Medicatie 1

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/138

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:18 AM on 6/30/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

139 Terms

1
New cards

Enalapril

ACE-remmer. Remt het angiotensine-converterend enzym waardoor de omzetting van angiotensine I naar angiotensine II wordt geremd. Hierdoor neemt de vasoconstrictie en de afgifte van aldosteron af, wat leidt tot vasodilatatie, een lagere bloeddruk en minder natrium- en waterretentie. Belangrijkste bijwerkingen zijn prikkelhoest door opstapeling van bradykinine, hyperkaliëmie, hypotensie, nierfunctieverslechtering en angio-oedeem. Wordt toegepast bij hypertensie, chronisch hartfalen, chronische nierschade met proteïnurie en na een myocardinfarct. Uit jouw ziektelijst wordt enalapril gebruikt bij mitralisklepinsufficiëntie en aortaklepinsufficiëntie wanneer deze leiden tot hartfalen. Het kan ook worden gebruikt bij pulmonale hypertensie wanneer deze het gevolg is van linkerhartfalen.

2
New cards

Perindopril

ACE-remmer. Remt het angiotensine-converterend enzym waardoor minder angiotensine II en aldosteron worden gevormd. Hierdoor dalen de perifere vaatweerstand, de bloeddruk en de vochtretentie. Belangrijkste bijwerkingen zijn prikkelhoest, hyperkaliëmie, hypotensie, nierfunctieverslechtering en angio-oedeem. Wordt toegepast bij hypertensie, chronisch hartfalen en secundaire preventie na een myocardinfarct. Uit jouw ziektelijst wordt perindopril gebruikt bij mitralisklepinsufficiëntie en aortaklepinsufficiëntie wanneer deze gepaard gaan met hartfalen. Ook kan het worden gebruikt bij pulmonale hypertensie door linkerhartfalen.

3
New cards

Spironolacton

Aldosteronreceptorantagonist en kaliumsparend diureticum. Blokkeert de aldosteronreceptor in de distale tubulus en verzamelbuis van de nier waardoor minder natrium wordt teruggeresorbeerd en meer natrium en water worden uitgescheiden. Kalium blijft juist behouden. Belangrijkste bijwerkingen zijn hyperkaliëmie, nierfunctieverslechtering, gynaecomastie, impotentie en menstruatiestoornissen doordat spironolacton ook androgenen remt. Wordt toegepast bij chronisch hartfalen, resistente hypertensie, primair hyperaldosteronisme en ascites. Uit jouw ziektelijst wordt spironolacton gebruikt bij mitralisklepinsufficiëntie en aortaklepinsufficiëntie wanneer hartfalen is ontstaan. Het kan ook worden gebruikt bij pulmonale hypertensie als onderdeel van de behandeling van hartfalen.

4
New cards

Eplerenon

Selectieve aldosteronreceptorantagonist en kaliumsparend diureticum. Blokkeert selectief de aldosteronreceptor waardoor natrium- en wateruitscheiding toenemen en kalium behouden blijft. Omdat het selectiever is dan spironolacton veroorzaakt het veel minder hormonale bijwerkingen. Belangrijkste bijwerkingen zijn hyperkaliëmie, hypotensie en nierfunctieverslechtering. Wordt toegepast bij chronisch hartfalen en na een myocardinfarct met verminderde linkerventrikelfunctie. Uit jouw ziektelijst wordt eplerenon gebruikt bij mitralisklepinsufficiëntie en aortaklepinsufficiëntie wanneer deze leiden tot hartfalen. Ook kan het worden gebruikt bij pulmonale hypertensie als gevolg van linkerhartfalen.

5
New cards

Flecainide

Klasse Ic anti-aritmicum. Blokkeert snelle natriumkanalen in het myocard waardoor de geleiding in de atria, ventrikels en het His-Purkinje-systeem vertraagt. Het verlengt de refractaire periode nauwelijks, maar remt de prikkelgeleiding sterk. Belangrijkste bijwerkingen zijn pro-aritmische effecten, duizeligheid, wazig zien, hartfalen en geleidingsstoornissen. Mag niet worden gebruikt bij patiënten met structureel hartlijden of een doorgemaakt myocardinfarct vanwege een verhoogd risico op ventriculaire ritmestoornissen. Wordt toegepast voor ritmecontrole bij supraventriculaire ritmestoornissen. Uit jouw ziektelijst wordt flecainide gebruikt bij atriumfibrilleren, atriumflutter, AVNRT en atriale tachycardie

6
New cards

Amiodaron

Klasse III anti-aritmicum. Blokkeert voornamelijk kaliumkanalen waardoor de repolarisatie en de refractaire periode worden verlengd. Daarnaast heeft het eigenschappen van klasse I, II en IV anti-aritmica doordat het ook natriumkanalen, calciumkanalen en β-receptoren remt. Belangrijkste bijwerkingen zijn longfibrose, hypo- of hyperthyreoïdie door het hoge jodiumgehalte, leverfunctiestoornissen, corneadeposities, fotosensitiviteit, blauwgrijze huidverkleuring, bradycardie en QT-verlenging. Door de zeer lange halfwaardetijd kunnen bijwerkingen lang aanhouden. Wordt toegepast bij zowel supraventriculaire als ventriculaire ritmestoornissen. Uit jouw ziektelijst wordt amiodaron gebruikt bij atriumfibrilleren, atriumflutter, ventrikeltachycardie en ventrikelfibrilleren.

7
New cards

Sotalol

Klasse III anti-aritmicum en niet-selectieve bètablokker. Blokkeert kaliumkanalen waardoor de actiepotentiaal wordt verlengd en remt daarnaast β1- en β2-receptoren waardoor de hartfrequentie en AV-geleiding afnemen. Belangrijkste bijwerkingen zijn bradycardie, hypotensie, bronchospasmen, vermoeidheid, QT-verlenging en torsade de pointes. Wordt toegepast bij atriale en ventriculaire ritmestoornissen. Uit jouw ziektelijst wordt sotalol gebruikt bij atriumfibrilleren, atriumflutter en ventrikeltachycardie.

8
New cards

Atropine

Parasympathicolyticum en muscarinereceptorantagonist. Blokkeert muscarinereceptoren waardoor de remmende invloed van de nervus vagus op de sinusknoop en AV-knoop verdwijnt. Hierdoor stijgen de hartfrequentie en de AV-geleiding. Belangrijkste bijwerkingen zijn droge mond, urineretentie, obstipatie, tachycardie, mydriase en wazig zien. Wordt toegepast bij symptomatische bradycardie en als tijdelijke behandeling van AV-geleidingsstoornissen. Uit jouw ziektelijst wordt atropine gebruikt bij sinusbradycardie, sick sinus syndrome en eerste-, tweede- en derdegraads AV-blok.

9
New cards

Isoprenaline

Niet-selectieve β-adrenerge agonist. Stimuleert β1-receptoren waardoor de hartfrequentie, AV-geleiding en contractiliteit toenemen. Stimuleert ook β2-receptoren waardoor bronchodilatatie en vasodilatatie optreden. Belangrijkste bijwerkingen zijn tachycardie, ritmestoornissen, tremor, palpitaties en hypotensie. Wordt toegepast als tijdelijke behandeling van ernstige symptomatische bradycardie totdat een pacemaker kan worden geplaatst. Uit jouw ziektelijst wordt isoprenaline gebruikt bij sinusbradycardie, sick sinus syndrome en ernstige AV-blokken.

10
New cards

Adenosine

Endogeen nucleoside en anti-aritmicum. Activeert A1-receptoren in de AV-knoop waardoor kaliumkanalen openen, calciuminstroom afneemt en de AV-geleiding gedurende enkele seconden volledig wordt geblokkeerd. Door de extreem korte halfwaardetijd van minder dan tien seconden is het effect zeer kortdurend. Belangrijkste bijwerkingen zijn flushing, kortademigheid, pijn op de borst, een drukkend gevoel op de borst en een zeer kortdurende asystolie. Wordt toegepast voor de diagnostiek en acute behandeling van supraventriculaire tachycardieën die afhankelijk zijn van de AV-knoop. Uit jouw ziektelijst wordt adenosine gebruikt bij AVNRT. Het kan ook helpen onderscheid maken tussen AVNRT en atriale tachycardieën.

11
New cards

Digoxine

Hartglycoside. Remt de Na⁺/K⁺-ATPase in cardiomyocyten waardoor intracellulair natrium toeneemt. Hierdoor werkt de Na⁺/Ca²⁺-wisselaar minder goed waardoor intracellulair calcium stijgt en de contractiekracht van het hart toeneemt. Daarnaast verhoogt digoxine de vagale tonus waardoor de AV-geleiding vertraagt en de hartfrequentie afneemt. Belangrijkste bijwerkingen zijn misselijkheid, braken, anorexie, geel-groene visusstoornissen, bradycardie, AV-blok en ventriculaire ritmestoornissen. Hypokaliëmie verhoogt de kans op digoxine-intoxicatie. Wordt toegepast bij atriumfibrilleren voor frequentiecontrole en bij chronisch hartfalen. Uit jouw ziektelijst wordt digoxine gebruikt bij atriumfibrilleren en atriumflutter voor frequentiecontrole en bij mitralisklepinsufficiëntie of aortaklepinsufficiëntie wanneer deze tot hartfalen hebben geleid.

12
New cards

Fenprocoumon

Coumarinederivaat en vitamine K-antagonist. Remt het enzym vitamine K-epoxide-reductase waardoor vitamine K niet wordt gerecycled. Hierdoor worden de vitamine K-afhankelijke stollingsfactoren II, VII, IX en X, en de anticoagulantia proteïne C en S, minder aangemaakt. Het anticoagulerende effect treedt pas na enkele dagen op en wordt gecontroleerd met de INR. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen, huidnecrose in de eerste behandelingsdagen en veel geneesmiddel- en voedselinteracties. Wordt toegepast bij atriumfibrilleren, mechanische hartkleppen, diepveneuze trombose en longembolie. Uit jouw ziektelijst wordt fenprocoumon gebruikt bij atriumfibrilleren ter preventie van een CVA en bij de behandeling en secundaire preventie van een longembolie.

13
New cards

Apixaban

Direct werkend oraal anticoagulans en directe factor Xa-remmer. Remt stollingsfactor Xa waardoor minder trombine wordt gevormd en de vorming van fibrine afneemt. Heeft een snelle werking en routinematige INR-controles zijn niet nodig. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen en anemie. Wordt toegepast bij atriumfibrilleren zonder mechanische hartklep, diepveneuze trombose en longembolie. Uit jouw ziektelijst wordt apixaban gebruikt bij atriumfibrilleren ter preventie van een CVA en bij de behandeling en secundaire preventie van een longembolie.

14
New cards

Rivaroxaban

Direct werkend oraal anticoagulans en directe factor Xa-remmer. Remt factor Xa waardoor de omzetting van protrombine naar trombine wordt geremd en minder fibrine ontstaat. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen en anemie. Wordt toegepast bij atriumfibrilleren zonder mechanische hartklep, diepveneuze trombose en longembolie. Uit jouw ziektelijst wordt rivaroxaban gebruikt bij atriumfibrilleren ter preventie van een CVA en bij de behandeling en secundaire preventie van een longembolie.

15
New cards

Dabigatran

Direct werkend oraal anticoagulans en directe trombineremmer. Remt trombine, stollingsfactor IIa, waardoor fibrinogeen niet meer wordt omgezet in fibrine en de vorming van een stolsel wordt geremd. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen en dyspepsie. Wordt toegepast bij atriumfibrilleren zonder mechanische hartklep, diepveneuze trombose en longembolie. Uit jouw ziektelijst wordt dabigatran gebruikt bij atriumfibrilleren ter preventie van een CVA en bij de behandeling en secundaire preventie van een longembolie.

16
New cards

Heparine

Anticoagulans. Bindt aan antitrombine waardoor de werking van antitrombine sterk wordt versterkt. Hierdoor worden vooral trombine en factor Xa geïnactiveerd en wordt de stollingscascade geremd. Werkt direct na intraveneuze toediening. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen, heparinegeïnduceerde trombocytopenie en osteoporose bij langdurig gebruik. Wordt toegepast bij acute diepveneuze trombose, acute longembolie, acuut coronair syndroom en als overbrugging bij starten van een vitamine K-antagonist. Uit jouw ziektelijst wordt heparine gebruikt bij de acute behandeling van een longembolie.

17
New cards

Nadroparine

Laagmoleculairgewichtheparine. Versterkt de werking van antitrombine, waarbij vooral factor Xa wordt geremd en in mindere mate trombine. Heeft een voorspelbaarder effect dan ongefractioneerde heparine. Belangrijkste bijwerkingen zijn bloedingen en heparinegeïnduceerde trombocytopenie, hoewel dit minder vaak voorkomt dan bij ongefractioneerde heparine. Wordt toegepast bij diepveneuze trombose, longembolie en tromboseprofylaxe na operaties of tijdens ziekenhuisopname. Uit jouw ziektelijst wordt nadroparine gebruikt bij de behandeling van een longembolie.

18
New cards

Ipratropium

Kortwerkend anticholinergicum. Blokkeert muscarine M3-receptoren in de luchtwegen waardoor bronchoconstrictie wordt tegengegaan en bronchodilatatie optreedt. Belangrijkste bijwerkingen zijn droge mond, keelpijn, hoesten en zelden urineretentie of glaucoomaanvallen wanneer het middel in de ogen terechtkomt. Wordt toegepast bij COPD en soms als aanvullende behandeling bij een acute astma-aanval. Uit jouw ziektelijst kan ipratropium worden gebruikt bij bronchitis of bronchiolitis wanneer bronchusobstructie aanwezig is.

19
New cards

Tiotropium

Langwerkend anticholinergicum. Blokkeert langdurig muscarine M3-receptoren waardoor langdurige bronchodilatatie ontstaat. Belangrijkste bijwerkingen zijn droge mond, obstipatie, urineretentie en zelden glaucoom. Wordt toegepast als onderhoudsbehandeling bij COPD en ernstig astma. Uit jouw ziektelijst wordt tiotropium gebruikt bij chronische bronchitis als onderdeel van COPD. Het kan ook worden gebruikt bij bronchiëctasieën wanneer obstructieve klachten aanwezig zijn.

20
New cards

Benzylpenicilline

Smalspectrum penicilline en β-lactam-antibioticum. Remt de bacteriële celwandsynthese door binding aan penicillinebindende eiwitten waardoor bacteriën afsterven. Werkt vooral tegen Gram-positieve bacteriën en enkele Gram-negatieve kokken. Belangrijkste bijwerkingen zijn allergische reacties, huiduitslag, diarree en zelden anafylaxie. Wordt toegepast bij ernstige infecties zoals pneumokokkenpneumonie, meningitis en endocarditis. Uit jouw ziektelijst wordt benzylpenicilline gebruikt bij een bacteriële pneumonie wanneer de verwekker hiervoor gevoelig is.

21
New cards

Amoxicilline

Aminopenicilline en β-lactam-antibioticum. Remt de bacteriële celwandsynthese door binding aan penicillinebindende eiwitten. Heeft een breder spectrum dan benzylpenicilline. Belangrijkste bijwerkingen zijn allergische reacties, diarree, huiduitslag en candidiasis. Bij een infectie met het Epstein-Barr-virus ontstaat vaak een niet-allergische huiduitslag. Wordt toegepast bij luchtweginfecties, otitis media, sinusitis, urineweginfecties en pneumonie. Uit jouw ziektelijst wordt amoxicilline gebruikt bij pneumonie, bronchitis wanneer een bacteriële oorzaak waarschijnlijk is, acute bovenste luchtweginfecties met een bacteriële oorzaak, rhinosinusitis en aspiratiepneumonie.

22
New cards

Amoxicilline met clavulaanzuur (Dynamic Duo)

Aminopenicilline gecombineerd met een β-lactamaseremmer. Amoxicilline remt de bacteriële celwandsynthese. Clavulaanzuur remt β-lactamases waardoor amoxicilline werkzaam blijft tegen bacteriën die deze enzymen produceren. Belangrijkste bijwerkingen zijn diarree, allergische reacties, huiduitslag en leverfunctiestoornissen. Wordt toegepast bij luchtweginfecties, aspiratiepneumonie, huidinfecties en infecties door β-lactamase-producerende bacteriën. Uit jouw ziektelijst wordt dit middel gebruikt bij pneumonie, aspiratiepneumonie, bronchitis met een bacteriële oorzaak en recidiverende luchtweginfecties.

23
New cards

Doxycycline

Tetracycline-antibioticum. Remt de bacteriële eiwitsynthese door binding aan de 30S-ribosomale subunit waardoor bacteriegroei wordt geremd. Werkt bacteriostatisch. Belangrijkste bijwerkingen zijn fotosensitiviteit, gastro-intestinale klachten, oesofagitis en verkleuring van tanden bij kinderen. Mag niet worden gebruikt tijdens zwangerschap of bij kinderen jonger dan acht jaar. Wordt toegepast bij atypische pneumonie, luchtweginfecties, ziekte van Lyme en seksueel overdraagbare aandoeningen. Uit jouw ziektelijst wordt doxycycline gebruikt bij pneumonie, bronchitis met een bacteriële oorzaak en recidiverende luchtweginfecties.

24
New cards

Cefuroxim

Tweede generatie cefalosporine en β-lactam-antibioticum. Remt de bacteriële celwandsynthese door binding aan penicillinebindende eiwitten. Heeft een breder Gram-negatief spectrum dan penicilline. Belangrijkste bijwerkingen zijn allergische reacties, diarree en candidiasis. Wordt toegepast bij luchtweginfecties, urineweginfecties en sepsis. Uit jouw ziektelijst wordt cefuroxim gebruikt bij pneumonie en ernstige bacteriële luchtweginfecties.

25
New cards

Ceftazidim

Derde generatie cefalosporine en β-lactam-antibioticum. Remt de bacteriële celwandsynthese. Heeft een sterke werking tegen Gram-negatieve bacteriën waaronder Pseudomonas aeruginosa. Belangrijkste bijwerkingen zijn allergische reacties, diarree en zelden neurologische klachten bij hoge spiegels. Wordt toegepast bij ernstige ziekenhuisinfecties en infecties met Pseudomonas. Uit jouw ziektelijst wordt ceftazidim gebruikt bij ernstige pneumonie en bij bronchiëctasieën of cystic fibrosis met een Pseudomonas-infectie.

26
New cards

Claritromycine

Macrolide-antibioticum. Remt de bacteriële eiwitsynthese door binding aan de 50S-ribosomale subunit waardoor bacteriegroei wordt geremd. Belangrijkste bijwerkingen zijn gastro-intestinale klachten, QT-verlenging, smaakstoornissen en interacties door remming van CYP3A4. Wordt toegepast bij atypische pneumonie, luchtweginfecties en Helicobacter pylori-eradicatie. Uit jouw ziektelijst wordt claritromycine gebruikt bij pneumonie, bronchitis en recidiverende luchtweginfecties.

27
New cards

Azitromycine

Macrolide-antibioticum. Remt de bacteriële eiwitsynthese door binding aan de 50S-ribosomale subunit. Heeft een lange halfwaardetijd waardoor een korte behandelduur vaak voldoende is. Belangrijkste bijwerkingen zijn diarree, misselijkheid en QT-verlenging. Heeft minder geneesmiddelinteracties dan claritromycine. Wordt toegepast bij atypische pneumonie, luchtweginfecties en seksueel overdraagbare aandoeningen. Uit jouw ziektelijst wordt azitromycine gebruikt bij pneumonie, bronchitis en recidiverende luchtweginfecties.

28
New cards
29
New cards
30
New cards
31
New cards
32
New cards
33
New cards
34
New cards
35
New cards
36
New cards
37
New cards
38
New cards
39
New cards
40
New cards
41
New cards
42
New cards
43
New cards
44
New cards
45
New cards
46
New cards
47
New cards
48
New cards
49
New cards
50
New cards
51
New cards
52
New cards
53
New cards
54
New cards
55
New cards
56
New cards
57
New cards
58
New cards
59
New cards
60
New cards
61
New cards
62
New cards
63
New cards
64
New cards
65
New cards
66
New cards
67
New cards
68
New cards
69
New cards
70
New cards
71
New cards
72
New cards
73
New cards
74
New cards
75
New cards
76
New cards
77
New cards
78
New cards
79
New cards
80
New cards
81
New cards
82
New cards
83
New cards
84
New cards
85
New cards
86
New cards
87
New cards
88
New cards
89
New cards
90
New cards
91
New cards
92
New cards
93
New cards
94
New cards
95
New cards
96
New cards
97
New cards
98
New cards
99
New cards
100
New cards