1/17
De craniale zijde is te herkennen aan het caput radii. De ventrale zijde is te herkennen aan de tuberositas radii bovenaan. Onderaan herkent men de ventrale zijde ook omdat zij daar min of meer concaaf is. De laterale zijde is te herkennen aan de processus styloideus. De mediale zijde is te herkennen aan de margo interosseus die naar de ulna wijst.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Caput radii
De kleine proximale epifyse van de radius.

Circumferentia articularis
Articulatievlak dat rondom het caput radii ligt voor articulatie met de incisura radialis van de ulna.

Fovea articularis
Een schotelvormig uitgehold articulatievlak aan de bovenkant van de radius voor articulatie met het capitulum humeri.

Collum radii
Het deel dat het caput verbindt met de diafyse.

Corpus radii
De diafyse van de radius.

Margo interosseus
De drie randen van de radius waarvan enkel de margo interosseus (wijst naar mediaal) over haar gehele lengte duidelijk zichtbaar is.

Facies anterior
De drie vlakken van de radius.

Tuberositas radii
Ruwheid op de voorzijde, juist distaal van het collum.

Tuberositas pronatoria
Ruwere vlek in het midden van de facies lateralis.

Incisura ulnaris
Klein verticaal gewrichtsvlak voor de ulna op de distale epifyse.

Processus styloideus radii
Puntvormig uitsteeksel aan de laterale zijde onderaan.

Facies articularis carpalis
Breed articulatievlak aan de distale epifyse voor articulatie met het os scaphoideum en met het os lunatum.

Sulci tendinum musculorum extensorum
Door kammen gescheiden groeven op de dorsale zijde van de distale epifyse voor de pezen van de strekkers van de hand en vingers.

Tuberculum dorsale
Knobbeltje op het einde van de sterkst uitgesproken kam die in het verlengde ligt van de margo posterior.

Margo anterior

Margo posterior

facies posterior

facies lateralis
