1/77
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
geschreven bronnen
vita Probi 276-288
panegyric van Constantius 297
Historia van Ammianus Marcellinus
Ammianus Marcellinus
beeld van de germanen als illegale migranten en sagaves
1ste eeuw vC (korte geschiedenis)
veroveringen van caesar
vastleggen van de provincies
1ste en 2e eeuw nC (korte geschiedenis)
consolidatie door augustus
Pax Romana
bevolkingsgroei en meer exploitatie van het land
3e eeuw nc (korte geschiedenis)
vanaf 250 graduele verlating van de marginale gebieden
Postumus en het Gallische Rijk
270 → Germaanse raids, vernielingen en zogezegde massaverlatingen
4e en 5e eeuw nC (korte geschiedenis)
‘decline and fall’
germaanse invallen → raids, immigranten en illegale settelers
passieve Gallo-Romeinen → hebben bijna geen actieve rol
Salische Franken
onduidelijk wie het precies zijn
1 keer genoemd door Ammianus
is het een stam? een familie?
Edward Gibbon
The History of the Decline and Fall of the Roman Empire
→ Catastrophic view
Catastrophic view
3e eeuwse politieke instabiliteit en economische crisis + germaanse invallen
4e eeuws herstel door diocletianus
germaanse vernielingen en verlating van Noord-Gallië
5e eeuw → het leger trekt zich terug en Noord-Gallië wordt aan haar lot overgelaten, de Franken verdedigen het gebied en de Merovingische cultuur ontstaat
school of transformation
long durée
accomodating view
accomodating view
meer vreedzame tradities
Germaanse migraties hebben tot veranderingen in de westerse samenleving geleid
‘Barbarian successor states’ → koninkrijkjes die delen van het WRR gaan bezitten maar die ook romeins erfgoed hebben
→ rol van de katholieke kern in de 4e en 5e eeuw
archeologische bronnen als aanvulling
zijn vaak heel beïnvloed door het historisch narratief bij interpretatie en datering
germaanse dreiging
brandlagen
verlaten van villa’s
eindfases van landelijke nederzettingen
muntschatten
→ Noord-Gallië word verlaten en verwaarloosd
in de 21e eeuw revaluatie van de periode en de materialen
recente archeologische resultaten
bevolkingsafname
kleinschaligere economie
verhoogde militarisering
migratie en mobiliteit door de militarisering
socioculturele vermengde samenleving → interactie
= verval en transformatie
situatie binnen het Imperium Romanum eind 2e 3e eeuw
populatieafname
3e eeuwse crisis
soldatenkeizers en usurpaties
militarisering van Noord-Gallië
Germaanse invallers en illegale migranten en Bagaudae (opstandige boeren)
3de eeuwse crisis
einde van Pax Romana
soldatenkeizers → door te weinig soldij worden soldaten heel afhankelijk van hun generaals → roepen hun eigen leider uit als keizer → zo 60tal keizers op 50 jaar
politiek-economisch heel instabiel ca 50 jaar
militaire usurpatie en burgeroorlog
economische instabilitiek
dreiging van germaanse invallen
plagen en ziektes
285 → diocletianus stelt orde op zaken
uitputting van grondstoffen → mensen zoeken elders werk
Imperium Galliarum
260-274
bestuurd vanuit trier
Postumus → Bataafse generaal
slaat munten voor legitimatie
5 keizers
militaire infrastructuur: de kampen van Oudenburg en Aardenburg krijgen een stenen fase
Rijnstreek, Gallië, Britannia en Hispania
ca 274 overgave aan Aurelianus en een herintegratie in het IR

Postumus
was een bataafse generaal & commandant van de rijnlegers
werd uitgeroepen tot legale keizer door het romeinse leger → verwierf Gallië, Germania, Britannia en Hispania en werd in 269 door zijn eigen troepen vermoord
imperium Britanniarum
286-296
Carausius → Menapisch generaal
ca 296 territorium terug geclaimd door Constantius Chlorus
Carausius
menapisch generaal, riep zichzelf uit als keizer van Britannia en Noord-Gallia → “emperor of the north”
werd door zijn vertrouweling Allextus vermoord in 293
→ Allectus wordt zelf vermoord in 296
forten
Maldegem
Aardenburg
Oudenburg
→ kustverdediging onder postumus
tegen invallen van de germanen, het Romeins leger en bagaudae (lokale rebellen)

Knesselare Kouter
mogelijk kamp van bagaudae

Zele - Kamershoek
germaans aardewerk uit de laatste kwart van de 3de eeuw
→ cultureel geheven → bewijst germaanse aanwezigheid
eerste germaanse landelijke nederzettingen in Noord-Gallieë
Bachte-Maria-Leerne
Nazareth-Eke
illegale settelers?
4de eeuw (politiek-militaire context)
administratieve reorganisatie van Diocletianus → West- en Oost-Romeinse Rijk
ook grootschalige aanpassingen en uitbouw van het verdedigingsapparaat
administratieve hervormingen van diocletianus
herschikking van de administratieve structuur→ provincies, civitates en hoofdsteden
de civitas menapiorum wordt Turnacensium → hoofdstad is Tournai/ Doornik ipv cassel
Trier wordt de hoofdstad van de provincie Belgica Prima + hoofdstad van de diocees Gallia
uitbouw van defensie
keizerlijke dynastieën in Noord-Gallie van de 3e tot 5e eeuw
Tetrarchie 284-324
Constantijnse dynastie 306-363
valentijnse dynastie 364-392
theodosiaanse dynastie 395-423
belangrijke defensie- en controlesystemen
rijnlimes
litus saxonicum
limes belgicus
hoogteversterkingen
stadsversterkingen
Rijnlimes / Neder-Germaanse Limes
sterke concentratie van de troepen bij de Rijngrens
→ Nijmegen, Kölen-Alteburg, Cuijk, Brittenburg
litus saxonicum
langs de kanaalkust, uitbouw van castella langs de Noordzee
→ oudenburg, Kent, Boulogne, Pevensey, Dover, Portchester
verdediging tegen piraterij
oorsprong in de mid 3e eeuw & uitbouw onder carausius
→ aangevallen door chaucken, friezen, chamaven en saksen
saksen
door ammianus voorgesteld als schrikwekkend, razenij, gevreesd voor hun dapperheid en snelle verplaatsing
raids
sociale verklaring van raids: sociale stratificatie
economische verklaring van raids: vorm van economische bedrijfsvoering,
warlord = centraal figuur
notitia dignitatum
lijst van legeraanvoerders per provincie
ca 480
bekend via middeleeuwse kopieën
veel versterkingen (vooral in engeland) bekend
limes belgicus
de weg van Boulogne-sur-mer naar Keulen via Bavai en Tongeren → met castella en burgi uitgerust → als secundaire verdedigingslinie en snelle communicatie
is een verbinding tussen de litus saxonicum en de Neder-Germaanse Limes
burgi
1ste generatie → 260-275 → Liberchies I, Braives, Taviers, Heumensoord, …
2e generatie → 310-335, onder Constantijn I → Morlanwelz, Taviers, Braives, Brunehaut-Liberchies (Liberchies II)
velzeke?
hoogteversterkingen
om landschappen te controleren
vaak errond bewoning
via munten kunnen we achterhalen welke keizers erin investeerden
bv Furfooz, Dourbes, Ortho, Virtonstad, Éprave→ in de Eifelregio
stadsversterkingen
versterkte steden met omwalling, maar wel met inkrimping van hun oorspronkelijke oppervlak
bv Bavay, Tongeren,
militarisering van de 3de eeuw
door vele burgeroorlogen en invallen
→ leger is overal aanwezig en rekruteert
om politieke redenen , economische controle, interactie met bevolking
in dienst gaan = eervol
in 4e eeuw reizen de keizers langs de fronten
riemgespen → deel van de uitrusting en communiceert dat je in het leger zit + om je identiteit te tonen
fibulae → belangrijk, werd op de schouder van een mantel gedragen
kruisboogfibula = typisch soldatenfibula voor de 3de eeuw
drieknoppenfibula = 4de eeuw

mozaïek, jachtpartij in militaire kledingstijl
4de eeuw → 310-330

op een sarcofaag, op schouder van soldaten met een zware mantel → drieknoppenfibula
4de eeuw → 320-330

doosje met weergave van een drieknoppenfibula
350-380

400-450
fresco
speld '(zoals in oudenburg) op de schouder van een senator = bestuurlijk ( niet militair)
de elites gaan zich als soldaten kleden
in de 5e en 6e eeuw wordt hett een uitgebreid symbool van romeinse macht

fubulae als symbool van romeinse macht bij het entourage van justinianus
maar archeologisch niet van teruggevonden → eerste als SYMBOOL
sociale evolutie van fibulae
militarisering dringt door als cultureel symbool en teken van macht
militarisering heeft een impact op alle aspecten van de samenleving

Romeinse importen aardewerk
terra sigillata uit het argonnegebied

laat-romeins terra nigra
veel variatie, zijn typische drinkbekers
vooral duitse en nederlandse productie
materiaal uit West-Falen → beste kwaliteit
goed gedocumenteerde vormenschat
Mayen Eifelwaar
ruwwandig
veel als export
typisch = dekselheulen
ook veel kannen, kruiken en kookpotten
handgemaakt aardewerk
het aandeel stijgt vanaf de 3e eeuw → meer mensen zijn zelfredzaam
geen duidelijke typologie,
heel individueel zonder gegroepeerde pottenbakkers in productiecentra
verschillende verschralers
petrografisch onderzoek met slijpplaatjes → herkomst, techniek
galloromeinse techniek : klei zonder steentjes
botverschraling enkel in later romeinse periode door experimenten

hacksilber
geknipt en gerold goud en zilver als betalingsmiddel voor huurlingroepen die niet deel waren van je leger → veel in Britannie en scandinavie gevonden
is een teken van rekruteringspolitiek
het gaf eer aan germanen die meevochten
veel gevonden buiten de grenzen
→ droeg bij aan een verkleining van de economie
munten
dateerbaar als de kop van een keizer erop staat, maar er waren ook veel imitaties
vooral soldaten hebben geld → soldij → blijft in het leger circuleren zonder op de consumptiemarkt te komen
veel munten uit de 3de eeuw pas in de 4e, 5e, 6e eeuw in graven
heel lang de muntschatten bij postumus gelinkt aan de invallende germanen → nu niet meer
postumus veel munten geslagen voor zijn legitimatie
valentinianus II → afgesloten circuit, enkel munten die binnen het leger circuleerden
stilicho → munten om rekruten te betalen
werden soms verknipt voor recyclage of hacksilber
laat-romeinse afname van de importen en de materiaalvariatie
door afgenomen populatie
beperkter vondstspectrum
vermoedelijke stijging in het aandeel vergankelijke materialen
andere factoren
wegvallen van de grote industrieën,
verstoorde netwerken
veranderde administratieve organisatie en controle
verandering van vraag en smaakt van de consumenten
verandering in sociale prestige
de Rijn als economische ader
Trier en het rijnland produceerde producten voor het IR en Germania
de rijn als ader voor transport en verzekerde veiligheid door de forten
was verbonden met meerdere wegen en rivieren naar het hinterland
economie en het leger
leger was een grote afnemer van producten
handel en het leger volgden dezelfde netwerken → zelfde infrastructuur en verzekerde veiligheid
leger produceerde ook zelf → fabricae
economische netwerken
grote netwerken voor lange afstandshandel werden vervangen door lokale netwerken
kleinschaligere landelijke gemeenschappen
stijging van de zelfvoorziening
wel nog steeds importen en uitwisseling
forten
bv Oudenburg, Aardenburg, Maldegem
oudenburg op een zandrug bij een geul die in 380 doorbrak
burgus van liberchies
burgus met militaria en in de 4e eeuw germaans aardewerk gevonden
Tongeren
krimpt in
wel laat-romeinse nieuwbouw → nieuwe muur, wegtracées, toren en een basilica
basilica voor rechtspraak, markten
stadswoningen met hypocausta
lokale productie van glas in glasovens
in laat-romeinse periode ook link met christendom → sarcofaag
vicus van Kortrijk
in laat-romeinse periode gekrompen
mogelijke aanwezigheid van een fort en leger met vlooteenheden
vicus van Kruishoutem
2e helft 4e eeuw tot 1e helft 5e eeuw
na de 6e eeuw lijkt de bewoning weg, maar er blijft activiteit aanwezig → continuïteit naar merovingische periode
statuten van germanen
laeti
foederati
illegale migranten
hinterland van tongeren
Donk
Baelen-Nereth
Hasselt
Meldert
Neerharen- Reken
Wange
Donk
late 3e -4e eeuw
Germaans aardewerk gevonden
Baelen-Nereth
4e-5 eeuw
woonstalhuizen en germaans aardewerk
Hasselt
2e helft 4e eeuw en vroege 5e eeuw
woonstalhuizen en aardewerk
Meldert
2e helft 4e eeuw tot mid 5e eeuw
terra nigra gevonden
Neerharen-Rekem
late 4e vroege 5e eeuw
mogelijk een nederzetting van huurlingen
30tal hutkommen en een munthorizon van Valentinianus II
Wange 5e eeuw begin 6e eeuw
was een oud villa-domein met hutkommen v
Leie-Schelde vallei
Romeins-Germaanse nederzettingen en aardewerk langs rivieren en wegen + een grote activiteitszone
continuïteit naar de vroege middeleeuwen
Germaans-Romeinse gemeenschappen
veranderende manier van leven
kleinschalige zelfvoorzienende gemeenschappen
andere invulling van de productie
binnen de romeinse provinciale samenleving
geconnecteerd en geïntegreerd
langs centrale assen
rond centrale plaatsen → militaire of administratieve functies
herkomst van de germaanse groepen
geïntegreerd als laeti of foederati → vrijwillig of gedwongen?
illagale settlers of aangetrokken migranten ?
kettingmigratie?
infrastructuur in het laatromeinse noorden
sites geclusterd langs rivieren en wegen → goederen en mensen reizen via het militair economisch netwerk
hoge mobiliteit?
graad van mobiliteit afhankelijk van veschillende facctoren
reizen in groep of alleen
leger heeft de hoogste graad van mobiliteit en de meeste modes
germaanse immigratie als kettingmigratie
mensen migreren langs gekende wegen en gebruiken de gekende infrastructuur → gestructureerd of geleid door lokale autoriteiten?
modes van mobiliteit
individuele migratie
professionele mobiliteit → economisch of artisanaal
seizoensgebonden of tijdelijke migratie
enkele of meerdere bestemmingen
terugkeer migratie
gedwongen migratie
opportunistische migratie
….
bij interpretatie van mobiliteit rekening houden met
actieve rol van de landelijke gemeenschappen
de relatie en controle van een stad op het hinterland → urban agency
mogelijkheden voor gestructureerde immigratie
veranderingen van de netwerk doorheen de tijd die een invloed hebben op richting, graad en mode van mobiliteit en migratie

wapengraven
germaanse krijgers,
late 4e 5e eeuw
symbolische uitdrukking van rechten en plichten van de elites
bijl = houthakken → claim leggen op het landschap
zwaard = bescherming tegen gevaar
lans, pijl, boog = jacht, autoriteit, leiderschap en territorium beschermen
andere artefacten zoals fibulae en gordels → stammen uit het romeinse leger en symboliseren autoriteit en mannelijkheid
vermenging van romeinse en Germaanse waarden
gewijzigde romeinse positie tov de germanen
vroeger oppositie
nu oppositie en integratie
laeti en foederati
worden aan de grenzen van het rik ingezet ter verdediging in burgi en castella
val van de macht van rome
406 oudejaarsnacht → doorbraak van de rijngrens bij mainz
410 alaric plundert rome en ontruiming van noord gallie en britannie
de salische franken nemen controle over in gallie → regularisatie van een de facto situatie in grote dele van gallie sinds de late 3e eeuw
archeologische bronnen over de val van de romeinse macht
germaanse invloed sinds 3e eeuw zichtbaar
in castella, castra, burgi en rurale nederzettingn
mogelijk huurlingen mogelijk eerste migranten
nog steeds beperkte kennis
toename van vermenging van waarden en praktijken in de 4e en 5e eeuw
aardewerk assemblages → gemengd handgemaakt en lokaal aardewerk en eifelwaar
uitwisselings en migratienetwerk →
voetschalen → hybride germaans en romeins
fibulae en gordelbeslag
wapengraven
5e eeuws Romeins-germaanse hybridisatie
hoge officieren van germaanse afkomst (bv stilicho) → door lange interactie en bewoning sociale mobiliteit
germanen in elke laag van de sociale stratigrafie
vanaf de 5e eeuw definitieve vestiging van germaanse bevolkkingsgroeien en ontwikkeling van machtsblokken zoals Francia olv Childeric en Clovis
5e eeuw autoriteit obv echte of geclaimde romeinse autoriteit
lokale leiders / rex zoeken banden met rome en ORR voor inclusie