Leven en werken in de stad gesch.

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/21

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 12:26 PM on 6/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

22 Terms

1
New cards

Hoe creëerde de boeren meer landbouw?

  1. bossen, heide en overstromingsgebied ontginnen.

  2. te migreren naar West-Europa ook daar te ontginnen.

2
New cards

Vooruitgang landbouw:

  1. sterkere materiaal: ijzer i.p.v. hout.

  2. verbeterde landbouw technieken

  3. ontginnen

3
New cards

Open landbouwsamenleving

  1. overschotten → verkoop markt

  2. beroepsspecialisatie → ambachten

4
New cards

Negatieve gevolgen groei:

  1. minder constructie hout

  2. brood zeer duur: een zijdige voeding.

5
New cards

plattenland:

bevolkingsgroei → ontginning → betere werktuigen en organisatie → landbouw overschotten → beroepsspecialisatie.

6
New cards

Stad lokale handel:

schoenen, brood, kleding, werktuigen, vlees, gedroogde vis, leer.

7
New cards

Regionale handel import:

Graan, groente, hout, ijzer, riet, steen, vee, wol.

8
New cards

Regionale handel export:

kleding, schoenen, werktuigen.

9
New cards

Langeafstandshandel:

Import: Specerijen, zijde. Export: lakens.

10
New cards

Welke standen zijn er?

Clerus, Adel en de Derde stand.

11
New cards

Wat doen ze voor elkaar?

Clerus bidt voor Adel, Adel beschermt Derde stand en Derde stand werkt voor Clerus. En omgekeerd.

12
New cards

Stand, leden taak:

Clerus geestelijke bidden.

Adel edellieden beschermen

Derde stand boeren werken.

13
New cards

Wat zijn patriciërs?

De elite.

14
New cards

Wie zijn de ambachtslui?

Ambachtslui waren vakmensen in de middeleeuwen (bv. bakkers, smeden, wevers)

15
New cards

Wat is solidariteit?

Solidariteit betekent dat mensen elkaar helpen binnen een groep, bv. ambachtslui die elkaar steunen bij ziekte, werkverlies of problemen.

16
New cards

Wie waren de dagloners?

Dagloners waren arme arbeiders die per dag betaald werden, geen vast werk hadden en vaak het zwaarste, minst betaalde werk deden.

17
New cards

Wie waren de marginalen?

Marginalen waren mensen die aan de rand van de samenleving leefden: bedelaars, zwervers, zieken, mensen zonder werk of zonder vaste woonplaats.

18
New cards

Eerste middeleeuwen sociale ongelijkheid:

drie standen

  1. clerus

  2. adel

  3. de derde stand → boeren

= standenmaatschappij

19
New cards

Tweede middeleeuwen sociale ongelijkheid:

Drie standen

  1. clerus

  2. adel

  3. de derde stand → boeren, patriciërs, ambachtslui, dagloners, marginalen.

= standenmaatschappij

20
New cards

Waarom Brugge in de 14de eeuw het handelsknooppunt van West-Europa werd.

Handel kwam vanuit Italië, Engeland en het noorden over zee Brugge en werd door verhandeld.

21
New cards

Wat is geldeconomie?

Een geldeconomie in de geschiedenis betekent dat mensen niet langer ruilen maar vooral met munten betalen voor goederen en diensten.

22
New cards

Wat betekent Maritieme?

Handel over de zee.