1/46
Een uitgebreide woordenlijst voor taalniveau A2, onderverdeeld in hoofdstukken met werkwoorden, zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijk naamwoorden en vaste uitdrukkingen met hun Duitse vertalingen.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Eng. (afkorting)
het woord is oorspronkelijk Engels. De uitspraak is (half-)Engels.
Fr. (afkorting)
het woord is oorspronkelijk Frans. De uitspraak is (half-)Frans.
f / m / pl (afkortingen)
female (vrouwelijk), male (mannelijk), pluralis (meervoud).
doen (verbum)
tun, stecken (bijvoorbeeld: Ik doe mijn telefoon in mijn tas.)
horen bij (vaste combinatie)
gehören zu
de bibliotheek (de bibliotheken)
die Bibliothek
de kapstok (de kapstokken)
die Garderobe
over koetjes en kalfjes praten
über alles Mögliche plaudern
appen (verbum)
per Whatsapp kommunizieren, eine Whatsapp verschicken
de bijbaan (de bijbanen)
der Nebenjob
het cv (het curriculum vitae)
der Lebenslauf
niet van toepassing
nicht zutreffend
begrijpen (verbum)
verstehen (Sinn). Perfectum: ik heb begrepen.
het taalmaatje (de taalmaatjes)
der Sprachpartner, die Sprachpartnerin
uit het hoofd leren
auswendig lernen
slagen voor (verbum)
bestehen (bijvoorbeeld: ze is geslaagd voor haar examen)
de borrel (de borrels)
der Umtrunk
het vwo (-)
≈ das Gymnasium
afrekenen (verbum)
abrechnen, bezahlen (ik reken … af)
de tegoedbon (de tegoedbonnen)
der Gutschein
huren (verbum)
mieten
de makelaar (de makelaars)
der Makler, die Maklerin
m2 (afkorting)
vierkante meter (Quadratmeter)
tillen (verbum)
tragen
het gft-afval (-)
der Biomüll
iemand een lift geven
jemanden mitnehmen (mit dem Auto)
missen (verbum)
verpassen (bijvoorbeeld: Ik heb de trein gemist.)
het smoesje (de smoesjes)
die Ausrede
voorkomen (verbum)
vorbeugen, verhindern of: vorkommen (het komt voor …)
de burgemeester (de burgemeesters)
der Bürgermeister, die Bürgermeisterin
oud en nieuw
Silvester
doorverbinden (verbum)
weiterverbinden (ik verbind … door)
de alarmcentrale (de alarmcentrales)
die Notrufzentrale
zwaargewond (adjectief)
schwerverletzt
de diplomawaardering
die Zeugnisbewertung
drs. (afkorting)
doctorandus (Magister, Diplom-)
bevestigen (verbum)
bestätigen
de contributie (de contributies)
der Mitgliedsbeitrag
aanvragen (verbum)
beantragen (ik vraag … aan)
de bijlage (de bijlagen/bijlages)
die Anlage, der Anhang
b.v.d. (afkorting)
bij voorbaat dank (vielen Dank im Voraus)
doorverwijzen (verbum)
überweisen (ik verwijs … door)
de bijsluiter (de bijsluiters)
der Beipackzettel
de zorgverzekering
die Krankenversicherung
overmaken / overschrijven (verba)
überweisen (geld)
btw (afkorting)
MwSt (omzetbelasting)
automatische incasso
Bankeinzug