Week 3 AIP 6.1-6.11 & 6.15-6.19 & 7.1-7.10 & 7.16-7.22

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/61

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 3:36 PM on 9/20/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

62 Terms

1
New cards

Leren

Een relatief blijvende gedragsverandering die voortvloeit uit ervaring

2
New cards

Niet-associatief leren

Reageren na herhaalde blootstelling aan één enkele prikkel of gebeurtenis

3
New cards


Associatief leren

Het koppelen van twee prikkels of gebeurtenissen die samen plaatsvinden

4
New cards

Sociaal leren

Het aanleren of veranderen van een gedrag na mondelinge instructie of na blootstelling aan een ander individu dat dat gedrag vertoont

5
New cards

Gewenning

Een afname van de gedragsreactie na herhaalde blootstelling aan een stimulus

6
New cards

Sensibilisatie

Een toename van de gedragsreactie na blootstelling aan een stimulus

7
New cards

Klassieke conditionering (Pavloviaanse conditionering)

Een vorm van associatief leren waarbij een neutrale stimulus een reactie gaat uitlokken wanneer deze wordt geassocieerd met een stimulus die die reactie al teweegbrengt

8
New cards

Ongeconditioneerde reactie (UR)

Een reactie die niet hoeft te worden aangeleerd, zoals een reflex

9
New cards

Ongeconditioneerde stimulus (US)

Een stimulus die een reactie opwekt, zoals een reflex, zonder dat er voorafgaand leren aan te pas is gekomen

10
New cards

Geconditioneerde reactie (CR)

Een reactie op een geconditioneerde stimulus; een reactie die is aangeleerd

11
New cards

Geconditioneerde stimulus (CS)

Een stimulus die pas een reactie opwekt nadat er leren heeft plaatsgevonden

12
New cards

Acquisitie

De geleidelijke vorming van een associatie tussen de geconditioneerde en de ongeconditioneerde stimulus

13
New cards

Extinctie

Een proces waarbij de geconditioneerde reactie verzwakt wanneer de geconditioneerde stimulus wordt herhaald zonder de ongeconditioneerde stimulus

14
New cards

Spontaan herstel

Wanneer een eerder uitgedoofde geconditioneerde reactie weer de kop opsteekt na het presenteren van de geconditioneerde stimulus

15
New cards

Rescorla-Wagner-model

Een cognitief model van klassieke conditionering; het stelt dat leren wordt bepaald door de mate waarin een ongeconditioneerde stimulus onverwacht of verrassend is

16
New cards

Stimulusgeneralisatie

Leren dat plaatsvindt wanneer stimuli die vergelijkbaar maar niet identiek zijn aan de geconditioneerde stimulus, de geconditioneerde reactie teweegbrengen

17
New cards

Stimulusdiscriminatie

Het onderscheid maken tussen twee vergelijkbare stimuli wanneer slechts één daarvan consequent wordt geassocieerd met de ongeconditioneerde stimulus

18
New cards

Operante conditionering (instrumentele conditionering)

Een leerproces waarbij de gevolgen van een handeling bepalend zijn voor de waarschijnlijkheid dat deze in de toekomst zal worden uitgevoerd

19
New cards

Wet van het effect

Thorndikes algemene leertheorie: elk gedrag dat leidt tot een ‘'bevredigende situatie’' zal waarschijnlijk opnieuw plaatsvinden, en elk gedrag dat leidt tot een ‘'vervelende situatie’' zal minder waarschijnlijk opnieuw plaatsvinden. Oftewel: de waarschijnlijkheid dat een bepaald gedrag plaatsvindt, wordt beïnvloed door de gevolgen ervan

20
New cards

Behaviorisme

Een psychologische benadering die de nadruk legt op omgevingsinvloeden op waarneembaar gedrag

21
New cards

Versterker

Een stimulus die volgt op een reactie en de kans vergroot dat de reactie wordt herhaald

22
New cards

Positieve versterking

Het toedienen van een stimulus om de kans op herhaling van een gedrag te vergroten

23
New cards

Negatieve bekrachtiging

Het wegnemen van een onaangename prikkel om de kans op herhaling van een gedrag te vergroten

24
New cards

Straf

Een prikkel die volgt op een gedrag en de kans verkleint dat het gedrag wordt herhaald

25
New cards

Positieve straf

Het toedienen van een prikkel om de kans op herhaling van een gedrag te verkleinen

26
New cards

Negatieve straf

Het wegnemen van een prikkel om de kans op herhaling van een gedrag te verkleinen

27
New cards

Shaping

Een proces van operante conditionering; hierbij worden gedragingen versterkt die steeds meer lijken op het gewenste gedrag

28
New cards

Fobie

Een aangeleerde angst die niet in verhouding staat tot de werkelijke dreiging van een voorwerp of een situatie

29
New cards

Angstconditionering

Een vorm van klassieke conditionering waarbij neutrale prikkels worden omgezet in bedreigende prikkels

30
New cards

Modeling

Het nabootsen van waargenomen gedrag

31
New cards

Vicarious learning

Het leren van de gevolgen van een handeling door te zien hoe anderen worden beloond of gestraft voor het uitvoeren van die handeling

32
New cards

Instructed learning

Het aanleren van associaties en gedragingen door middel van verbale communicatie

33
New cards

Geheugen

Het vermogen om informatie op te slaan en op te halen

34
New cards

Amnesie

Een stoornis in het langetermijngeheugen (als gevolg van ziekte, hersenletsel of psychologisch trauma) waarbij de persoon het vermogen verliest om grote hoeveelheden informatie op te halen

35
New cards

Retrograde amnesie

Een aandoening waarbij mensen herinneringen uit het verleden verliezen, zoals herinneringen aan gebeurtenissen, feiten, mensen of zelfs persoonlijke informatie

36
New cards

Antigrade amnesie

Een aandoening waarbij mensen het vermogen verliezen om nieuwe herinneringen te vormen

37
New cards

Priming

Een vergemakkelijking van de reactie op een stimulus als gevolg van recente ervaring met die stimulus of een verwante stimulus

38
New cards

Impliciet geheugen

Geheugen dat tot uiting komt via reacties, handelingen of reacties

39
New cards

Expliciet geheugen

Geheugen dat bewust wordt opgeroepen

40
New cards

Procedureel geheugen

Een vorm van impliciet geheugen die betrekking heeft op vaardigheden en gewoontes

41
New cards

Episodisch geheugen

Geheugen voor eigen ervaringen uit het verleden die aan een tijdstip en een plaats kunnen worden gekoppeld

42
New cards

Semantisch geheugen

Geheugen voor feiten die losstaan van persoonlijke ervaringen

43
New cards

Codering

Het proces waarbij de waarneming van een prikkel of gebeurtenis wordt omgezet in een herinnering

44
New cards

Schema’s

Cognitieve structuren in het langetermijngeheugen die ons helpen informatie waar te nemen, te ordenen en te begrijpen

45
New cards

Chunking

Het ordenen van informatie in zinvolle eenheden om deze gemakkelijker te onthouden

46
New cards

Mnemonische technieken

Leermiddelen of strategieën die het ophalen van informatie verbeteren door het gebruik van herinneringsaanwijzingen

47
New cards

Zintuiglijk geheugen

Een geheugensysteem dat zintuiglijke informatie zeer kortstondig opslaat in een vorm die dicht bij de oorspronkelijke zintuiglijke waarneming ligt

48
New cards

Werkgeheugen

Een cognitief systeem met beperkte capaciteit dat informatie tijdelijk opslaat en bewerkt voor direct gebruik

49
New cards

Langetermijngeheugen

De opslag van informatie die minuten tot voor altijd kan duren

50
New cards

Seriële positie-effect

De bevinding dat het vermogen om items uit een lijst te herinneren afhangt van de volgorde waarin ze worden gepresenteerd, zodanig dat items die vroeg of laat in de lijst worden gepresenteerd beter worden onthouden dan die in het midden

51
New cards

Consolidatie

Het geleidelijke proces van geheugenopslag in de hersenen

52
New cards

Langetermijnpotentiëring (LTP)

Versterking van een synaptische verbinding, waardoor de postsynaptische neuronen gemakkelijker worden geactiveerd door presynaptische neuronen

53
New cards

Proactieve interferentie

Interferentie die optreedt wanneer eerdere informatie het vermogen om nieuwe informatie te onthouden remt

54
New cards

Retroactieve interferentie

Interferentie die optreedt wanneer nieuwe informatie het vermogen om oude informatie te onthouden belemmert

55
New cards

Blokkering

Het tijdelijke onvermogen om zich iets te herinneren

56
New cards

Vergeetachtigheid

Het onoplettend of oppervlakkig vastleggen van gebeurtenissen

57
New cards

Persistentie

Het voortdurend terugkeren van ongewenste herinneringen

58
New cards

Geheugenvertekening

Het veranderen van herinneringen in de loop van de tijd, zodat ze in overeenstemming komen met huidige overtuigingen of houdingen

59
New cards

Verkeerde toeschrijving van de bron

Geheugenvervorming die optreedt wanneer mensen zich de tijd, plaats, persoon of omstandigheden van een herinnering verkeerd herinneren

60
New cards

Bronamnesie

Een vorm van verkeerde toeschrijving die optreedt wanneer mensen een herinnering aan een gebeurtenis hebben, maar zich niet kunnen herinneren waar ze de informatie zijn tegengekomen

61
New cards

Cryptomnesie

Een vorm van verkeerde toeschrijving die optreedt wanneer mensen denken dat ze een nieuw idee hebben bedacht, terwijl ze in feite een opgeslagen idee hebben opgehaald en dit idee niet aan de juiste bron hebben toegeschreven

62
New cards

Suggestibiliteit

Het ontstaan van vertekende herinneringen door misleidende informatie