Kaarten: Mondeling WIT 8 | Quizlet

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/84

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 2:57 PM on 6/11/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

85 Terms

1
New cards

Wat zijn conflicten?

Een normaal onderdeel van het groepsproces.

2
New cards

Tijdens welke fase van de groepsontwikkeling ontstaan vaak conflicten?

Tijdens de stormingfase.

3
New cards

Wat is een conflict?

Een situatie waarbij personen of groepen verschillende belangen, meningen of verwachtingen hebben en elkaar als een belemmering ervaren.

4
New cards

Wanneer ontstaat een conflict?

Wanneer personen of groepen verschillende belangen hebben.

5
New cards

Wanneer ontstaat een conflict nog?

Wanneer personen of groepen verschillende meningen hebben.

6
New cards

Wanneer ontstaat een conflict ook?

Wanneer personen of groepen verschillende verwachtingen hebben.

7
New cards

Wanneer ervaren mensen elkaar als een belemmering?

Wanneer ze hun doelstellingen niet kunnen bereiken.

8
New cards

Behoren conflicten tot de normale dynamiek van groepen?

Ja.

9
New cards

Zijn conflicten altijd negatief?

Nee.

10
New cards

Wat kunnen conflicten stimuleren?

Verandering.

11
New cards

Wat kunnen conflicten opleveren?

Nieuwe ideeën.

12
New cards

Wat kunnen conflicten zichtbaar maken?

Verborgen problemen.

13
New cards

Wat kunnen conflicten bevorderen?

Communicatie.

14
New cards

Wat kunnen conflicten ondersteunen?

De groepsontwikkeling.

15
New cards

Waartoe kunnen conflicten leiden?

Betere oplossingen.

16
New cards

Moeten conflicten vermeden worden?

Nee.

17
New cards

Hoe worden conflicten bekeken binnen groepsontwikkeling?

Als een normaal onderdeel van het groepsproces.

18
New cards

Wat kunnen slecht gehanteerde conflicten veroorzaken?

Frustraties.

19
New cards

Wat kunnen conflicten nog veroorzaken?

Spanningen.

20
New cards

Wat kunnen conflicten doen met de samenwerking?

Ze verminderen de samenwerking.

21
New cards

Wat kunnen conflicten doen met de veiligheid?

Ze veroorzaken onveiligheid.

22
New cards

Wat kunnen conflicten veroorzaken binnen de groep?

Subgroepvorming.

23
New cards

Wat kunnen conflicten veroorzaken tussen groepsleden?

Vijandigheid.

24
New cards

Wat kunnen conflicten doen met de productiviteit?

Ze verminderen de productiviteit.

25
New cards

Waartoe leiden te veel storingen binnen een groep?

Tot frustraties bij alle betrokkenen.

26
New cards

Welke problemen komen vaak voor tijdens de stormingfase?

Meningsverschillen.

27
New cards

Welke problemen komen nog voor tijdens de stormingfase?

Machtsstrijd.

28
New cards

Welke problemen komen daarnaast voor tijdens de stormingfase?

Spanningen.

29
New cards

Welke vorm van tegenreactie komt vaak voor tijdens de stormingfase?

Weerstand.

30
New cards

Zijn conflicten tijdens de stormingfase normaal?

Ja.

31
New cards

Waartoe kunnen constructief aangepakte conflicten leiden?

Meer cohesie.

32
New cards

Waartoe kunnen constructief aangepakte conflicten nog leiden?

Betere samenwerking.

33
New cards

Wat kunnen constructief aangepakte conflicten verduidelijken?

Normen.

34
New cards

Wat bevorderen constructief aangepakte conflicten tussen groepsleden?

Wederzijds begrip.

35
New cards

Wat bevordert een open en directe communicatie?

Het omgaan met conflicten.

36
New cards

Hoe kan de begeleider open communicatie stimuleren?

Door groepsleden rechtstreeks op elkaar te laten reageren.

37
New cards

Wat kan de begeleider bespreekbaar maken?

Verschillen.

38
New cards

Wat kan de begeleider zichtbaar maken?

Communicatiepatronen.

39
New cards

Wat kan de begeleider bespreken op relationeel vlak?

Onderlinge relaties.

40
New cards

Waarom zijn veiligheid en vertrouwen belangrijk?

Omdat ze een positief klimaat bevorderen.

41
New cards

Wat mogen groepsleden in een veilige groep hebben?

Verschillen.

42
New cards

Wat kunnen groepsleden in een veilige groep uitspreken?

Gevoelens.

43
New cards

Waarvoor is er ruimte in een veilige groep?

Voor kritiek.

44
New cards

Hoe worden mensen behandeld in een veilige groep?

Met respect.

45
New cards

Moeten groepsleden hetzelfde denken?

Nee.

46
New cards

Wat is weerstand?

Een normaal onderdeel van groepsprocessen.

47
New cards

Hoe gaat de begeleider om met weerstand?

Hij accepteert kritiek en weerstand.

48
New cards

Wat probeert de begeleider te begrijpen bij weerstand?

Achterliggende gevoelens.

49
New cards

Wat kan de begeleider aanpassen bij weerstand?

De leiderschapsstijl.

50
New cards

Hoe beschouwt de begeleider kritiek?

Als een constructieve poging tot verbetering.

51
New cards

Wat bevordert de groepsleider bij conflicten?

Open communicatie.

52
New cards

Wat creëert de groepsleider bij conflicten?

Veiligheid.

53
New cards

Wat erkent de groepsleider bij conflicten?

Verschillen.

54
New cards

Wat stimuleert de groepsleider bij conflicten?

Respect.

55
New cards

Wat doet de groepsleider voor groepsleden?

Hij ondersteunt hen.

56
New cards

Wat bevordert de groepsleider binnen de groep?

Cohesie.

57
New cards

Waarmee helpt de groepsleider de groep omgaan?

Met conflicten op groepsniveau.

58
New cards

Wat accepteert de groepsleider?

Kritiek en weerstand.

59
New cards

Wat is procesmatige reflectie?

Het benoemen van wat er in de groep gebeurt.

60
New cards

Wat is een voorbeeld van procesmatige reflectie?

"Ik krijg de indruk dat het tijd is voor een pauze."

61
New cards

Wat is nog een voorbeeld van procesmatige reflectie?

"Ik zie dat we met deze tegengestelde meningen niet vooruit geraken."

62
New cards

Wat maakt procesmatige reflectie bespreekbaar?

Spanningen en conflicten.

63
New cards

Wat zijn verborgen thema's?

Onderliggende spanningen, frustraties en gevoelens die niet uitgesproken worden.

64
New cards

Wat kan de begeleider doen met verborgen thema's?

Ze aan de orde stellen.

65
New cards

Wat worden door verborgen thema's zichtbaar?

Spanningen.

66
New cards

Wat worden nog zichtbaar door verborgen thema's?

Frustraties.

67
New cards

Wat worden daarnaast zichtbaar door verborgen thema's?

Onderliggende gevoelens.

68
New cards

Wat is een beschermingsinterventie?

Een interventie waarbij de begeleider een groepslid beschermt.

69
New cards

Wie neemt de groepsbegeleider in bescherming?

Iemand die te veel kritiek krijgt.

70
New cards

Wie beschermt de begeleider nog?

Iemand die te veel in de schijnwerpers staat.

71
New cards

Waartegen beschermt de begeleider groepsleden?

Tegen zware groepsdruk.

72
New cards

Wat helpt de begeleider bewaren?

De identiteit en autonomie van groepsleden.

73
New cards

Wat vraagt constructief omgaan met conflicten?

Open communicatie.

74
New cards

Wat houdt open communicatie in bij conflicten?

Luisteren.

75
New cards

Wat houdt open communicatie nog in?

Elkaar laten uitspreken.

76
New cards

Wat houdt open communicatie daarnaast in?

Verschillen erkennen.

77
New cards

Wat vraagt constructief omgaan met conflicten naast communicatie?

Respect.

78
New cards

Waarvoor moet respect aanwezig zijn?

Voor elkaar.

79
New cards

Waarvoor moet nog respect aanwezig zijn?

Voor verschillen.

80
New cards

Wat hoort bij respect tussen groepsleden?

Wederzijdse aanvaarding.

81
New cards

Wat vraagt constructief omgaan met conflicten op vlak van veiligheid?

Dat gevoelens geuit mogen worden.

82
New cards

Wat moet mogelijk zijn in een veilige groep?

Kritiek geven.

83
New cards

Wat moet ook mogelijk zijn in een veilige groep? Fouten maken.

84
New cards

Wat vraagt constructief omgaan met conflicten op vlak van participatie?

Dat iedereen zijn mening kan geven.

85
New cards

Wat vraagt constructief omgaan met conflicten op vlak van samenwerking?

Samen zoeken naar oplossingen.