1/53
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
begrijpend luisteren
verwijst naar de auditieve tegenhanger van begrijpend lezen
cognitieve academische taalvaardigheid (CAT)
De vaardigheid om taal op een abstract niveau te kunnen gebruiken om zo in een schoolse context nieuwe informatie te kunnen verwerven en verwerken.
cognitieve taalfuncties
de spreker hanteert cognitieve functies van taal om te verwijzen naar betekenissen en concepten. via taal benoemt en ordent hij de werkelijkheid
Communicatief taalonderwijs
het vergroten van de communicatieve competentie en weerbaarheid van de leerlingen
communicatieve competentie
het vermogen tot communiceren
grammaticale competentie
de taalgebruiker beschikt over fonologische en syntactische vaardigheden en over een adequate woordenschat
tekstuele competentie
de taalgebruiker is vaardig in het doorzien van de opbouw van teksten en kan teksten structureren
strategische competentie
de taalgebruiker kan strategieën hanteren om communicatieve doelen te bereiken
functionele competentie
de taalgebruiken kan zijn taalgebruik aanpassen aan specifieke contexten
convergente vragen
vragen die leiden tot 1 voorspelbaar antwoord (dat goed of fout is)
dagelijks algemeen taalgebruik (DAT)
concrete taal die een kind in dagelijkse situaties verwerft en in dagelijkse situaties nodig heeft
divergente vragen
vragen die de leerling creatief laten denken en zelf formuleren (waarbij het antwoord niet direct voorspelbaar is)
feedback
de leraar schenkt in zijn reactie op leerlingen aandacht aan verbeteren
functies van taal
de verschillende gebruiksmogelijkheden van taal
communicatieve functie van taal
taal wordt gebruikt om te communiceren met anderen
conceptualiserende functie van taal
taal wordt gebruikt om de werkelijkheid te ordenen
expressieve functie van taal
taal wordt gebruikt om uitdrukking te geven aan persoonlijke emoties
gesprekspatronen
de manieren waarop de bijdragen aan een gesprek zijn gestructureerd
gesprekssituaties
situaties waarin een gesprek plaatsvindt (ook wel communicatieve situatie)
gesprekssoorten
verschillende soorten mondelinge teksten (bijv. kringgesprek, interview, uitleg)
interactie
een onderwijssituatie waarbij leerlingen vooral zelf aan het woord komen
interactief taalonderwijs
hierbij gaat het om het vergroten van de grammaticale, tekstuele, communicatieve, strategische en sociolinguĂŻstische competentie van de leerlingen
jeugdliteratuur
taaldomein waarin het stimuleren van het lezen van literaire teksten centraal staat
kerndoelen
een beschrijving van wat er op een vakgebied aangeboden moet worden
kritisch luisteren
luisteren met de bedoeling om je een mening te vormen
luisterdoelen
de luisteraar kan bij het luisteren verschillende doelen hanteren (iets te weten komen, mening vormen, handelingen uitvoeren)
luistervaardigheid
de luisteraar koppelt betekenissen aan klanken
mondeling presenteren
de spreker houdt een voordracht in de vorm van een monoloog
referentieniveaus
een beschrijving van het niveau dat leerlingen op de diverse taaldomeinen moeten halen
relaties in teksten
de denkrelaties die in een tekst tussen woorden, woordgroepen en zinnen worden uitgedrukt
schrijven / lezen
schrijven is de vaardigheid om een tekst te kunnen schrijven, lezen is de vaardigheid om een tekst te kunnen lezen en begrijpen
sociale taalfuncties
de spreker hanteert sociale taalfuncties die betrekking hebben op de interactie tussen mensen
spreekdoelen
een spreker heeft bewust of onbewust altijd een doel moet wat hij zegt
spreektechniek
de spreker heeft controle over zijn tong-, lip-, en gehemtespieren, zodat hij klanken op een juiste manier kan produceren (onderdeel van logopedie)
spreekvaaridgheid
de vaardigheid om goed te kunnen spreken
spreken / luisteren
spreken is spreken in een geĂŻsoleerde situatie (bijv. spreekbeurt), luisteren is luisteren in een geĂŻsoleerde situatie (bijv. naar een verhaal)
strategisch taalonderwijs
leerlingen bewust maken van strategieën voor compleet taaltaken in relatie tot hun doel
taakgericht taalonderwijs
hierbij gaat het om het vergroten van de communicatieve competentie en weerbaarheid van de leerlingen
taal bij alle vakken
hierbij gaat het om een optimaal gebruik van taal bij alle vakken
taalaanbod
de taal die de leerkracht aan de leerlingen aanbiedt
taalachterstand
een relatief laag taalvaardigheidsniveau in vergelijking met moedertaalsprekers van ongeveer dezelfde leeftijd
taalbeschouwing
taaldomein waarin het reflecteren op taal als systeem, op het gebruik van taal en op de functie van taal centraal staat
taalfuncties
de verschillende gebruiksmogelijkheden van taal
communicatieve functie van taal
taal wordt gebruikt om te communiceren met anderen
conceptualiserende functie van taal
taal wordt gebruikt om de werkelijkheid te ordenen
expressieve functie van taal
taal wordt gebruikt om uitdrukking te geven aan persoonlijke emoties
taalgebruiksbewustzijn
de taalgebruiker bezit het vermogen zijn eigen mondelinge taalgedrag tot object van denken te maken
taalontwikkelingsfasen
de fasen die een kind achtereenvolgens doorloopt in zijn moedertaalontwikkeling
taalvariatie
De verscheidenheid in taalgebruik tussen mensen en groepen mensen. De concrete verschijningsvormen van taalvariatie worden taalvariëteiten genoemd.
taalverwerving
Het verwerven van spraak en het verwerven van inzicht in het hanteren van grammaticale en communicatieve regels.
technisch luisteren
luisteren waarbij het gaat om de verschillen tussen klanken te horen of om het nazeggen van aangeboden informatie
traditioneel taalonderwijs
taalonderwijs dat overwegend gericht is op vorm, dat is opgedeeld in afzonderlijke deelgebieden en dat binnen die domeinen verschillende deelvaardigheden onderscheidt en instrueert
voor- en vroegschoolse educatie (VVE)
Programma's voor voor- en vroegschoolse educatie (VVE) met als doel kinderen in achterstandssituaties extra te stimuleren in hun (taal)ontwikkeling om zo de start in het basisonderwijs te vergemakkelijken.
woordenschat
taaldomein waarin het verwerven van woordvormen en woordbetekenissen centraal staat