er is eerst een overproductie van neuronen, vervolgens sterven overbodige cellen af omdat ze afhankelijk zijn van neurotrofe (voedende) factoren geproduceerd door gliacellen → de synapsen op de overige neuronen worden ofwel opgenomen in een functioneel netwerk ofwel geëlimineerd door synaptic pruning, dit komt vooral voor in de puberteit wat verband houdt met stemmings- en gedragsveranderingen