literaire begrippen Nederlands

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/20

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 3:12 PM on 9/24/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

21 Terms

1
New cards

Ik-perspectief

Het verhaal wordt verteld via de ik-persoon.

2
New cards

Personaal perspectief

Het verhaal wordt verteld door een persoon die vertelt wat één personage meemaakt en weet.

3
New cards

Alwetend perspectief

De verteller weet wat er gebeurt en wat alle personages denken en voelen.

4
New cards

Ruimte

De plaats waarin het verhaal zich afspeelt.

5
New cards

Verteltijd

Hoe lang het duurt om het verhaal te vertellen of te lezen.

6
New cards

Vertelde tijd

De tijdsduur die de gebeurtenissen in het verhaal beslaan.

7
New cards

Historische tijd

Wanneer het verhaal zich afspeelt in de geschiedenis.

8
New cards

Open plek

Er wordt iets verteld, maar het einde of een belangrijk deel blijft onduidelijk, zodat je zelf moet nadenken over wat er gebeurt.

9
New cards

Cliffhanger

Er wordt iets spannends verteld, maar het verhaal eindigt op een moment waarop je wilt weten hoe het verdergaat.

10
New cards

Spanningsboog

De opbouw van spanning in een verhaal, van het begin van de spanning tot het hoogtepunt en de afloop.

11
New cards

Karakter

Een personage in een verhaal met bepaalde eigenschappen, gevoelens en gedachten.

12
New cards

Type

Een personage dat weinig verandert en vooral bepaalde vaste eigenschappen heeft.

13
New cards

Motief

Een terugkerend element in een verhaal dat een bepaalde betekenis heeft.

14
New cards

Thema

Het belangrijkste onderwerp of de centrale gedachte van een verhaal.

15
New cards

Titelverklaring

De uitleg van de betekenis en het verband tussen de titel en het verhaal.

16
New cards

Motief

Een element dat meerdere keren in een verhaal terugkomt en betekenis heeft.

17
New cards

Verhaallijn

De opeenvolging van gebeurtenissen die samen het verhaal vormen.

18
New cards

Tijdsprong

Een sprong in de tijd waarbij een periode wordt overgeslagen.

19
New cards

Tijdverdichting

Een lange periode wordt in korte tijd verteld.

20
New cards

Flashback

Een terugblik naar een gebeurtenis die eerder heeft plaatsgevonden.

21
New cards

Vooruitwijzing

Een aanwijzing in het verhaal die verwijst naar iets wat later zal gebeuren.