Economie begrippen h3

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/20

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 8:33 AM on 9/17/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

21 Terms

1
New cards

Aanbodlijn

Een lijn die het verband tussen de prijs van een product en de aangeboden hoeveelheid van dat product weergeeft.

2
New cards

Afzet

De hoeveelheid verkochte producten in een bepaalde periode.

3
New cards

Break-evenafzet

De afzet waarbij geen winst en geen verlies wordt gemaakt.

4
New cards

Break-evenomzet

De omzet waarbij de winst precies nul is. Break-evenomzet = break-evenafzet × verkoopprijs.

5
New cards

Ceteris paribus

Als de overige omstandigheden gelijk blijven.

6
New cards

Collectieve aanbodlijn

Een lijn die het verband weergeeft tussen de prijs en de totaal aangeboden hoeveelheid van alle aanbieders. Dit is de optelling van alle individuele aanbodlijnen.

7
New cards

Constante kosten

Kosten die niet veranderen als er meer of minder wordt verkocht of geproduceerd.

8
New cards

Consumentenprijs

De verkoopprijs vermeerderd met btw en andere prijsverhogende belastingen.

9
New cards

Gemiddelde opbrengst (GO)

De opbrengst per verkocht product.

10
New cards

Gemiddelde totale kosten (GTK)

De totale kosten per eenheid product.

11
New cards

Gemiddelde winst (GW)

De winst per product. GW = GO - GTK.

12
New cards

Individuele aanbodlijn

Een lijn die het verband weergeeft tussen de prijs van een product en de aangeboden hoeveelheid van één aanbieder.

13
New cards

Marginale kosten (MK)

De extra kosten als er één eenheid product meer wordt geproduceerd en verkocht.

14
New cards

Marginale opbrengst (MO)

De extra opbrengst als er één eenheid product meer wordt geproduceerd en verkocht.

15
New cards

Marginale winst (MW)

De extra winst als er één eenheid product meer wordt geproduceerd en verkocht. MW = MO - MK.

16
New cards

Producentensurplus

Het verschil tussen de feitelijke marktprijs en de minimale prijs die producenten willen ontvangen om de extra kosten te dekken.

17
New cards

Totale kosten (TK)

De totale variabele kosten (TVK) + totale constante kosten (TCK). TK = TVK + TCK.

18
New cards

Totale opbrengst (TO)

De afzet × verkoopprijs. TO = p × q.

19
New cards

Totale winst (TW)

De totale opbrengst (TO) - totale kosten (TK). TW = TO - TK.

20
New cards

Variabele kosten

Kosten die veranderen als er meer of minder wordt verkocht of geproduceerd.

21
New cards

Verkoopbereidheid

De minimale prijs die een producent wil ontvangen voordat hij bereid is het product te verkopen.