1/123
vocabulaire
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
l’abonnement
het abonnement
l’activité
de activiteit
l’avantage
het voordeel
la bibliothèque
de bibliotheek
la communication
de communicatie
le développement
de ontwikkeling
l’inconvénient
het nadeel
l’interview
het interview
la lettre
de brief
le livre
het boek
le message
het bericht
le public
het publiek
le public cible
de doelgroep
amusant(e)
prettig
bête
dom
intéressant(e)
interessant
libre
vrij
nul, nulle
stom
l’appli
de app
le clic
de klik
l’internaute
de surfer
le lien
de link
le mot de passe
het paswoord
le moteur de recherche
de zoekmachine
le nom d’utilisateur
de gebruikersnaam
la notification
de melding
les TIC
de ICT
numérique
digitaal
avoir accès à
toegang hebben tot
adorer
dol zijn op
aimer
houden van
communiquer
communiceren
écouter
luisteren
entendre
horen
lire
lezen
parler de
spreken over
prendre un abonnement
een abonnement nemen
réfléchir
nadenken
regarder
kijken
s’abonner
zich abonneren
s’adresse à
zich richten tot
se souvenir de
zich herinneren
s’intéresser à
zich interesseren voor
cliquer
klikken
éteindre l’ordinateur
de computer uitzetten
installer
installeren
naviguer
surfen
sauvegarder
bewaren
se connecter
zich aanmelden
se débrouiller
zich uit de slag trekken
se déconnecter
zich afmelden
taper
intikken
télécharger
downloaden
l’évènement
het evenement
le fait divers
het nieuwsfeit
l’information
de informatie
le/la journaliste
de journalist, de journaliste
le monde
de wereld
la politique
de politiek
les sports
de sport
la vedette
de vedette
international(e)
internationaal
local(e)
lokaal
national(e)
nationaal
régional(e)
regionaal
être à la recherche de
op zoek zijn naar
informer
informeren
mentir
liegen
oser
durven
se concentrer
zich concentreren
se tromper
zich vergissen
suivre l’actualité
op de hoogte blijven van de actualiteit
zapper
zappen
à propos de
in verband met
la chaîne
de zender
l’écran
het scherm
l'émission
de uitzending
l’image
het beeld
l’info trafic
de verkeersinformatie
le journal télévisé
het journaal
le présentateur, la présentatrice
de presentator, de presentatrice
la radio
de radio
le speaker, la speakerine
de omroeper, de omroepster
le technicien
de technicus
la télé
de tv
la télécommande
de afstandsbediening
le volume
het volume
augmenter le son
de klank luider zetten
baisser le son
de klank stiller zetten
écouter les nouvelles
naar het nieuws luisteren
enregistrer
opnemen
présenter
presenteren
regarder les informations
naar het nieuws kijken
la pub
de reclame
retenir
onthouden
la casque
de hoofdtelefoon
la session
de sessie
jouer à un jeu vidéo
een videospel spelen
la batterie
de batterij
le chargeur
de lader