Psychologie II (derde en vierde kennisclip)

0.0(0)
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/37

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Study Analytics
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced

No study sessions yet.

38 Terms

1
New cards

Temperament

een individuele reactie wijzen die al op heel jonge leeftijd kan zien, die al in de aanleg is gegeven

2
New cards

Wat onderzochten Thomas en Chess (1977)

Hoe kinderen rond drie maand reageren door te observeren en interviews met ouders

3
New cards

Kenmerken van temperament zelf

  • relatief stabiel in de tijd

  • Grotendeels erfelijk

4
New cards

Wat kwam er uit het onderzoek van Thomas en Chess (1977)

Op basis van de interviews onderscheiden hun negen temperament kenmerken waarop elk individueel gescoord kan worden

5
New cards

Wat zijn de vijf belangrijkste temperamenten waar kinderen individueel op gescoord kunnen worden

  1. Regelmaat

  2. Stemming

  3. Aanpassing

  4. Toenadering en terugtrekking

  5. Intensiteit

6
New cards

Regelmaat (temperament)

De voorspelbaarheid van eet, slaap en ontlasting gewoonten van het kind

7
New cards

Stemming (temperament)

Opgewekte en vriendelijke reacties vs onvriendelijk en onaangename reacties

8
New cards

Aanpassing (temperament)

Het gemak of de moeite hoe een kind zich aan een nieuwe situatie aanpast

9
New cards

Toenadering en terugtrekking (temperament)

Positief of negatieve wijze hoe het kind nieuwe prikkels reageert

10
New cards

Intensiteit (temperament)

Het energieniveau van het kind zowel positief als negatief

11
New cards

Welke drie temperament patronen kwam uit het onderzoek van Thomas en Chess (1977)

  1. Het moeilijke kind 10%

  2. Het gemakkelijke kind 40%

  3. De langzamer starten 10/15%

12
New cards

Goodness of fit is van belang wat houd dit in

Een bepaalde klik tussen de ouder en het kind bijvoorbeeld

13
New cards

Risico factoren

  • moeilijke temperament

  • Laag ik IQ

  • Zwakke gezondheid

  • Prematuriteit (te vroeg geboorte)

  • Lage geboortegewicht

  • Zwangerschaps complicaties

  • Genetische afwijking

  • Instabiel gezin

  • Echtscheiding

  • Lage SES

  • Gebrekkig sociaal netwerk

  • Etniciteit

14
New cards

Beschermende factoren

  • makkelijk temperament

  • Hoog IQ

  • Gezond

  • Humor

  • Veilige hechting

  • Warme gezinsrelatie

  • Stabiel huwelijk

  • Redelijk het hoge SES

  • Opleidingsniveau van de ouder

  • Breed stabiel sociaal netwerk

15
New cards

Big five

Model wat persoonlijkheid kan omschrijven

= universeel

16
New cards

De big five verwijst naar vijftal persoonlijkheidsdimensies welke zijn dit

  1. extraversie

  2. Vriendelijkheid

  3. Geweten volheid

  4. Emotionele stabiliteit

  5. Ideeën rijker dom

17
New cards

Hoeveel procent van de kinderen beschrijving vallen onder de big five

75 tot 85%

18
New cards

Wat dacht men vroeger over gehechtheid?

Hechting ging voornamelijk over voeding. Kinderen hechten zich aan de persoon van wie ze voeding krijgen, want daarvan zijn ze afhankelijk.

19
New cards

Welk onderzoek bewijst het tegendeel van wat men vroeger dacht over gehechtheid

Het onderzoek van Harlow

20
New cards

Wat was het onderzoek van Harlow (1985)

Hij experimenteerde met aapjes.

→ gaat het aapje eerder naar de warme/zacht/stoffen moeder of naar de ijzeren moeder die voeding geeft??

21
New cards

Wat was de uitslag van het onderzoek van Harlow (1958)

80% van het aapje bij de stoffen moeder en daarnaast krijgt hij de voeding van de ijzeren moeder

22
New cards

Wat veroorzaakt een tekort aan veilige hechting

Emotionelestoornissen

23
New cards

Hechtingstheorie van Bowlby

Basis van de hechtingstheorie die is gebaseerd op de evolutietheorie dus waarbij hechting bedoeld is als overlevingsmechanisme

24
New cards

Gezonde hechting is de basis voor

  • Exploratiegedrag als kind en latere zelfstandigheid

  • Het vermogen om wederkerige affectieve relaties aan te gaan

25
New cards

Gehechtheid

Onbedwingbare neiging bij ieder mensenkind om de nabijheid te zoeken van een beschermende volwassene in tijden van angst, spanning, honger, of verdriet.

26
New cards

0-5 maanden (ontwikkeling van gehechtheid)

Gehechtheid nog niet aanwezig

27
New cards

5-7 maanden (ontwikkeling van gehechtheid)

het kind heeft hechting voorkeur voor Ă©Ă©n of enkele vertrouwde opvoeders

28
New cards

7-12 maanden (ontwikkeling van gehechtheid)

Sterke voorkeur voor de gehechtheidsfiguur

29
New cards

1-4 jaar (ontwikkeling van Gehechtheid)

Scheidingsangst neemt af

30
New cards

Vanaf 4 jaar (ontwikkeling van gehechtheid)

Hechtingsgedrag neemt af

31
New cards

Waarvoor is het vereende situatie experiment van Ainsworth gebruikt?

Om een indeling te maken in het type hechting

32
New cards

Welke vier types van hechting zijn er

  1. type A

  2. Type B

  3. Type C

  4. Type D

33
New cards

Type A

  • onveilige gehecht

  • Meer exploratiegedrag

  • Vooral exploratie, ook tijdens afwezigheid van verzorger en eigenlijk ook niet bij terugkeer van verzorger

  • Circa 20%

34
New cards

Type B

  • veilig gehecht

  • In evenwicht (hechting en exploratiegedrag)

  • Eerst exploratie, dan stress bij afwezigheid verzorger, hechtingsgedrag bij terugkeer verzorger en daarna weer hervatten van exploratie

  • Circa 70%

35
New cards

Type C

  • Onveilig ambivalent gehecht

  • Meer hechtingsgedrag

  • Vooral hechtingsgedrag, weinig exploratiegedrag, hevige stress bij afwezigheid verzorger, ambivalent hechtingsgedrag bij terugkeer verzorger (boosheid en klampen), nauwelijks of geen hervatten exploratie

  • Circa 10%

36
New cards

Type D

  • gedesorganiseerd gehecht

  • Hechting en exploratiegedrag treden tegelijkertijd op → kortsluiting

  • Tegenstrijdig gedrag als resultaat van kortsluiting. Bijvoorbeeld verstarren, stereotiep gedrag en hevige angstreactie

  • Circa 15%

37
New cards

Anders dan gemiddeld (gehechtheid )

  • Leeftijd (zo jong mogelijk hechten, verminderd de kans op ruis)

  • Reactieve hechtingsstoornis (veel ouder zijn of emotioneel beschadigd)

  • worstelen met vinden van identiteit

  • Het adoptiekind, onderzoekers besteden veel aandacht aan de gehechtheid van geadopteerde kinderen en hun adoptieouders

38
New cards