UV

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/142

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 5:53 AM on 6/22/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

143 Terms

1
New cards

Waarden / human values

Diepe overtuigingen of idealen over wat mensen belangrijk, wenselijk of moreel juist vinden. Ze sturen keuzes en gedrag, maar bepalen gedrag niet volledig.

2
New cards

Value system

De rangorde of hiërarchie van iemands waarden. Het laat zien welke waarden iemand belangrijker vindt dan andere waarden.

3
New cards

Attitude

Een concrete positieve of negatieve houding tegenover iets, bijvoorbeeld een product, technologie of maatregel.

4
New cards

Values vs attitudes

Waarden zijn abstract en breed, terwijl attitudes concreter zijn. Waarden beïnvloeden vaak welke attitudes iemand heeft.

5
New cards

Moral values

Waarden die gaan over wat iemand goed of fout vindt binnen een bepaalde situatie.

6
New cards

Waardespanning

Een situatie waarin waarden met elkaar botsen, bijvoorbeeld vrijheid tegenover veiligheid of duurzaamheid tegenover gemak.

7
New cards

Intra-persoonlijke waardespanning

Een conflict tussen waarden binnen één persoon, een conflict tussen waarden van verschillende mensen of groepen.

8
New cards

Self-transcendence

Waarden die verder gaan dan het eigen belang, zoals zorg voor anderen, natuur en tolerantie.

9
New cards

Benevolence

Zorg dragen voor mensen dichtbij je, zoals vrienden, familie of je directe omgeving.

10
New cards

Universalism

Zorg voor alle mensen, de samenleving en de natuur.

11
New cards

Humility

Erkennen dat je niet het middelpunt van alles bent.

12
New cards

Conservation

Waarden gericht op veiligheid, stabiliteit, orde en traditie.

13
New cards

Conformity

Je aanpassen aan regels, normen en sociale verwachtingen.

14
New cards

Tradition

Respect voor gewoontes, cultuur, religie of bestaande gebruiken.

15
New cards

Security

Waarde gericht op veiligheid, bescherming en stabiliteit.

16
New cards

Face

Het beschermen van je publieke imago en het voorkomen van schaamte.

17
New cards

Self-enhancement

Waarden gericht op eigen succes, status, macht en invloed.

18
New cards

Power

Controle hebben over mensen, middelen of situaties.

19
New cards

Achievement

Succes behalen en dit laten zien volgens sociale normen.

20
New cards

Hedonism

Gerichtheid op plezier, genot en zintuiglijke bevrediging.

21
New cards

Openness to change

Waarden gericht op vrijheid, zelfstandigheid, vernieuwing en uitdaging.

22
New cards

Self-direction

Zelfstandig denken, kiezen en handelen.

23
New cards

Stimulation

Behoefte aan spanning, uitdaging en nieuwe ervaringen.

24
New cards

Moral Values

Wat iemand goed of fout vindt in een bepaalde context

25
New cards

Care/harm

Gevoeligheid voor zorg, pijn, bescherming en schade.

26
New cards

Fairness/cheating

Gevoeligheid voor eerlijkheid, rechtvaardigheid en wederkerigheid.

27
New cards

Loyalty/betrayal

Waarde rond trouw aan een groep en afkeer van verraad.

28
New cards

Authority/subversion

Waarde rond respect voor autoriteit, leiderschap en bestaande orde.

29
New cards

Sanctity/degradation

Waarde rond zuiverheid, waardigheid, besmetting of verval.

30
New cards

Liberty/oppression

Waarde rond vrijheid en weerstand tegen onderdrukking of dominantie.

31
New cards

Value

De waarde of betekenis die iets heeft voor een persoon, groep, organisatie of samenleving.

32
New cards

Economic value

De economische waarde van iets, bijvoorbeeld wat iemand bereid is te betalen.

33
New cards

Market value

De marktprijs van een product of dienst, meestal bepaald door vraag en aanbod.

34
New cards

True price

De marktprijs plus verborgen sociale en ecologische kosten.

35
New cards

Utility value

De praktische nuttigheid van een product of dienst.

36
New cards

Functionele waarde

Waarde die ontstaat doordat een product praktisch bruikbaar is.

37
New cards

Sociale waarde

Waarde die ontstaat door sociale relaties, status of groepsgevoel.

38
New cards

Culturele waarde

Waarde die samenhangt met cultuur, tradities of gedeelde betekenissen.

39
New cards

Esthetische waarde

Waarde die ontstaat door schoonheid, vormgeving of uitstraling.

40
New cards

Emotionele waarde

Persoonlijke gevoelswaarde, bijvoorbeeld door herinneringen of ervaringen.

41
New cards

Historische waarde

Waarde die ontstaat doordat iets verbonden is aan het verleden.

42
New cards

Ecologische waarde

Waarde die te maken heeft met natuur, milieu en ecosystemen.

43
New cards

Politieke waarde

Waarde die verbonden is aan macht, beleid, invloed of maatschappelijke keuzes.

44
New cards

Symbolische waarde

Waarde die ontstaat doordat een product iets uitstraalt, zoals status, identiteit of prestige.

45
New cards

Surplus-value

Volgens Marx de extra waarde die arbeiders produceren, maar die vooral door kapitalisten wordt ontvangen.

46
New cards

Sign value

Volgens Baudrillard de symbolische waarde van producten: wat een product uitstraalt over iemands identiteit of status.

47
New cards

User value

De waarde die een ontwerp heeft voor de gebruiker.

48
New cards

Bedoelde waarde

De waarde die de ontwerper of organisatie denkt te creëren.

49
New cards

Ervaren waarde

De waarde zoals de gebruiker die uiteindelijk ervaart.

50
New cards

Design outcome

Het daadwerkelijke ontwerpresultaat dat uit het ontwerpproces komt.

51
New cards

Doelgroep

De groep mensen waarvoor een ontwerp bedoeld is.

52
New cards

Segmentatie

Het opdelen van een doelgroep in kleinere groepen met vergelijkbare kenmerken.

53
New cards

Geografische segmentatie

Segmentatie op basis van plaats, regio, land, klimaat of taal.

54
New cards

Demografische segmentatie

Segmentatie op basis van leeftijd, geslacht, levensfase of woonsituatie.

55
New cards

Psychologische segmentatie

Segmentatie op basis van leefstijl, persoonlijkheid, waarden en interesses.

56
New cards

Gedragsmatige segmentatie

Segmentatie op basis van gebruiksgedrag, gebruiksfrequentie of gewenste voordelen.

57
New cards

Need

Iets wat noodzakelijk is om te leven of goed te functioneren.

58
New cards

Want

Iets wat niet strikt noodzakelijk is, maar de kwaliteit van leven verbetert.

59
New cards

Value Proposition Canvas

Model waarmee je onderzoekt hoe een ontwerp aansluit op de behoeften, problemen en wensen van gebruikers.

60
New cards

Customer segment

De specifieke doelgroep waarvoor je waarde wilt creëren.

61
New cards

Customer jobs

Taken of doelen die de gebruiker probeert te bereiken.

62
New cards

Functional jobs

Praktische taken die de gebruiker wil uitvoeren.

63
New cards

Emotional jobs

Gevoelens die de gebruiker wil ervaren of vermijden.

64
New cards

Social jobs

Sociale betekenis die een product heeft, bijvoorbeeld status of identiteit.

65
New cards

Pains

Problemen, frustraties of obstakels van de gebruiker.

66
New cards

Gains

Voordelen of verbeteringen die de gebruiker graag wil bereiken.

67
New cards

Pain relievers

Onderdelen van het ontwerp die problemen van de gebruiker verminderen.

68
New cards

Gain creators

Onderdelen van het ontwerp die extra voordelen creëren.

69
New cards

Laddering

Methode waarbij je steeds vraagt “waarom is dat belangrijk?” om van producteigenschappen naar diepere waarden te komen.

70
New cards

Means-end chain theory

Theorie die uitlegt hoe producteigenschappen via gevolgen verbonden zijn aan persoonlijke waarden. Attribute-Consequence-Value (ACV)

71
New cards

Attributes

Eigenschappen van een product of ontwerp.

72
New cards

Consequences

De gevolgen, voordelen of nadelen van die eigenschappen.

73
New cards

Goals / values

De achterliggende doelen of waarden die verklaren waarom iets belangrijk is.

74
New cards

Socratische dialoog

Gespreksvorm waarbij je door vragen stellen samen onderzoekt wat iemand bedoelt.

75
New cards

Dialoog

Een gesprek gericht op begrijpen, niet op winnen.

76
New cards

Debat

Een gesprek waarin deelnemers vooral proberen hun eigen standpunt te verdedigen of te winnen.

77
New cards

Mediation theory

Theorie die stelt dat technologie niet neutraal is, maar beïnvloedt hoe mensen waarnemen, handelen en keuzes maken.

78
New cards

Delegation

Het inschrijven van bepaalde bedoelingen of gedragsregels in een ontwerp.

79
New cards

Design with intent

Ontwerpen met als doel om gedrag bewust te sturen of te beïnvloeden.

80
New cards

Motivate

Gedrag beïnvloeden door mensen bewust te maken of te stimuleren, zonder keuzevrijheid weg te nemen.

81
New cards

Facilitate

Gewenst gedrag makkelijker maken door het ontwerp.

82
New cards

Inhibit

Ongewenst gedrag moeilijker of onmogelijk maken door het ontwerp.

83
New cards

Cognitieve dissonantie

Ongemak dat ontstaat wanneer waarden, overtuigingen en gedrag niet met elkaar overeenkomen.

84
New cards

Resolve

Een waardespanning oplossen door gedrag of situatie echt te veranderen.

85
New cards

Moderate

Een waardespanning verminderen zonder die volledig op te lossen.

86
New cards

Trigger

Een waardespanning juist zichtbaar maken, zodat de gebruiker ermee geconfronteerd wordt.

87
New cards

Mental book value

De persoonlijke waarde die iemand nog aan een product geeft.

88
New cards

Product attachment

De emotionele band tussen gebruiker en product, waardoor iemand het product langer wil houden.

89
New cards

Businessmodel

De manier waarop een organisatie waarde creëert, levert en ontvangt.

90
New cards

Sustainable business model

Businessmodel dat naast winst ook rekening houdt met sociale en ecologische gevolgen.

91
New cards

Circulariteit

Het slimmer omgaan met materialen door hergebruik, reparatie, recycling en minder verspilling.

92
New cards

Sufficiency

Het verminderen van productie en consumptie waar dat nodig is, in plaats van alleen efficiënter produceren.

93
New cards

Relational Circular Sustainable Business Model

Businessmodel waarin gemeenschap, samenwerking en eerlijke waardeverdeling centraal staan.

94
New cards

Value network

Netwerk van partijen die samen waarde creëren, uitwisselen en ontvangen.

95
New cards

Value chain

Een lineaire keten van waardecreatie, bijvoorbeeld leverancier → bedrijf → klant.

96
New cards

Value Flow Model

Model dat laat zien welke partijen betrokken zijn en welke waarde tussen hen stroomt.

97
New cards

Waardestromen

De uitwisseling van waarde tussen partijen, zoals geld, goederen, informatie, vertrouwen of reputatie.

98
New cards

Stakeholder

Een persoon, groep of organisatie die invloed heeft op of geraakt wordt door een ontwerp.

99
New cards

Ecosysteem

Het geheel van partijen, rollen en relaties rondom een product, dienst of innovatie.

100
New cards

Economy for the Common Good

Economisch perspectief waarin maatschappelijke waarde belangrijker is dan alleen winst.