Hoofdstuk 6. Humanistische benadering van psychopathologie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/58

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:00 AM on 8/15/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

59 Terms

1
New cards
Actietendensen
In emotiegerichte therapie: handelingsneigingen die met emoties samenhangen en mensen op hun omgeving gericht houden; angst hangt bijvoorbeeld samen met vluchten, boosheid met aanvallen, afschrikken of zich losrukken.
2
New cards
Alibi tot existeren
In de procesgerichte benadering: datgene wat de cliënt op dat moment tegenhoudt om ‘volop’ te leven; het wordt onderzocht naast de persoonlijke mythe en keuzeverhinderingsmechanismen.
3
New cards
Behavioristische theorieën
Theorieën die menselijk gedrag natuurwetenschappelijk benaderen door waarneembare gedragingen te ordenen en te verklaren via algemene begrippen en wetmatigheden.
4
New cards
Behoeftepiramide
Maslows hiërarchische ordening van menselijke behoeften: fysiologische behoeften, veiligheid, liefde en saamhorigheid, achting en zelfverwezenlijking.
5
New cards
Bewuste beleving
Het weet hebben van gedachten en gevoelens in jezelf, met de mogelijkheid deze te verwoorden en met anderen te delen; een kernbron van informatie in de humanistische benadering.
6
New cards
Cliëntgerichte therapie
Door Rogers ontwikkelde therapievorm waarin de cliënt als uniek individu centraal staat en de therapeut voorwaarden schept voor verdere ontplooiing in plaats van diagnoses of oplossingen voor te schrijven.
7
New cards
Congruentie
Overeenstemming tussen zelfbeeld en wezenlijke ervaring; in therapie ook de echtheid van de therapeut, die open en vrij in de relatie met de cliënt kan functioneren.
8
New cards
Echtheid
Andere benaming voor congruentie van de therapeut: de therapeut is open, niet gepreoccupeerd met zichzelf en kan werkelijk aanwezig zijn in de relatie met de cliënt.
9
New cards
Emotieschema’s
In EFT: patronen waarin emoties, lichamelijke gevoelens en gedragingen verbonden raken met eerdere ervaringen, bijvoorbeeld wanneer intimiteit of autonomie door afwijzing gekoppeld wordt aan angst, schaamte of verdriet.
10
New cards
Emotiegerichte therapie
Moderne proces-experiëntiële vorm van persoonsgerichte psychotherapie waarin emoties worden gezien als informatieverwerking en actietendensen; therapie richt zich op bewustwording, verandering of regulatie van emoties.
11
New cards
Emotieregulatie
Het vermogen om emoties te verdragen, bewust te beleven, onder woorden te brengen en adequaat te gebruiken om lijden te reguleren en persoonlijke behoeften en doelen te bevorderen.
12
New cards
Empathie
Een van Rogers’ drie noodzakelijke en voldoende therapievoorwaarden: de therapeut leeft zich maximaal in de denk- en gevoelswereld van de cliënt in en laat merken diens gevoelens te begrijpen.
13
New cards
Essentie
Het stabiele aspect van de persoon: vaste eigenschappen en gewoonten van een mens; in humanistische theorieën onderscheiden van existentie.
14
New cards
Existentialistische invloeden
Invloeden uit het existentialisme, waarin het leven op zichzelf geen algemeen doel heeft en pas zin krijgt doordat de persoon zelf kiest, doelen stelt en richting geeft aan het bestaan.
15
New cards
Existentie
Het bestaan als continu proces van ontwikkeling en verandering; verwijst naar groei, beweging en openstaan voor nieuwe mogelijkheden.
16
New cards
Experiëntiële therapie
Door Eugene Gendlin ontwikkelde therapievorm waarin wordt gefocust op innerlijke belevingen en lichamelijk ervaren, preconceptuele ‘wijsheden’ die vervolgens in taal of symbolen worden uitgedrukt.
17
New cards
Evocatieve ontvouwing
EFT-methode waarbij de cliënt ingaat op een recente belangrijke gebeurtenis, stilstaat bij opvallende momenten en de daarbij opkomende belevingen bewust onderzoekt.
18
New cards
Felt sense
Een lichamelijk gevoelde beleving die bij focusing wordt onderzocht om vage gevoelens nader te exploreren en betekenis te geven.
19
New cards
Fenomenologische benadering
Benadering die menselijk gedrag niet primair via oorzaak-gevolg verklaart, maar probeert te begrijpen vanuit de subjectieve beleving van de realiteit in het hier-en-nu.
20
New cards
Focusing
Door Gendlin geïntroduceerde methode om vage gevoelens via een lichamelijk gevoelde beleving, de felt sense, te onderzoeken en van betekenis te voorzien.
21
New cards
Fully-functioning person
Bij Rogers: de volledig functionerende persoon bij wie zelfbeeld en ideaalbeeld samenvallen, doordat deze onvoorwaardelijke positieve waardering heeft ervaren en zichzelf kan aanvaarden.
22
New cards
Geestelijke gezondheid
In humanistische zin verbonden met groei, beweging, openstaan voor nieuwe mogelijkheden en congruentie, in tegenstelling tot verstarde stabiliteit of geblokkeerde zelfverwezenlijking.
23
New cards
Humanisme
Wereldbeschouwing die menselijke waardigheid, vrijheid en waarde van de persoonlijkheid wil hooghouden en bevorderen; vormt de brede achtergrond van de humanistische psychologie.
24
New cards
Humanistische benadering
Psychologische benadering die de uniciteit van de mens, subjectieve ervaring, bewuste beleving, zelfactualisering en zelfregulering centraal stelt.
25
New cards
Ideaalbeeld
Het beeld waaraan iemand graag zou willen voldoen, sterk bepaald door normen en waarden van de buitenwereld die de persoon zich eigen heeft gemaakt.
26
New cards
Incongruentie
De kloof tussen het bewuste zelfbeeld en wezenlijke innerlijke ervaringen, of tussen zelfbeeld en ideaalbeeld; bedreigende ervaringen worden dan ontkend of verdraaid.
27
New cards
Innerlijke ervaring
De diepste gevoelens en ervaringen van een persoon; bij Rogers de ‘ervaring’ die congruent of incongruent kan zijn met het zelfbeeld.
28
New cards
Keuzeverhinderingsmechanismen
Mechanismen die de cliënt verhinderen om tot oplossingen of keuzes te komen; in de procesgerichte benadering onderzocht als onderdeel van een gestagneerd leven.
29
New cards
Mens als geheel
Humanistisch uitgangspunt dat de mens als geïntegreerde eenheid moet worden begrepen, niet als losse functies zoals leren, waarnemen of afzonderlijke symptomen.
30
New cards
Non-directieve therapie
Vroege benaming voor Rogers’ therapie, waarin de therapeut geen adviezen geeft en het gedrag van de cliënt niet beoordeelt of interpreteert, maar de cliënt volgt in diens eigen proces.
31
New cards
Onvoorwaardelijke positieve waardering
Fundamentele acceptatie en respect voor de persoon zonder voorwaarden; volgens Rogers essentieel voor gezonde ontwikkeling en één van de drie therapievoorwaarden.
32
New cards
Persoonlijk waarderingsproces
Spontaan proces waarmee het individu ervaringen positief of negatief waardeert op basis van de mate waarin ze bijdragen aan zelfverwezenlijking.
33
New cards
Persoonlijke bewuste beleving
De eigen bewuste ervaring van gedachten, gevoelens en werkelijkheid; humanistische theorieën stellen deze beleving centraal boven externe objectivering.
34
New cards
Persoonlijke mythe
In de procesgerichte therapie: de verklaring die de cliënt zelf aanvoert voor eigen gedrag en vooral voor een gestagneerd leven.
35
New cards
Positieve motivatietheorie
Maslows theorie die niet gericht is op tekorten en beperkingen, maar op het realiseren van menselijke behoeften en mogelijkheden.
36
New cards
Positieve zelfwaardering
De positieve waardering die een persoon voor zichzelf ontwikkelt onder invloed van positieve waardering door belangrijke anderen; basis voor een positief zelfbeeld.
37
New cards
Proces-experiëntiële psychotherapie
Moderne vorm van cliënt- of persoonsgerichte psychotherapie, meestal aangeduid als emotiegerichte therapie, waarin proces en innerlijke ervaring centraal staan.
38
New cards
Procesgerichte benadering
Nederlandse ontwikkeling binnen cliëntgerichte psychotherapie die zich richt op rigide, gestagneerd of geblokkeerd functioneren om het functioneren van de cliënt als geïntegreerd geheel te verbeteren.
39
New cards
Psychoanalytische theorieën
Theorieën die nadruk leggen op onbewuste egocentrische drijfveren en oorzaken van actuele problemen zoeken in de vroegkinderlijke ontwikkeling.
40
New cards
Rice
Navolger van Rogers die therapeutische verandering vanuit informatieverwerking begreep en de evocerende taak van de therapeut benadrukte.
41
New cards
Rogers
Carl Rogers, grondlegger van de cliëntgerichte of persoonsgerichte psychotherapie en centrale vertegenwoordiger van de humanistische benadering in de klinische psychologie.
42
New cards
Saamhorigheid
Bij Maslow de behoefte om liefde te geven en te ontvangen via bijvoorbeeld vriendschappen, intieme relaties en lidmaatschap van groepen.
43
New cards
Samenhangend zelfbeeld
Het besef van zichzelf als georganiseerd, uniek en afzonderlijk geheel; volgens Rogers belangrijk voor gezonde ontwikkeling.
44
New cards
Subjectieve ervaring
De werkelijkheid zoals de persoon die zelf waarneemt en beleeft; uitgangspunt voor het begrijpen van gedrag in de humanistische benadering.
45
New cards
Subjectieve realiteit
De persoonlijke waarneming van zichzelf, anderen en de wereld; volgens Rogers kan alleen de persoon zelf vertellen hoe deze werkelijkheid en het persoonlijke referentiekader eruitzien.
46
New cards
Zelfaanvaarding
Acceptatie van zichzelf als persoon met zowel goede als minder gewenste kanten; ontstaat wanneer zelfbeeld en ervaringen congruenter worden.
47
New cards
Zelfactualisering
Synoniem van zelfverwezenlijking of zelfverwerkelijking: het realiseren van de in aanleg aanwezige mogelijkheden van de persoon.
48
New cards
Zelfacceptatie
Het kunnen accepteren van eigen gedachten, gevoelens en ervaringen, ook wanneer deze eerder als negatief werden beschouwd; belangrijk resultaat van cliëntgerichte therapie.
49
New cards
Zelfbeeld
De wijze waarop iemand zichzelf beleeft; bij Rogers het ‘ik’ of ‘zelf’ dat meer of minder congruent kan zijn met innerlijke ervaringen.
50
New cards
Zelfregulering
Het vermogen van de mens om zelf keuzes te maken, doelen te stellen en activiteiten te ondernemen vanuit eigen zingeving in plaats van louter te reageren op prikkels of drijfveren.
51
New cards
Zelfverwerkelijking
Synoniem van zelfverwezenlijking; het proces waarin de persoon eigen aanleg, mogelijkheden, talenten en capaciteiten ontwikkelt.
52
New cards
Zelfverwezenlijking
De aangeboren tendens om de eigen in aanleg aanwezige mogelijkheden te realiseren; bij Rogers drijvende kracht achter ontwikkeling en bij Maslow hoogste behoefte in de piramide.
53
New cards
Therapeutische persoonlijkheidsverandering
Verandering in de persoon die volgens Rogers optreedt wanneer congruentie, onvoorwaardelijke positieve waardering en empathie in de therapeutische relatie aanwezig zijn.
54
New cards
Tweestoelendialogen
Uit Gestalttherapie afkomstige techniek binnen EFT waarbij de cliënt vanuit twee posities verschillende gevoelens of perspectieven onderzoekt om toegang te krijgen tot onbesefte gevoelens.
55
New cards
Veranderen van emoties door emoties
EFT-principe waarbij tegenover een inadequate emotie een beter passende emotionele beleving wordt geactiveerd, bijvoorbeeld krachtige woede, trots of zelfmededogen tegenover schaamte of angst.
56
New cards
Verstehen
Begrip uit de Duitse fenomenologie dat verwijst naar het begrijpen van menselijk gedrag vanuit de betekenis en subjectieve beleving ervan, niet via causale verklaring.
57
New cards
Voorwaardelijke positieve waardering
Waardering die afhankelijk wordt gemaakt van gedrag dat voldoet aan voorwaarden van belangrijke anderen; kan authentieke zelfverwezenlijking verstoren.
58
New cards
Wexler
Navolger van Rogers die de therapeut zag als plaatsvervangende informatieverwerker die cliënten helpt problematische ervaringen anders te verwerken.
59
New cards
Zingeving
Het zelf geven van betekenis en richting aan het leven door doelen te stellen en keuzes te maken; sluit aan bij de existentialistische invloed binnen de humanistische benadering.