsel verbindt.

69
New cards

Triade

Structuur bestaande uit een T-tubulus met aan weerszijden een sarcoplasmatisch reticulum.

70
New cards

Sarcomeer

De functionele eenheid van spiervezels, bestaande uit isotrope en anisotrope banden.

71
New cards

Creatinekinase

Een enzym dat de overdracht van fosfaatgroepen van fosforcreatine naar ADP katalyseert.

72
New cards

Actine

Eiwit waaruit de meeste microfilamenten in spiercellen zijn opgebouwd.

73
New cards

Tropomyosine

Stabiliseert actinefilamenten, gelegen in de groeve van de dubbele helix.

74
New cards

Tredmolenproces

Evenwicht tussen de dissociatie van actine monomeren van het min-uiteinde en toevoeging aan het plus-uiteinde.

75
New cards

Cytochalasine

Verbonden aan het plus-uiteinde en verhindert het verlengen van actinefilamenten.

76
New cards

Phalloidine

Bindt sterk aan actine en voorkomt dissociatie.

77
New cards

Troponine

Een component van dunne filamenten in dwarsgestreept spierweefsel die betrokken is bij spiercontractie.

78
New cards

Ryardodinereceptoren

Calciumkanalen in spier- en zenuwcellen, genoemd naar de stof ryanodine.

79
New cards

Proprioreceptie

Het vermogen van het lichaam om de positie en beweging van lichaamsdelen waar te nemen.

80
New cards

Peeslichaampjes van golgi

Proprioreceptieve receptoren nabij de overgang van spierweefsel naar pees.

81
New cards

Synctium

Een cel of weefsel met meerdere kernen, bijvoorbeeld dwarsgestreepte spiercellen.

82
New cards

Caveolae

Ondiepe instulpingen in gladde spiercellen.

83
New cards

Calmoduline

Activatie door calciumionen leidt tot activering van myosine-light chain kinase, cruciaal voor contractie.

84
New cards

Telodendron

Het sterk vertakte distale uiteinde van een axon dat impulsen overdraagt.

85
New cards

Synaps

De plaats waar neuronen communiceren of contact hebben met effectorcellen.

86
New cards

Depolarisatie

Verandering in membraanpotentiaal waardoor de potentiaal positiever of minder negatief wordt.

87
New cards

Hyperpolarisatie

Het ongevoeliger maken van een zenuwcel door het openen van chloorkanalen.

88
New cards

Neuromodulatoren

Stoffen die de respons van neuronen beïnvloeden via een second messenger systeem.

89
New cards

Mesaxon

Het gedeelte tussen het axon en de Schwanncel.

90
New cards

Stercellen

Kleine cellen in het cerebellum met een remmende invloed op Purkinjecellen.

91
New cards

Korfcellen

Cellen in het cerebellum met axonen die een netwerk vormen rond Purkinjecellen.

92
New cards

Korrelcellen

Kleine neuronen die bijdragen aan het korrelig aspect van de korrellaag.

93
New cards

Golgicellen

Cellen in de korrellaag van de kleine hersenen met een uitgebreid axonaal netwerk.

94
New cards

Glomerulus

Een structuur gevormd door axonen van golgicellen met mosvezels en dendrieten van korrelcellen.

95
New cards

Plexus choroideus

Uitstulpingen van pia mater met veel instulpingen.

96
New cards

Endoneurium

Netwerk van bindweefsel rond individuele zenuwvezels.

97
New cards

Epineurium

Een laag van stevig bindweefsel die zenuwbundels samenbindt.

98
New cards

Ganglia

Opeenhopingen van zenuwcellen buiten het centrale zenuwstelsel.

99
New cards

Preganglionaire zenuwvezels

Zenuwvezels die voor een synaps naar ganglia leiden in het autonome zenuwstelsel.

100
New cards

Postganglionaire zenuwvezels

Zenuwvezels die signalen naar effectoren leiden in het autonome zenuwstelsel.