1/71
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Azure-resourcehiërarchie:
Account → Subscription → Resource Group → Resource

Hoe ziet de Azure physical infrastructure eruit?
Geography → Region → Availability Zone → Datacenter

Beschikbaarheidszones (availability zones)
Een fysiek gescheiden datacenter binnen een Azure-regio, met eigen stroom, koeling en netwerk.
👉 Als één zone uitvalt, blijven de andere zones werken.
Azure Availability Zone-services
1. Zonegebonden 📍
→ Resource staat in één specifieke Availability Zone.
→ Valt die zone uit, dan valt de resource uit.
2. Zone-redundant 🔄
→ Azure zorgt voor redundantie (kopie) over meerdere Availability Zones.
→ Valt één zone uit, dan kan de service blijven werken.
3. Niet-regionaal 🌍
→ Service is niet afhankelijk van één specifieke regio of zone.
→ Bestand tegen uitval van een zone én een hele regio.
Azure Regioparen
Regiopaar → Twee Azure-regio's die aan elkaar gekoppeld zijn en ver uit elkaar liggen.
→ Als een hele regio uitvalt, kan de andere regio als back-up dienen.
Voordelen
🛡 Bescherming tegen uitval van een hele regio
🔄 Azure-updates worden niet tegelijk op beide regio's uitgevoerd
🌍 Data blijft meestal binnen dezelfde geografie → bijvoorbeeld West Europe ↔ North Europe. Beide regio's liggen in Europa, waardoor data meestal binnen Europa blijft.
Soevereine regio's
Soevereine regio's → speciale Azure-regio's die volledig geïsoleerd zijn van het normale Azure-netwerk.
Ze worden gebruikt wanneer er extra wettelijke of beveiligingseisen gelden.
Voorbeeld:
🇺🇸 US Government-regio's → voor de Amerikaanse overheid en bepaalde overheidsorganisaties.
Resource
Resource → Een afzonderlijke Azure-service, zoals een virtuele machine (VM), database of opslagaccount.
Resourcegroep
Resourcegroep → Een verzameling van resources die bij elkaar horen.
Resource group rules
1. Eén groep tegelijk 📦
→ Een resource hoort altijd bij precies één resourcegroep.
→ Je kunt een resource verplaatsen naar een andere groep.
2. Niet nesten of hernoemen 🚫
→ Resourcegroepen kunnen niet in andere resourcegroepen worden geplaatst.
→ Een resourcegroep kan niet worden hernoemd na het aanmaken.
3. Acties gelden voor alles ⚠
→ Verwijder je een resourcegroep? Dan worden alle resources daarin verwijderd.
→ Toegangsrechten die je op de groep instelt, gelden ook voor alle resources erin.
Azure abonnementen
Subscription → Een beheer- en betaalniveau binnen Azure.
📦 Bevat resource groups
💰 Facturering → aparte factuur per subscription
🔐 Toegang → eigen toegangsregels en beleid
Waarom meerdere Azure subscriptions?
Om omgevingen, teams/projecten en kosten van elkaar te scheiden.
Azure beheergroepen
Een beheergroep is een niveau boven subscriptions. Je gebruikt het vooral wanneer je veel subscriptions hebt.
Structuur:
Tenant → Beheergroep → Subscription → Resource Group → Resource
Waarvoor gebruik je een Azure beheergroep?
1. Beleid toepassen 🔐
Je kunt één beleid instellen voor een beheergroep.
Bijvoorbeeld: alle VM's moeten in West Europe staan.
Dit beleid geldt dan automatisch voor alle subscriptions onder die beheergroep.
2. Toegang regelen 👥
Je kunt in één keer toegang geven tot meerdere subscriptions.
Bijvoorbeeld: een IT-manager krijgt toegang tot alle subscriptions onder IT.
Azure Virtual Machines (VM's)
Azure VM → Een virtuele server in Azure (IaaS).
Je krijgt veel controle, bijvoorbeeld over:
💻 Het besturingssysteem
⚙ De software
🔧 De configuratie
👉 Je hoeft geen fysieke server te kopen, maar je bent zelf verantwoordelijk voor updates, patches en het beheer van de VM.
Voorbeelden gebruik VM
🧪 Testen & ontwikkelen → snel een VM maken en weer verwijderen.
🌐 Applicaties hosten → applicaties op een virtuele server draaien.
🏢 Datacenter uitbreiden → on-premises omgeving uitbreiden met Azure.
🚨 Disaster recovery → VM gebruiken als back-up bij een storing.
🚚 Lift-and-shift → bestaande servers vrijwel direct naar Azure verplaatsen.
VM-resources en -grootte
Wanneer u een VIRTUELE machine inricht, kiest u resources zoals:
Grootte (doel, aantal processorkernen en hoeveelheid RAM))
Opslagschijven (harde schijven, ssd-stations, enzovoort)
Netwerken (virtueel netwerk, openbaar IP-adres en poortconfiguratie)
Verschillende VM size families —> BDEFMLN series
Familie | Typische focus | Voorbeeld van gebruik |
|---|---|---|
B-serie | Burstable, kostenefficiënt | Ontwikkelings- en testworkloads met incidentele CPU-pieken |
D-serie | Algemeen doel | Webservers, kleine tot middelgrote app-servers |
E-serie | Geoptimaliseerd geheugen | In-memory databases, analyse-werkbelastingen |
F-serie | Rekenkracht geoptimaliseerd | CPU-intensieve applicatielagen |
M-serie | Grote geheugenvoetafdruk | Grote ondernemingsdatabases |
L-serie | Geoptimaliseerde opslag | Opslag en gegevensverwerking met hoge doorvoer |
N-serie | GPU ingeschakeld | AI-training- en inferentie- en grafische workloads |
Virtual machine options
vCPU
RAM
Disk
Network
Premium SSD
Generation
vCPU → bepaalt de rekenkracht
RAM → bepaalt hoeveel data de VM tegelijk in geheugen kan houden
Disk → bepaalt opslag, IOPS en doorvoer
Network → bepaalt de snelheid van gegevensoverdracht
Premium SSD → snellere/hoogwaardige opslag
Generation → hardwaregeneratie van de VM
Virtual machine options naam → Standard_D2s_v5
D: de VM-familie (algemeen gebruik in dit geval)
2: het aantal vCPU's in deze grootte
s: ondersteunt Premium SSD-opslag
v5: hardwaregeneratie voor die familie
VM Scale Set
een groep identieke VM's die automatisch kan worden opgeschaald of afgeschaald.
Availability Set
→ Een groep VM's die Azure over verschillende fout- en updatedomeinen verdeelt.
Availability sets groeperen VM’s op:
Updatedomein: VM's die samen kunnen worden opgestart tijdens gepland onderhoud.
Foutdomein: VM's die een potentieel stroom- of netwerkstoringspunt delen.
Azure Virtual Desktop (AVD)
Een Azure-dienst waarmee gebruikers Windows-desktops en apps vanuit de cloud kunnen gebruiken, met centraal beheer.
AVD = Windows-desktop in de cloud.
Hoe wordt toegang bepaald voor AVD?
Entra ID bepaalt wie toegang heeft tot de cloud-desktop.
Wat is een container?
Een container is een lichte, geïsoleerde omgeving waarin je een applicatie met alles wat die nodig heeft kunt uitvoeren.
container is PaaS
vm vs container
VM vs Container → VM: volledige virtuele computer met een eigen besturingssysteem; Container: lichte omgeving voor een applicatie die het besturingssysteem van de host deelt.
Azure Container Instances (ACI)
Snel en eenvoudig containers uitvoeren zonder VM's te beheren.
Azure Container Apps
Container Apps lijkt op ACI, maar heeft meer ingebouwde mogelijkheden.
Bijvoorbeeld:
Automatisch schalen
Load balancing
Geschikt voor applicaties met meerdere containers
Azure Kubernetes Service (AKS)
AKS gebruik je wanneer je veel containers hebt en deze centraal wilt beheren.
Kubernetes is een container-orkestratiesysteem.
Dat betekent simpel gezegd:
Kubernetes zorgt ervoor dat al je containers goed worden aangemaakt, verdeeld, geschaald en beheerd.
Microservices
applicatie opdelen in kleine, onafhankelijke onderdelen.
Veelal bij containers het geval
Azure Functions
Een serverless (je beheert geen servers) dienst waarmee je code uitvoert wanneer een gebeurtenis plaatsvindt, zonder zelf servers of VM's te beheren.
Kenmerken
Serverless → je beheert geen servers
Event-driven → wordt gestart door een gebeurtenis
Automatisch schalen → Azure past capaciteit aan de vraag aan
Betalen naar gebruik → kosten zijn gekoppeld aan het uitvoeren van de functie
Azure AI Services
kant-en-klare AI-mogelijkheden die je via API's kunt gebruiken.
Bijvoorbeeld:
👁 Afbeeldingen herkennen
🗣 Spraak herkennen
💬 Taal begrijpen
📄 Documenten verwerken
Azure OpenAI Service
Hiermee kun je generatieve AI gebruiken, bijvoorbeeld voor:
💬 Chatbots
✍ Teksten genereren
📝 Samenvatten
💡 Inhoud genereren
Je gebruikt hiervoor AI-modellen van OpenAI binnen de Azure-omgeving.
Agentische AI-patronen
Agentische toepassingen combineren een AI-model met instructies, context en hulpprogramma's om doelen met meerdere stappen te voltooien.
Azure Machine Learning
Dienst om eigen machine-learningmodellen te bouwen, trainen en beheren.
Azure IoT Hub vs Central vs Edge
IoT Hub → Verbindt en laat communiceren tussen IoT-apparaten en Azure.
👉 Voorbeeld: een temperatuursensor stuurt meetgegevens naar Azure.
IoT Central → Kant-en-klaar platform om IoT-oplossingen te beheren.
👉 Voorbeeld: een dashboard waarop je de temperatuur en status van alle sensoren bekijkt.
IoT Edge → Voert cloud-workloads dicht bij het IoT-apparaat uit.
👉 Voorbeeld: een sensor detecteert lokaal dat een machine te warm wordt en schakelt direct een koelsysteem in.
Azure App Service
PaaS-dienst om webapps, API's en mobiele back-ends te hosten zonder servers te beheren.
⭐Typen App Service
🌐 Web Apps
→ Voor het hosten van websites/webapplicaties.
Voorbeeld:
Je bouwt een webshop → je host deze met Azure Web App.
🔗 API Apps
→ Voor het hosten van REST API's.
De API verwerkt bijvoorbeeld een verzoek om productinformatie op te halen.
⚙ WebJobs
→ Voor het uitvoeren van achtergrondtaken.
Voorbeeld:
Elke nacht automatisch oude bestanden verwijderen of gegevens verwerken.
Mobile Apps
→ Voor het bouwen van een back-end voor mobiele apps.
Azure Virtual Network (VNet)
Een privé-netwerk binnen Azure waarmee Azure-resources veilig met elkaar, het internet en on-premises netwerken kunnen communiceren.
Waarvoor gebruik je een VNet?
Voor communicatie, isolatie, routering en beveiliging van netwerkverkeer.
Welke zaken moet er binnen een VNet geregeld worden?
Wat wil je regelen? | Azure-functionaliteit |
|---|---|
1. Netwerk opdelen | Isolatie & subnetten |
2. Internet bereiken | Openbaar eindpunt |
3. Azure-resources verbinden | VNet & Service endpoints |
4. Verbinden met bedrijf | VPN / ExpressRoute |
5. Bepalen welke weg verkeer neemt | Routing / BGP / UDR |
6. Netwerkverkeer filteren | NSG / NVA |
7. Twee VNets verbinden | VNet Peering |
1. Isolatie en segmentatie (VNet)
Je kunt een VNet opdelen in subnetten.
Subnet → Een gedeelte van een VNet.
2. Communicatie via internet (VNet)
Resources in een VNet kunnen via een public endpoint met internet communiceren. Met een private endpoint blijft de verbinding binnen het VNet en wordt een privé-IP gebruikt.
3. Communicatie tussen Azure-resources (VNet)
Azure-resources, zoals VM's en AKS, kunnen binnen een VNet met elkaar communiceren. Een service endpoint maakt vanuit het VNet een veilige verbinding met Azure-services zoals SQL en Storage.
4. Communiceren met lokale middelen (VNet)
Je kunt een VNet verbinden met je eigen bedrijfsnetwerk (on-premises). Dit kan met:
Point-to-Site VPN → Verbindt één externe computer veilig met een Azure VNet via een versleutelde VPN-verbinding.
Site-to-Site VPN → Verbindt een volledig on-premises netwerk met een Azure VNet via een versleutelde VPN-verbinding over het internet.
ExpressRoute → Een privéverbinding tussen je on-premises netwerk en Azure die niet via het openbare internet loopt.
Geschikt wanneer je hoge bandbreedte, betrouwbare verbinding en extra beveiliging nodig hebt.
5. Netwerkverkeer routeren (VNet)
Binnen en vanuit een VNet bepaalt routing welke route netwerkverkeer neemt. Optiees zijn:
Routetabel → Een tabel met regels die bepalen welke route netwerkverkeer moet volgen.
UDR (User Defined Route) → Een zelfgemaakte route waarmee je bepaalt hoe netwerkverkeer wordt gerouteerd.
BGP (Border Gateway Protocol) → Een protocol dat automatisch
6. Netwerkverkeer filteren (VNet)
Verkeer binnen het VNet kan worden toegestaan of geblokkeerd via:
Netwerkbeveiligingsgroep → Een verzameling regels waarmee je netwerkverkeer toestaat of blokkeert op basis van bijvoorbeeld IP-adres, poort en protocol.
Virtueel netwerkapparaat → Een gespecialiseerde virtuele machine die een netwerkfunctie uitvoert, zoals een firewall, om netwerkverkeer te controleren en te beveiligen.
7. Virtuele netwerken met elkaar verbinden (VNet)
Je kunt een VNet met een ander VNet verbinden via VNet Peering. Hierdoor kunnen resources in beide VNets privé met elkaar communiceren via het Microsoft-netwerk.
at is een VPN?
VPN (Virtual Private Network) → Een versleutelde verbinding tussen netwerken via een ander netwerk, meestal het openbare internet. Hierdoor kan gevoelige data veilig worden verstuurd.
2. VPN Gateway
VPN Gateway → Een Azure-netwerkgateway waarmee je een VNet veilig kunt verbinden met andere netwerken.
Je kunt hiermee:
een bedrijfsnetwerk met Azure verbinden;
één computer met Azure verbinden;
twee VNets met elkaar verbinden.
👉 De VPN Gateway staat in een speciaal subnet binnen het VNet.
VPN connectivity models
Point-to-Site (P2S)
P2S VPN → Verbindt één computer/apparaat met een Azure VNet via een versleutelde VPN-verbinding.
Site-to-Site (S2S)
S2S VPN → Verbindt een heel bedrijfsnetwerk met een Azure VNet via een versleutelde VPN-verbinding.
Network-to-Network
Network-to-Network VPN → Verbindt twee virtuele netwerken (VNets) met elkaar via een VPN-verbinding.
Types VPN
Policy-based VPN → Bepaalt op basis van vaste IP-adressen welk verkeer door de VPN-tunnel gaat.
Route-based VPN → Gebruikt routing om te bepalen welke VPN-tunnel het verkeer moet gebruiken.
Route-based is de moderne/voorkeursmethode en ondersteunt meer soorten verbindingen, zoals P2S, VNet-to-VNet en meerdere locaties.
Gebruik een op route gebaseerde VPN-gateway als:
Verbindingen tussen virtuele netwerken
Punt-naar-site-verbindingen
Verbindingen met meerdere locaties
Co-existentie met een Azure ExpressRoute-gateway
Scenario's voor hoge beschikbaarheid van VPN
Active/Standby → Azure heeft twee VPN-gateway-exemplaren. Eén is actief en de andere staat klaar om het over te nemen als de actieve gateway uitvalt.
Active/Active → Beide VPN-gateway-exemplaren zijn tegelijk actief en kunnen verkeer verwerken.
ExpressRoute-failover → Een VPN-verbinding als back-up voor ExpressRoute.
Zone-redundante gateway → VPN-gateway-exemplaren worden over meerdere Availability Zones verdeeld.
Wat is ExpressRoute?
ExpressRoute → Een privéverbinding tussen je eigen netwerk (on-premises) en Azure via een connectiviteitsprovider. Het verkeer gaat niet via het openbare internet.
Wat is ExpressRoute-circuit?
ExpressRoute-circuit → De verbinding tussen je on-premises netwerk en Microsoft Cloud. Een locatie, zoals een kantoor of datacenter, heeft een eigen circuit.
Voordelen van ExpressRoute
Azure ExpressRoute – voordelen
Privéverbinding → Rechtstreeks en niet via het openbare internet naar Azure.
Wereldwijde connectiviteit → Verbindt verschillende kantoren/datacenters wereldwijd via het Microsoft-netwerk.
Dynamische routering (BGP) → Routes worden automatisch uitgewisseld en bijgewerkt tussen je netwerk en Azure.
Ingebouwde redundantie → Er zijn meerdere verbindingen/apparaten, zodat de verbinding betrouwbaar blijft als er één uitvalt.
Wat is Azure DNS?
✅ Azure DNS is een service waarmee je DNS-domeinen en DNS-records kunt hosten en beheren via Azure.
DNS = vertaalt domeinnamen naar IP-adressen.
Voordelen van Azure DNS
Betrouwbaarheid en prestaties -> Hoge beschikbaarheid en snelle DNS-resolutie via het wereldwijde Azure-netwerk.
Beveiliging -> Ondersteunt RBAC voor toegangsbeheer van DNS-records.
Gebruiksgemak -> DNS beheren via Azure Portal, PowerShell, CLI en API.
Aanpasbare virtuele netwerken (Private DNS) -> Gebruik eigen domeinnamen binnen een Virtual Network (VNet).
Alias Records -> Verwijzen naar een Azure-resource in plaats van een vast IP-adres, waardoor IP-wijzigingen automatisch worden bijgewerkt.
Azure Storage Account
Hoofdcontainer waarin Azure Storage-data wordt opgeslagen.
Redundantie van opslag: LRS vs GRS vs RA-GRS vs ZRS vs GZRS vs RA-GZRS
Lokaal redundante opslag (LRS) → 3 kopieën van data in één datacenter.
Geografisch redundante opslag (GRS) -> 3 kopieën in het primaire datacenter + 3 kopieën in een tweede regio.
Geografisch redundante opslag met leestoegang (RA-GRS → GRS met leesrechten op de secundaire regio (anders heb je geen leesrechten).
Zone-redundante opslag (ZRS) -> Data wordt verspreid over meerdere Availability Zones binnen dezelfde regio.
Geografisch zone-redundante opslag (GZRS) → ZRS in de primaire regio + replicatie naar een tweede regio.
Leestoegang tot geografische zone-redundante opslag (RA-GZRS) → GZRS met leesrechten op de secundaire regio.
4 Types Azure storage account types
Standaard General-purpose v2 -> Standaard opslagaccount voor blobs, files, queues en tables. Meest gebruikte keuze.
Premium Block Blobs -> Voor Blob Storage met hoge prestaties en lage latency (weinig vertraging).
Premium File Shares -> Voor Azure Files met hoge prestaties en ondersteuning voor SMB (Windows-netwerkschijf) & NFS (Linux-netwerkschijf).
Premium Page Blobs -> Voor Page Blobs (Speciaal type Blob Storage dat wordt gebruikt voor virtuele harde schijven (VHD's) van Azure Virtual Machines.) met premium prestaties.
Storage endpoint
Storage endpoint: het unieke URL-adres waarmee je een specifieke Azure Storage-service binnen een Storage Account benadert.
Welke Azure Storage Services zijn er en waarvoor gebruik je ze?
Azure Blobs -> Opslag van bestanden zoals afbeeldingen, video's en documenten.
Azure Files -> Gedeelde bestanden via een netwerkschijf.
Azure Queues -> Berichtenwachtrij voor communicatie tussen applicaties.
Azure Disks -> Virtuele schijven voor Azure Virtual Machines.
Azure Tables -> NoSQL-opslag voor gestructureerde gegevens.
Voordelen van Azure Storage
Duurzaam -> Bescherming tegen uitval
Veilig -> Versleutelde opslag
Schaalbaar -> Groeit mee
Beheerd -> Azure onderhoudt
Toegankelijk -> Wereldwijd bereikbaar
Verschillende Blob storage access tiers
Hot -> Vaak gebruiken
Cool -> Soms gebruiken
Cold -> Zelden gebruiken
Archive -> Bijna nooit gebruiken
Vordelen van Azure Files
Gedeelde toegang -> Bestanden delen voor Windows en Linux.
Volledig beheerd -> Azure doet het beheer.
Scripts en hulpprogramma's -> Beheer via Azure-tools.
Tolerantie -> Hoge beschikbaarheid.
Programmeerbaarheid -> Eenvoudig te gebruiken in applicaties.
Opties voor gegevensmigratie
Azure Migrate -> Service om servers, applicaties, databases en data van on-premises naar Azure te migreren.
Azure Data Box -> Fysiek apparaat om grote hoeveelheden data naar of vanuit Azure te verplaatsen. (Voor als internet te traag is)
Welke Azure-tools gebruik je om bestanden te verplaatsen of synchroniseren?
AzCopy -> Opdrachtregelprogramma om bestanden en blobs te uploaden, downloaden, kopiëren en synchroniseren tussen opslaglocaties.
Azure Storage Explorer -> Grafische applicatie om bestanden en blobs in Azure Storage te beheren.
Azure File Sync -> Synchroniseert automatisch bestanden tussen een lokale Windows-fileserver en Azure Files.
Microsoft Entra ID
Microsoft Entra ID -> Cloudservice voor identiteits- en toegangsbeheer waarmee gebruikers zich aanmelden bij Azure, Microsoft 365 en andere applicaties.
Microsoft Entra Connect
Microsoft Entra Connect -> Synchroniseert gebruikers, groepen en wachtwoorden tussen on-premises Active Directory (gebruikersbeheer op lokale servers) en Microsoft Entra ID (identiteitsbeheer in de cloud), zodat gebruikers met één account zowel lokale als cloudresources kunnen gebruiken.
Microsoft Entra Domain Services
…