1/52
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
Politieke participatie
Alle mogelijke manieren waarop burgers hun voorkeuren en eisen signaleren aan politieke besluitvormers, en druk uitoefenen op de besluitvorming.
Twee componenten:
- Informatie geven
- Politieke druk uitoefenen
'Informatie' als component van participatie
De mate waarin burgers hun eigen voorkeuren en eisen signaleren.
⇒ Burgers geven informatie
↳ Kan minimaal, maar ook gedetailleerd zijn.
'Politieke druk' als component van participatie
Burgers laten blijken dat er rekening moet worden gehouden met hun vereisten. (Bv. betogingen en stakingen, niet meer stemmen op een kandidaat, ...)
⇒ Burgers oefenen druk uit.
↳ Kan subtiel, maar ook heel dwingend zijn.
↳ Stoorvermogen is belangrijk
Stoorvermogen
De mate waarin acties de 'normale' gang van zaken kunnen bedreigen en verstoren.
soorten actiemiddelen
- Conventionele actiemiddelen
- Niet-conventionele actiemiddelen
- Nieuwe actiemiddelen
Conventionele actiemiddelen
Acties georganiseerd door de overheid of politieke elite zelf om de mening van burgers bekend te maken aan beleidmakers.
Bv. verkiezingen, referenda, partijlid worden, ...
Niet-conventionele actiemiddelen
Acties georganiseerd door participanten/burgers zelf om hun mening bekend te maken aan beleidmakers.
Bv. Protestactiviteiten (stakingen, betogingen, boycotten, ...), open brieven, petities, ...
Nieuwe actiemiddelen
Er ontstaan voortdurend nieuwe vormen van politieke participatie:
- Internet en sociale media (als discussiegroep of om aan te zetten te mobiliseren)
- Consumptie (producten aanschaffen of juist boycotten)
Negatieve kijk op participatie
- Te veel participatie kan een risico van 'overload' veroorzaken
- De overheid kan een overaanbod krijgen van soms tegenstrijdige eisen en verlangens
Positieve kijk op participatie
Een hoog participatieniveau wordt gekenmerkt aan een volwaardige en sterke democratie
⇒ Actieve burgers besturen zichzelf op een directe wijze.
Patronen in politieke participatie
1. De meeste mensen zijn niet politiek actief
2. Er is ongelijkheid inzake politieke participatie
3. Er is achteruitgang in conventionele participatie
4. Er is een verschuiving richting niet-conventionele vormen van participatie
Patroon: De meeste mensen zijn niet politiek actief
- Vormen van participatie gaan achteruit of verschuiven
↳ Traditionele vormen gaan achteruit. ⇒ Er is minder opkomst bij verkiezingen, vooral bij jongere leeftijdsgroepen
↳ Er is een verschuiving, waarbij traditionele en geïnstitutionaliseerde vormen achteruit gaan, maar nieuwe en minder geïnstitutionaliseerde vormen meer aanhang krijgen.
Gevaar van massamedia als actiemiddel en kanaal tot informatie over het politiek systeem
(Massa)media zorgt steeds meer voor een verbinding tussen burgers en het politiek systeem.
Commercialisering en vervlakking kan voor beïnvloeding of onvolledige informatie zorgen. Het kan ook tot 'confirmation bias' leiden.
Patroon: Er is ongelijkheid inzake politieke participatie
-Ongelijkheid betreffende onderwijsniveau
↳ Laagopgeleiden vs. hoogopgeleiden
- Ongelijkheid betreffende geslacht
↳ Mannen vs. vrouwen
Ongelijkheid o.v.v. politieke participatie betreffende onderwijsniveaus
- Hogeropgeleiden ⇒ actiever, meer interesse, kennis en vaardigheden
- Zorgt voor oververtegenwoordiging en bevoorrechting van hoogopgeleiden t.o.v. diegene met een lager opleidingsniveau. ('diploma democratie')
- Dualisering ⇒ Door de kloof tussen hoog- en laagopgeleiden, kunnen er twee subculturen ontstaan in de SL.
Ongelijkheid o.v.v. politieke participatie betreffende geslacht
- Door historische ongelijkheid tussen mannen en vrouwen
- Ongelijkheid is al kleiner geworden in onderwijs en op de arbeidsmarkt
- Kloof tussen participatieniveaus is nog steeds te hoog
Oorzaak: ongelijkheid in de privésfeer ⇒ door huishoudelijk werk en kinderen hebben vrouwen minder vrije tijd om aan politieke activiteiten te spenderen.
- Nog sterkere ongelijkheid als vrouwen nog op een ander domein tot een minderheidsgroep behoren.
Waarom participeren mensen (niet)?
- Ze kunnen (niet): kennis & info die ze verkrijgen, vaardigheden (vergaderen, debatteren, ...), tijd, geld (bv. In VS veel geld nodig om kandidaat te zijn), ...
- Ze willen (niet): interesse, gevoel van machteloosheid (bv. bij laagopgeleide die gevoel hebben niet gehoord te worden), ...
- Ze worden (niet) gevraagd: netwerken (bv. op unief krijg je veel kansen voorgeschoteld), organisaties, ...
Diploma democratie
Wanneer je een universitair diploma zou moeten hebben om op een effectieve wijze aan politiek deel te nemen.
Patroon: Er is achteruitgang in conventionele participatie
Traditionele vormen van participatie gaan achteruit. Veel landen zien een daling in de opkomst bij verkiezingen, vooral bij jongere leeftijdsgroepen en er worden minder mensen lid van een partij.
⇒ Laat lijken dat er een daling is van politieke participatie.
Patroon: Er is een verschuiving richting niet-conventionele vormen van participatie
Traditionele vormen van participatie gaan achteruit, maar nieuwe en minder geïnstitutionaliseerde vormen krijgen wel meer aanhang
⇒ Geen daling maar een verschuiving!
Minder mensen gaan stemmen, worden lid van partijen, ..., maar er wordt wel meer deelgenomen aan betogingen, meer politieke meningen geuit via sociale netwerken, etc.
Pressiegroepen
Een groep mensen die invloed probeert uit te oefenen op beleid om bepaalde belangen te verdedigen.
(= Lobby's)
Sociale bewegingen
Groeperingen die streven naar maatschappelijke veranderingen in de samenleving.
⇒ Meer doelstellingen dan pressiegroepen
Verschillen tussen pressiegroepen en sociale bewegingen
- SB kunnen bredere doelstellingen hebben dan PG
- SB hebben een lossere en minder formele organisatiestructuur (bv. elke keer mensen optrommelen om mee te gaan betogen i.p.v. vaste leden)
- PG hebben directere actiemiddelen (bv. lobbyen), terwijl SB meer protesteren en niet-conventionele actiemiddelen gebruiken
Gelijkenissen tussen pressiegroepen en sociale bewegingen
- Ze vormen beide een maatschappelijk middenveld tussen samenleving en politiek
- Willen beleid en acties van de overheid beïnvloeden
- Gebruiken actiemiddelen (bv. lobbyen, protest, betogen, ...)
- Nemen niet deel aan verkiezingen, zoals partijen
Maatschappelijk middenveld
= civil sociaty
Het geheel van organisaties dat een intermediaire functie vervult tussen burger en politiek systeem.
↳ Kan van pure belangenorganisaties tot zeer idealistische organisaties gaan.
Consensusbesluitvorming
Alle betrokken maatschappelijke groepen mogen niet alleen meepraten over de bepaling van beleid, maar ook mee instemmen met het uiteindelijke resultaat.
Waarom zijn sommige pressiegroepen en sociale bewegingen invloedrijker dan anderen?
Groepskenmerken:
- Financiële middelen (meer geld, is meestal meer inspraak)
- Leden (meer leden= groter invloed)
- Leiderschap (bv. charismatische leider)
- Stoorvermogen (Gang van zaken verstoren)
Politieke context:
- Inside (direct contact en bv. mee tekenen voor beleid) vs. outside (geen directe toegang) positie
- Publieke opinie en legitimiteit (groep die als legitiem wordt gezien heeft meestal meer macht)
- Link met politieke actoren zoals partijen (dicht bij partij, dus insider kan voor en nadelen geven)
Primaat van politiek
De verkozen mandatarissen bezitten de meeste legitimiteit, aangezien ze door de volledige bevolking zijn verkozen. Zij maken de beslissingen over beleid, niet de belangengroepen.
Pluralisme vs. corporatisme
Pluralisme in het politiek systeem
Er zijn veel verschillende onafhankelijke belangenorganisaties, waarbij hun macht domeinspecifiek is. Dit zorgt voor een grote spreiding v/d macht en concurrentie tussen de organisaties.
Het is een open systeem.
Corporatistisch systeem/corporatisme
Tijdens politieke besluitvorming wordt het aantal deelnemers aan het overleg beperkt. De overheid onderhandelt dan slecht met enkele belangrijke en grote organisaties a.k.a. piekorganisaties.
Piekorganisaties
Grote organisaties die over veel middelen beschikken om een bepaald domein te beheersen.
Kritiek op pluralisme
Niet iedereen heeft macht, aangezien sommige financieel krachtige groepen in de praktijk bijzonder veel invloed kunnen uitoefenen tegenover de anderen.
Kritiek op corporatisme
Het systeem leidt tot een gesloten circuit, waarbij maar een beperkt aantal organisaties worden toegelaten. Dit zorgt voor een rem op maatschappelijke innovatie.
Voordelen van pressiegroepen en sociale bewegingen
- Effectieve communicatie tussen burgers en politiek ⇒ maatsch. middenveld
- Leerschool v/d democratie: leren debatteren, vergaderen, hoe systeem werkt, ...
- Efficiënte belangenbehartiging door organisaties: wensen en eisen communiceren naar beleidsmakers en omgekeerd.
Nadelen van pressiegroepen en sociale bewegingen
- Freerider gedrag
- Kunnen leerschool zijn, maar is eerder zelfselectie. Mensen die lid worden van die organisaties, zijn al geïnteresseerd en hebben al vertrouwen in politiek.
- Wie behartigt het algemeen belang als al die groepen particuliere belangen verdedigt.
De recente ontzuilingstrend
Veel organisaties die vroeger aanleunde bij een van de grote levensbeschouwelijke zuilen, verlaten die zuilen nu.
Nieuwe sociale bewegingen
Bewegingen die voornamelijk postmoderne en postmaterialistische waarden uitdrukken (bv. emancipatie, LGBTQ+ rechten, ...)
Freerider gedrag
("zwartrijden")
Wanneer belangengroepen anderen het werk laten doen. Dit door anderen te laten investeren in collectieve goederen, zonder er zelf voor bij te dragen.
Selective incentives
Voordelen die enkel worden toegekend aan diegene die daadwerkelijk hebben bijgedragen aan het realiseren van die collectieve doelstellingen.
Politieke cultuur
Het geheel van houdingen, politieke waarde en gedragingen onder de bevolking van een land, zowel met betrekking tot het politieke systeem als met betrekking tot het eigen functioneren binnen dat systeem.
Drie mogelijke vormen van politieke cultuur
- Parochial political culture
- Subject political culture
- Participant political culture
Parochial political culture
(Parochial = restricted/narrow in scope)
Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen het politieke domein en andere levenssferen.
Subject political culture
(Subject = onderdaan)
Een politiek systeem waarin de gewone burger weinig of geen macht heeft. De burger is onderdaan (wetten gehoorzamen), van een al dan niet absolute monarch.
Participant political culture
Er wordt van burgers verwacht dat ze actief participeren in het politiek en maatschappelijk gebeuren. Dit via allerlei manieren, niet enkel deelnemen aan verkiezingen.
Civic culture
= de meest ideale politieke cultuur
Het is een samenleving waarbij burgers gezagsgetrouw zijn, maar ook deelnemen aan politiek.
⇒ Een combinatie zorgt voor een stabiele democratie.(= causale structuur)
MAAR kritiek!
Kritiek op civic culture
- Westers ideaal (GB wordt als model genomen v/e ideale politieke cultuur)
- Causale structuur
- Te weinig waardering voor kritische zin van burgers (minder gezagsgetrouw + niet-conventionele actiemiddelen)
Causale structuur i.v.m. civic culture
Er is een correlatie tussen een stabiele democratie en een bepaalde politieke cultuur, maar dit is niet het gevolg van een causaal verband. Welvaart kan een derde causale factor zijn.
⇒ Onbekend welk model juist is, want correlatie zegt niet over de causaliteit.
Institutionalisten
Mensen die ervan uitgaan dat vooral de instellingen en gevestigde handelingspatronen bepalend zijn voor het functioneren van de politiek.
⇒ Goede regels voor staatsmachten = beste garantie voor kwaliteit van de politieke besturing
Sociaal kapitaal
De aanwezigheid van netwerken en normen wordt beschouwd al een belangrijke hulpbron voor de samenleving.
De drie belangrijke onderdelen van sociaal kapitaal
- Vertrouwen: vertrouwen in elkaar en in politiek. Want wantrouwende SL leidt tot individualistisch isolement
- Netwerken en engagement: verenigingsleven zorgt ervoor dat er makkelijk samen dingen gerealiseerd worden + bevordert vertrouwen
- Normen van wederkerigheid: het is in het eigen belang om met anderen samen te werken
Path-dependency-verklaring
Het ontwikkelingspad dat een samenleving heeft gevolgd, heeft een invloed op de hedendaagse politieke cultuur.
Kritische burgers
Een nieuwe en hoogopgeleide generatie van burgers, waarbij de nadruk ligt op fundamentele gelijkheid, mondigheid, zelfstandigheid en zelfexpressie. Ze ondersteunen de waarden v/d democratie, maar zijn sceptisch en hebben minder vertrouwen in politici.