1/19
Flashcards gebaseerd op de ALO-collegenotities over algemene indruk, vitale functies, hart, vaten, longen, hoofd-halsgebied, mammae en buikonderzoek.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Volgorde lichamelijk onderzoek (normale situatie)
De standaardvolgorde van onderzoek bij een niet-acute patiënt: Inspectie, Palpatie, Percussie en Auscultatie.
Polsdeficit
Het verschil tussen de hartfrequentie (geausculteerd bij de 3e ICR links) en de polsfrequentie (gepalpeerd aan de a. radialis), waarbij niet elke samentrekking van het hart leidt tot een voelbare polsslag (bijvoorbeeld bij atriumfibrilleren).
Cheyne-Stokes ademhaling
Een ademhalingspatroon gekenmerkt door afwisselend diepe en oppervlakkige, snelle en langzame ademhalingen; wordt vaak gezien net voor het overlijden of bij stoornissen in het ademhalingscentrum.
Kussmaul ademhaling
Een diepe en regelmatige ademhaling die vaak optreedt bij een diabetische ketoacidose.
Orthostatische hypotensie
Een daling van de bloeddruk van >20mmHg systolisch of >10mmHg diastolisch binnen 1, 3 of 5 minuten na het opstaan vanuit liggende houding.
Eerste harttoon (S1)
Het geluid dat ontstaat door het sluiten van de AV-kleppen (mitralis- en tricuspidalisklep) bij de aanvang van de systole.
Tweede harttoon (S2)
Het geluid dat ontstaat door het sluiten van de aorta- en pulmonalisklep bij de aanvang van de diastole.
Derde harttoon (S3)
Een laagfrequent geluid ("Ken-tuck-y") dat vrij snel na S2 hoorbaar is tijdens de vroege passieve vullingsfase van de ventrikels.
Vierde harttoon (S4)
Een laagfrequent geluid ("Ten-ne-ssee") dat vlak voor S1 hoorbaar is tijdens het einde van de diastole (atriumcontractie) en altijd pathologisch is.
Rhonchi
Continue, muzikale, voornamelijk expiratoire bijgeluiden veroorzaakt door trillingen van de bronchuswanden bij een vernauwing van de luchtwegen.
Crepitaties
Discontinue, knetterende, eind-inspiratoire bijgeluiden die ontstaan wanneer een snelle luchtstroom abrupt dichtgevallen kleine luchtwegen opent.
Centor-criteria
Een vierpuntsscore voor het inschatten van een streptokokkenkeelontsteking op basis van: koorts (>38∘C), afwezigheid van hoest, pijnlijk gezwollen voorste halslymfeklieren en beslag/exsudaat op de tonsillen.
Janeway-laesies
Pijnloze rode vlekjes op de handpalmen en voetzolen bij infectieuze endocarditis, veroorzaakt door kleine verstoppingen.
Osler-noduli
Pijnlijke bultjes op de vingers of tenen bij infectieuze endocarditis, veroorzaakt door een immunologische reactie met neerslag van immuuncomplexen.
Hernia inguinalis medialis
Een directe liesbreuk door een zwakke plek in de buikwand net boven de uitwendige ring van het lieskanaal en boven het ligament van Poupart; daalt niet af in het scrotum.
Hernia inguinalis lateralis
Een indirecte liesbreuk waarbij de breukzak via een onvolledig geoblitereerde processus vaginalis door het lieskanaal uitstulpt; komt vrijwel alleen bij mannen voor.
Hernia femoralis
Een dijbreuk onder het ligament van Poupart, enkele centimeters mediaal van de a. femoralis; komt vooral voor bij vrouwen en heeft een verhoogd risico op beknelling.
Corona phlebectatica
Een kring van uitgezette kleinere venen rond de mediale malleolus (ook wel ankle flare genoemd), passend bij chronische veneuze insufficiëntie.
Centraal veneuze druk (CVD)
De druk in het rechteratrium die dient als maat voor de vullingsstatus van het vasculaire systeem van de patiënt.
6 P's bij acute arteriële afsluiting
De kenmerkende symptomen van acute arteriële ischemie: Pain, Pallor, Pulselessness, Paresthesia, Paralysis en Poikilothermia/Prostration.