1/57
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Welke vier niveaus kunnen in groepen onderscheiden worden?
Inhoudsniveau, procedureniveau, interactieniveau en bestaansniveau.
Welke niveaus behoren tot het taakniveau?
Inhoudsniveau en procedureniveau.
Welke niveaus behoren tot het procesniveau?
Interactieniveau en bestaansniveau.
Waarover gaat het inhoudsniveau?
Over het werk aan de taak en de doelstellingen.
Waarop ligt de nadruk bij het inhoudsniveau?
Op waarover gesproken wordt en welke beslissingen genomen worden.
Geef voorbeelden van het inhoudsniveau.
Lesinhoud, gespreksinhoud, problemen, doelen en besluiten.
Wanneer kan een groep vastlopen op inhoudsniveau?
Bij onvoldoende informatie, onduidelijke doelen of gebrek aan overeenstemming.
Welke interventies kan een begeleider uitvoeren op inhoudsniveau?
Informatie geven, verduidelijken, samenvatten, verbanden leggen en doelstellingen herformuleren.
Waarover gaat het procedureniveau?
Over de manier waarop de groep aan de taak werkt.
Wat is het verschil tussen inhoudsniveau en procedureniveau?
Inhoudsniveau gaat over wat er gebeurt, procedureniveau over hoe het gebeurt.
Welke vragen kan men stellen bij storingen op procedureniveau?
Of de werkwijze geschikt is, de agenda duidelijk is en de verantwoordelijkheden vastliggen.
Wat is een gevolg van te veel storingen op procedureniveau?
Verminderde productiviteit en frustratie.
Welke interventies behoren tot het procedureniveau?
Structuur bieden, werkvormen kiezen, agenda opstellen en afspraken maken.
Welke voorbeelden horen bij structuur op procedureniveau?
Werktijden, frequentie van samenkomsten en tijdsbewaking.
Welke werkvormen kunnen gebruikt worden?
Groepsdiscussie, kringgesprek, rollenspel, leesopdracht en brainstorm.
Welke elementen behoren nog tot het procedureniveau?
Besluitvorming, planning en operationalisering van doelen.
Welke omgangsregels behoren tot het procedureniveau?
Luisteren, vertrouwelijkheid, participatie en omgaan met emoties.
Wat zijn onzichtbare interventies?
Voorwaardenscheppende interventies die nauwelijks opvallen.
Geef voorbeelden van onzichtbare interventies.
Een geschikt lokaal kiezen, hulpmiddelen voorzien en gastsprekers uitnodigen.
Waarover gaat het interactieniveau?
Over alles wat zich tussen groepsleden afspeelt.
Welke processen behoren tot het interactieniveau?
Communicatie, leiderschap, participatie, cohesie, macht, normen en groepsontwikkeling.
Waarom vormt het interactieniveau de kern van de groepsdynamica?
Omdat het focust op de onderlinge relaties tussen groepsleden.
Hoe kan een begeleider een goede kennismaking bevorderen?
Door een persoonlijke begroeting en een rustige start.
Waarom zijn non-verbale signalen belangrijk?
Omdat ze informatie geven over onderlinge relaties.
Waarom worden subgroepjes gebruikt?
Om de participatie van alle groepsleden te verhogen.
Hoe kan een begeleider veiligheid en vertrouwen bevorderen?
Door positieve bekrachtiging en verschillen toe te laten.
Hoe stimuleert een begeleider open communicatie?
Door groepsleden rechtstreeks op elkaar te laten reageren.
Waarom zijn evaluatiemomenten belangrijk?
Om terug te blikken op het functioneren van de groep.
Wat kunnen subgroepen aangeven?
Dat behoeften van groepsleden onvoldoende vervuld worden.
Wat is procesmatige reflectie?
De begeleider benoemt wat hij waarneemt in de groep.
Geef een voorbeeld van procesmatige reflectie.
"Ik krijg de indruk dat het tijd is voor een pauze."
Waarom worden verborgen thema's bespreekbaar gemaakt?
Om spanningen en onderliggende problemen zichtbaar te maken.
Waarover gaat het bestaansniveau?
Over individuele processen binnen groepsleden.
Welke behoeften staan centraal op het bestaansniveau?
Veiligheid, erbij horen, respect, erkenning, zelfverwezenlijking en zingeving.
Waarom zijn groepen belangrijk voor identiteit?
Omdat mensen erkenning nodig hebben van anderen.
Welke drie vormen van erkenning bestaan er?
Erkenning dat je er bent, erkenning voor wat je kunt en erkenning voor wie je bent.
Wat betekent erkenning dat je er bent?
Het gevoel erbij te horen en serieus genomen te worden.
Wat betekent erkenning voor wat je kunt?
Het gevoel competent te zijn.
Wat betekent erkenning voor wie je bent?
Gewaardeerd worden als persoon.
Wat kan een gevolg zijn van begrip en erkenning?
Meer zelfacceptatie.
Wat kan een probleem op bestaansniveau veroorzaken?
Een onpersoonlijk klimaat en een stroeve sfeer.
Welke interventies horen bij acceptatie?
Gehoord worden, erkenning geven en een niet-veroordelende houding aannemen.
Welke interventies horen bij feedback en confrontatie?
Feedback geven, confronteren en zelfinzicht stimuleren.
Welke persoonsgerichte interventies bestaan er?
Persoonlijke ervaringen bespreken en gevoelens benoemen.
Wat betekent openheid van de begeleider?
Authentiek zijn en open communiceren.
Wat betekent experimenteerzin?
Fouten mogen maken en nieuw gedrag uitproberen.
Welke voorbeeldfunctie heeft de begeleider?
Enthousiasme, empathie en respect tonen.
Wat is een beschermingsinterventie?
Een groepslid beschermen tegen te veel kritiek of groepsdruk.
Van welke factoren hangt de zichtbaarheid van de vier niveaus af?
Van het type groep en de fase waarin de groep zich bevindt.
Wat is het inhoudsniveau samengevat?
Het werk aan de taak en de doelstellingen.
Wat is het procedureniveau samengevat?
Hoe de groep aan de taak werkt.
Wat is het interactieniveau samengevat?
De onderlinge relaties tussen groepsleden.
Wat is het bestaansniveau samengevat?
De individuele processen van groepsleden.
Wat behoort tot de taakkant bij het opstarten van een groep?
Doelgroep, doelen, werkwijze, taak van de leden, vormgeving en evaluatie.
Wat behoort tot de proceskant bij het opstarten van een groep? Cohesie, relatiepatronen, ontwikkelingsfasen, normen, rollen en beëindigingsprocessen.
Wat is het contextniveau?
Het niveau waarop maatschappelijke invloeden op persoonlijke problemen zichtbaar worden.
Wat is biografisch werken?
Werken met de levensgeschiedenis van groepsleden.
Waaraan werkt de groep op contextniveau?
Inzicht verwerven en mensen in beweging brengen.