1/84
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is leiderschap?
De invloed die iemand uitoefent op het functioneren van de groep.
Wat doet een leider binnen een groep?
Groepsleden beïnvloeden.
Wat helpt een leider de groep te doen?
Haar doelstellingen bereiken.
Wat ondersteunt een leider binnen de groep?
De groepsontwikkeling.
Wat bewaakt een leider?
Het groepsproces.
Wat is formeel leiderschap?
Leiderschap waarbij de leider officieel aangeduid is.
Geef voorbeelden van formeel leiderschap.
Leerkracht, afdelingshoofd en teamverantwoordelijke.
Wat kenmerkt een formele leider?
Een erkende positie binnen de groep.
Wat is informeel leiderschap?
Leiderschap dat spontaan ontstaat vanuit de interacties tussen groepsleden.
Heeft een informele leider een officiële functie?
Nee.
Waaruit ontstaat informeel leiderschap?
Uit de interacties tussen groepsleden.
Waarover heeft de groepsleider aandacht?
Voor de taak en voor het proces.
Wat doet de leider met de doelstellingen?
Ze verduidelijken.
Wat doet de leider op vlak van structuur?
Structuur bieden.
Wat bewaakt de leider op taakniveau?
De tijd.
Wat organiseert de leider?
De werkwijze.
Wat voorziet de leider om structuur te bieden?
Een duidelijke agenda.
Wat biedt de leider aan de groep?
Informatie.
Wat ondersteunt de leider op taakniveau?
De besluitvorming.
Wat stimuleert de leider op procesniveau?
Communicatie.
Wat bevordert de leider op procesniveau?
Samenwerking.
Wat ondersteunt de leider met betrekking tot de groep?
De groepsontwikkeling.
Wat bewaakt de leider op procesniveau?
De veiligheid.
Wat stimuleert de leider met betrekking tot groepsleden?
Participatie.
Wat bevordert de leider binnen de groep?
Cohesie.
Waarmee gaat de leider om?
Conflicten.
Waarmee houdt de leider rekening?
Weerstand.
Welke interventies kan de begeleider uitvoeren op inhoudsniveau?
Informatie geven.
Welke interventie kan de begeleider nog uitvoeren op inhoudsniveau?
Verduidelijkingen aanbrengen.
Welke interventie helpt om de essentie samen te vatten?
Samenvatten.
Wat kan de begeleider verduidelijken op inhoudsniveau?
Doelstellingen.
Wat kan de begeleider leggen tussen verschillende elementen?
Verbanden.
Welke interventie hoort bij het procedureniveau?
Structuur aanbieden.
Wat kan de begeleider bepalen op procedureniveau?
Werktijden.
Wat bewaakt de begeleider op procedureniveau?
De tijd.
Wat kan de begeleider kiezen op procedureniveau?
Werkvormen.
Wat kan de begeleider opstellen op procedureniveau?
Een agenda.
Wat kan de begeleider maken op procedureniveau?
Afspraken.
Welke interventie kan de begeleider uitvoeren op interactieniveau?
Een goede kennismaking organiseren.
Wat stimuleert de begeleider op interactieniveau?
Open communicatie.
Hoe kan de begeleider participatie verhogen?
Door subgroepen te gebruiken.
Wat bevordert de begeleider op interactieniveau?
Veiligheid en vertrouwen.
Wat voorziet de begeleider regelmatig?
Evaluatiemomenten.
Welke reflecties kan de begeleider geven?
Procesmatige reflecties.
Wat kan de begeleider bespreekbaar maken?
Verborgen thema's.
Welke interventie voert de begeleider uit op bestaansniveau?
Acceptatie tonen.
Wat geeft de begeleider aan groepsleden?
Erkenning.
Welke belangrijke interventie hoort bij het bestaansniveau?
Feedback geven.
Welke interventie bevordert zelfinzicht?
Confronteren.
Wat stimuleert de begeleider op bestaansniveau?
Openheid.
Welke sfeer creëert de begeleider?
Een veilige sfeer.
Wie beschermt de begeleider indien nodig?
Groepsleden.
Wat moet de groepsleider doen met zijn leiderschapsstijl?
Ze aanpassen aan de groep.
Wat moet de begeleider juist inschatten?
De ontwikkelingsfase van de groep.
Wat stimuleert de begeleider?
De groepsontwikkeling.
Waarmee houdt de begeleider rekening?
Groepsafweer.
Voor welke gevoelens heeft de begeleider aandacht?
Achterliggende gevoelens van bedreiging.
Waaraan past de begeleider zijn leiderschapsstijl aan?
Aan de groep.
Horen kritiek en weerstand bij groepsprocessen?
Ja.
Hoe gaat de groepsleider om met kritiek?
Hij accepteert kritiek.
Laat de groepsleider kritiek toe?
Ja.
Hoe beschouwt de leider kritiek?
Als een constructieve poging tot verbetering.
Hoe gaat de leider om met weerstand?
Door ermee om te gaan en indien nodig aanpassingen te doen.
Wat kan de groepsleider aanpassen?
Het programma of de leiderschapsstijl.
Heeft de leider een voorbeeldfunctie?
Ja.
Wat straalt een goede leider uit?
Bezieling en enthousiasme.
Wat toont een goede leider tegenover groepsleden?
Empathie.
Welke eigenschap betekent dat woorden en gedrag overeenstemmen?
Congruentie.
Welke eigenschap betekent echt en oprecht zijn?
Authenticiteit.
Hoe handelt een goede leider tegenover anderen?
Respectvol.
Waarop spreekt een goede leider groepsleden aan?
Hun positieve kwaliteiten.
Wat is een beschermingsinterventie?
Een speciale interventie waarbij de begeleider een groepslid beschermt.
Wie neemt de groepsbegeleider in bescherming?
Iemand die te veel in de schijnwerpers staat.
Wie beschermt de begeleider nog?
Iemand die te veel kritiek krijgt.
Waartegen ondersteunt de begeleider groepsleden?
Tegen zware groepsdruk.
Wat helpt de begeleider behouden?
Identiteit en autonomie.
Wat creëert een goede groepsleider?
Veiligheid.
Wat bevordert een goede groepsleider?
Vertrouwen.
Wat stimuleert een goede groepsleider?
Open communicatie.
Wat ondersteunt een goede groepsleider?
De groepsontwikkeling.
Wat bevordert een goede groepsleider nog?
Cohesie.
Wat accepteert een goede groepsleider? Verschillen.
Hoe gaat een goede groepsleider om met conflicten?
Constructief.
Wat biedt een goede groepsleider aan groepsleden?
Erkenning.
Welke twee elementen combineert een goede groepsleider?
Aandacht voor taak en aandacht voor proces.