1/15
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Mono-amine theorie, waarop veel therapieën gebaseerd zijn
Depressie wordt veroorzaakt door verminderde activiteit van centrale noradrenerge en/of serotonerge systemen
Therapeutisch doel behandeling depressie
Symptomen/lijden verminderen vanaf 4-6 weken & herstel van het functioneren
Niet-medicamenteuze behandeling depressie
Dag structurering en activiteitenplanning
Kortdurende psychologische behandeling
Psychotherapie
Korte termijn: psychotherapie = antidepressiva
Lange termijn: psychotherapie > antidepressiva
Leg uit dat bij antidepressiva pas na 4-6 weken effect merkbaar is, maar dat de bijwerkingen wel direct optreden.
Medicamenteuze behandeling depressie volwassenen
Antidepressiva zijn geïndiceerd bij (matig)-ernstige episode of depressie met melancholische of psychotische kenmerken
Doseringen in tabel 5.1 richtlijnendatabase
SSRI: voorkeur voor citalopram, sertraline, escitalopram of fluoxetine
Na 4-6 weken onvoldoende respons: verhoog dosering of probeer 2e SSRI of SNRI/agomelatine/buproprion/mirtazapine/vortioxetine
Wisselen van escitalopram naar citalopram en vice versa is niet zinvol.
Bij gedeeltelijke respons kan behandelperiode verlengd worden tot max. 10 weken.
Verwijzen naar specialistische GGZ
Als pt een eerdere positieve ervaring met een ander antidepressivum heeft, schrijf dit dan weer voor, tenzij nieuwe contra-indicatie.
Bij remissie:
Na eerste episode 6 maanden doorbehandelen na remissie
Na recidief minstens 1 jaar doorbehandelen na remissie

Medicamenteuze behandeling depressie ouderen (>60 jaar)
(es)citalopram, sertraline, duloxetine (SNRI) of mirtazapine
Na 4-6 weken zonder respons overstappen naar ander middel van de eerste stap of een andere SSRI.
Medicamenteuze behandeling depressie kinderen
Fluoxetine of citalopram, bij kinderen >8 jaar. Gecombineerd met CGT.
Bij non-respons gedurende 6 weken wisselen/overgaan op ander middel: sertraline, citalopram of fluoxetine. Gecombineerd met CGT.
Medicamenteuze behandeling psychotische depressie
1a. SSRI/SNRI + atypisch antipsychoticum
1b. TCA + atypisch antipsychoticum
Controle
Na start antidepressiva 1-2 wekelijkse controles over beloop klachten en eventuele bijwerkingen
Na 4-6 weken effect evalueren en evt. behandeling aanpassen
Daarna elke 2-3 maanden evaluatiemoment
Let bij jongvolwassenen (18-25 jaar) extra op de suïcidaliteit, wekelijks controleren 1e maand.
SSRI
o.a. citalopram, fluoxetine, sertraline
Werking: selectieve remming van de heropname van serotonine (5-HT)
Contra-indicaties: verlengde QT-tijd
Interacties:
NSAIDs: verhoogd risico op gastro-intestinale bloeding
Diuretica: verhoogd risico op hyponatriëmie
QT-verlengers: verhoogd risico op torsades des pointes
Serotonerge middelen: serotoninesyndroom
Alcohol: ontraad alcoholgebruik
Bijwerkingen (serotonerge symptomen):
maag-darmstoornissen: misselijkheid, braken, obstipatie
Seksuele disfunctie
Centrale bijwerkingen: hoofdpijn, angst, agitatie, rusteloosheid, slapeloosheid, slaperigheid, let op rijvaardigheid! rijveiligmetmedicijnen.nl
Hyponatriëmie (versterkt bij combi met thiazidediureticum)
Trombocytopathieën (bloedingen, interactie NSAID)
QT-verlenging
Interactie SSRIs en NSAIDs
Zorgt via twee mechanismen voor verhoogd bloedingsrisico
Serotonine: versnelt trombocytenaggregatie en vasoconstrictie (5-HT2A-receptoren)
SSRI’s remmen heropname van serotonine door trombocyten → verhoogd bloedingsrisico
Trombocyten zelf geen celkern, dus kunnen serotonine niet aanmaken maar moeten het opnemen, wordt geblokkeerd door SSRI
Prostaglandines → bescherming maagslijmvlies tegen maagzuur & stimuleren trombocytenaggregatie
NSAID’s remmen COX → remmen prostaglandines en trombocytenaggregatie door tromboxaan A2
Als combinatie toch nodig is, dan maagbeschermer toevoegen. Omeprazol (PPI) heeft interactie met citalopram. Beter sertraline voorschrijven.
Tricyclische antidepressiva (TCAs)
O.a. amytriptyline, nortriptyline
Werking: remming van de heropname van 5-HT en noradrenaline
SNRI doet dit ook maar met minder bijwerkingen. Wel sterkere ontwenningsverschijnselen.
Contra-indicaties: Direct na myocardinfarct
Interacties: serotonerge middelen, CZS dempende stoffen (alcohol), anti-hypertensiva
Bijwerkingen
Anti-cholinergisch: visus- en, accommodatiestoornissen, droge mond, mictiestoornissen, obstipatie, seksuele disfunctie, verwardheid
Minder bij nortriptyline dan amitriptyline → nortriptyline voorkeur bij ouderen
Anti-noradrenerg: orthostatische hypotensie, valneiging
Anti-histaminerg: sedatie en sufheid
Serotonerg: maag-darmstoornissen, hyponatriëmie, centrale bijwerkingen
Serotonine syndroom
Zeldzame, potentieel dodelijke bijwerking veroorzaakt door serotonerge hyperstimulatie
Bij combinatie > 2 serotonerge middelen: SSRIs, TCAs, MAO remmers, Tramadol, Lithium, Amfetaminen, Anti-emetica, Triptanen
Symptomen: Agitatie, tachycardie, autonome dysfunctie, tonus, tremoren, hyperreflexie, zweten, myoclonus, convulsies, hyperpyrexie (lichaamstemp >41 graden)
Behandeling: indien aanwezig serotonineantagonisten, anders benzodiazepines, en symptomen behandelen. En serotonerge middelen die worden gegeven stoppen.
Mirtazapine
Tetracyclisch antidepressivum
Werking: Stimuleert de afgifte van noradrenaline → de vuurfrequentie van de serotonerge neuronen verhoogt en de serotonineafgifte neemt toe. Sterke antihistaminerge werking (handig bij slaapstoornis); nagenoeg geen anticholinerge werking.
Bijwerkingen: slaperigheid, sedatie, hoofpijn, toename eetlust en gewicht, droge mond, let op rijvaardigheid!
Interacties: andere serotonerge middelen (serotonine syndroom), alcohol (versterkt effect), bloedverdunners (verlengde bloedingstijd)
Contra-indicatie: gelijktijdig gebruik met MAO-remmers
SNRI
O.a. duloxetine.
Werking: remt de heropname van serotonine (5HT) en noradrenaline (NA).
Bijwerkingen: misselijkheid, droge mond, slaperigheid, hoofdpijn
Interacties: o.a. serotonerge middelen (serotoninesyndroom)
Contra-indicaties: gestoorde leverfunctie, ongecontroleerde hypertensie
Zwangerschap
NIET stoppen met antidepressivum of wisselen tijdens zwangerschap. Dat verhoogt het risico op recidief depressie.
Voorkeur bij SSRI’s voor sertraline. 2e keuze citalopram.
Paroxetine liever niet tijdens zwangerschap.
Lactatie voorkeur antidepressivum
Voorkeur voor sertraline of paroxetine