1/25
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is DNA?
DNA bevat al onze erfelijke informatie en heeft de vorm van een dubbele helix.

Wat is een chromosoom?
DNA dat gespiraliseerd is, zodat het compacter wordt.

Wat is een gen?
Een stukje DNA dat de unieke code voor een kenmerk bevat.

Hoeveel chromosomen heeft een lichaamscel?
46 chromosomen.

Hoeveel chromosomen heeft een voortplantingscel?
23 chromosomen.

Welke 2 soorten voortplantingscellen bestaan er?
Eicellen en zaadcellen.

Wat gebeurt er wanneer een eicel en zaadcel versmelten?
Er ontstaat een bevruchte eicel met 46 chromosomen.
Van wie krijgt een kind zijn/haar DNA?
50% (23 chromosomen) van de biologische moeder en 50% (23 chromosomen) van de biologische vader.
Welke geslachtschromosomen heeft een jongen?
XY
Welke geslachtschromosomen heeft een meisje?
XX
Geef 3 voorbeelden van lichaamscellen.
Spiercel, huidcel en haarcel.
Wat gebeurt er met een gen?
Een gen wordt overgeschreven naar een gekopieerde code.

Wat gebeurt er met de gekopieerde code?
De gekopieerde code wordt vertaald naar een kenmerk van de mens.

Wat is het genotype?
De genetische informatie zoals die in de chromosomen te vinden is.
Wat is het fenotype?
Het geheel van de waarneembare kenmerken van een individu.
Zorgt één gen altijd voor één kenmerk?
Nee. Meerdere genen werken samen om bepaalde kenmerken tot uiting te laten komen.
Wat is een mutatie?
Een blijvende verandering in het DNA.
Wat zijn erfelijke mutaties?
Mutaties die al bij de geboorte aanwezig zijn.
Geef voorbeelden van erfelijke mutaties.
Albinisme en dwerggroei.
Kunnen mutaties ontstaan door omgevingsfactoren?
Ja. Bijvoorbeeld huidkanker door uv-straling.
Wat is een modificatie?
Een verandering in je uiterlijk of kenmerken door de omgeving. Deze zijn meestal omkeerbaar.
Geef voorbeelden van modificaties.
Geverfd haar en rechte tanden door een beugel.
Wat kunnen omgevingsfactoren veroorzaken?
Zowel fenotypische als genotypische veranderingen.
Wat betekent nature?
Wat bepaald wordt door je DNA/genen.
Wat betekent nurture?
Wat beïnvloed wordt door je omgeving.
Waardoor ontstaan de meeste eigenschappen?
Door een combinatie van DNA en omgeving.