Wat zijn de drie functies van staatsrecht? Constitueren: ambten instellen. Attribueren: bevoegdheden toekennen. Reguleren: grenzen stellen aan bevoegdheidsuitoefening. Wat is de juiste volgorde: constitueren, attribueren, reguleren? 1 constitueren, 2 attribueren, 3 reguleren. Eerst ambt, dan bevoegdheid, dan grens. Waarom moet staatsrecht bepalen welk ambt welke bevoegdheid heeft? Om machtsconcentratie en machtsmisbruik te voorkomen; zonder bevoegdheidsverdeling kan één groep wetgeven, besturen en rechtspreken. Welke drie elementen maken volgens het volkenrecht een staat? Bevolking/groep personen, grondgebied, effectief en daadwerkelijk onafhankelijk gezag. Is erkenning nodig om staatskarakter te hebben? Nee. Erkenning is declaratoir: staten spreken bereidheid uit betrekkingen aan te gaan; staatskarakter hangt af van de feitelijke criteria. Wat betekent volkenrechtelijke soevereiniteit? Zelfstandigheid en onafhankelijkheid tegenover andere staten; de staat oefent macht uit zonder inmenging en is rechtssubject in het volkenrecht. Valt het ontstaan van een staat samen met het ontstaan van een nieuwe overheid? Nee. Een staatsgreep of nieuw constitutioneel bestel betekent niet automatisch een nieuwe staat zolang bevolking, grondgebied en effectief gezag blijven. Welke drie manieren van ontstaan/tenietgaan van staten noemt de stof? Opsplitsing, samenvoeging/opgaan in één staat, en theoretisch ontstaan op voorheen staatsloos territoir met bevolking. Wie erkent staten? Andere staten. Het volkenrecht wijst geen centraal internationaal orgaan of vaste procedure aan. Welke criteria spelen bij erkenning van staten? Harde eis: feitelijke staatskenmerken. Daarnaast politieke criteria zoals democratie, minderhedenrechten, grondrechten en niet-gewelddadige grenswijziging. Wat is soevereine immuniteit? Een vreemde staat kan voor overheidshandelingen niet zomaar door de rechter van een andere staat worden beoordeeld, tenzij die staat rechtsmacht aanvaardt. Kan een ambt tot meerdere overheidsverbanden behoren? Ja. De Koning is bijvoorbeeld ambt binnen Nederland en binnen het Koninkrijk. Vertegenwoordigt een ambt publiekrechtelijk het overheidsverband? Nee, publiekrechtelijk handelt het ambt zelf. Privaatrechtelijk kan vertegenwoordiging van het overheidsverband wel spelen. Waar berust volgens Kortmann soevereiniteit in Nederland? Niet bij één orgaan, maar bij het overheidsverband: Koninkrijk voor Koninkrijksaangelegenheden en centrale verbanden van de landen voor eigen aangelegenheden. Waarom zijn klassieke grondrechten rechtsstatelijk? Zij beschermen vrijheidssferen van burgers tegen de overheid en temperen overheidsmacht. Waarom zijn sociale grondrechten volgens Kortmann een vreemd element in de rechtsstaatgedachte? Zij vragen juist overheidsinterventie, terwijl de rechtsstaat klassieke beperking/tempering van overheidsmacht benadrukt. Wanneer passen sociale grondrechten wel in de rechtsstaatgedachte? Als zij de positie van burgers tegenover de overheid versterken en bijdragen aan hun vrijheidssfeer. Wat is een organiek besluit in materiële zin? Een besluit met primaire constituerende functie: het stelt ambten in of richt staatsrechtelijke organisatie in, ongeacht vorm of grondwettelijke opdracht. Is elke wet op grondwettelijke opdracht een organiek besluit in materiële zin? Nee. Alleen als de wet een primaire constituerende functie heeft. Waarom is Kortmann terughoudend met ongeschreven staatsrecht rond regering en parlement? Het geschreven staatsrecht is een open systeem; te veel ongeschreven regels zouden het systeem dichtzetten en bestendigheid/coherentie aantasten. Wat is een convention? Een vaste praktijk of vast gedragspatroon. Welke conventions zijn positief staatsrecht volgens Kortmann? Vooral de vertrouwensregel en de regel dat een kabinet het parlement niet twee keer mag ontbinden over hetzelfde conflict. Kan jurisprudentie bron van constitutioneel recht zijn? Ja. Vooral bij normen tussen ambten en burgers, met inachtneming van het toetsingsverbod. Wat betekent het limitatieve karakter van constitueren en attribueren? Alleen ambten en bevoegdheden die tot de constitutie zijn te herleiden kunnen rechtens bestaan. Kan ongeschreven recht bevoegdheden creëren? Nee. Ongeschreven recht kan geen bevoegdheidsgrondslag zijn, maar kan wel bevoegdheidsuitoefening normeren. Wat is het legaliteitsbeginsel? Overheidsbevoegdheden en belastend overheidsoptreden moeten een wettelijke/constitutionele grondslag hebben. Kent Nederlands constitutioneel recht één specifieke legitimiteitsgrondslag? Nee. Er is geen unieke soevereiniteitsideologie; legitimiteit blijkt uit verspreide constructies zoals kiesrecht, grondrechten, rechtspraak en openbaarheid. Wat zijn drie kenmerken van Nederlandse machtenscheiding volgens Kortmann? Drie zelfstandige ambtencomplexen; scheiding is niet absoluut; checks and balances beperken macht. Wat is constitutionalisme? Organisatie van de overheid met machtenspreiding over verschillende ambten/verbanden; tegenover absolutisme. Welke drie staatsvormen worden onderscheiden? Gecentraliseerde eenheidsstaat, gedecentraliseerde eenheidsstaat, federale staat. Sluit federalisering decentralisatie uit? Nee. Deelstaten binnen een federatie kunnen zelf gedecentraliseerd zijn. Noem drie confederale EU-elementen. Verdragsgrondslag, recht van secessie/uittreding, besluitvorming met unanimiteit of gekwalificeerde meerderheid. Noem drie federale EU-elementen. Rechtspersoonlijkheid EU, supranationale/exclusieve bevoegdheden, rechterlijk toezicht/voorrang EU-recht/binding burgers. Wat is een wet in formele zin? Een besluit dat tot stand komt door regering en Staten-Generaal gezamenlijk volgens art. 81 Gw. Wat is een wet in materiële zin? Een algemene, externe regel; hoeft niet van de formele wetgever te komen. Kan de formele wetgever elke inhoud aan een wet geven? In beginsel ruim, maar begrensd door grondrechten, bevoegdheden van andere ambten en ongeschreven rechtsbeginselen. Wat is attributie? Originaire toekenning/schepping van een bevoegdheid aan een ambt. Wat is delegatie? Overdracht van een bestaande geattribueerde bevoegdheid aan een ander ambt, onder eigen verantwoordelijkheid van de delegataris. Wat is mandaat? Bevoegdheid wordt namens de mandans uitgeoefend; de mandans behoudt de bevoegdheid en verantwoordelijkheid. Wat is privatieve werking bij delegatie? De delegans kan de gedelegeerde bevoegdheid niet meer zelf uitoefenen zolang delegatie geldt. Wanneer is delegatie van regelgevende bevoegdheid grondwettelijk toegestaan? Bij formuleringen als “bij of krachtens de wet” of termen als “regels/regelen” die delegatie mogelijk maken. Is art. 81 Gw attributie of delegatie? Attributie: wetgevende bevoegdheid aan regering en Staten-Generaal gezamenlijk. Waarom is constitutioneel recht primair recht? Het regelt totstandkoming, gelding en handhaving van andere rechtsnormen en wijziging van regels over regelvorming. Heeft constitutioneel recht volgens Kortmann als zodanig een legitimerende functie? Nee, maar de inhoud kan feitelijke aanvaarding van overheidsgezag versterken. Wat is géén rechtsstaatuitvloeisel bij Kortmann: sociale bestaansvoorwaarden of geen terugwerkende kracht? Het voorzien in materiële voorwaarden voor menswaardig bestaan is bij Kortmann geen klassiek rechtsstaatuitvloeisel. Noem vier kenmerken van Nederlands constitutioneel recht. Weinig ideologisch; monarchale terminologie/ministeriële verantwoordelijkheid; open systeem; geen centrale constitutionele rechter. Waarom kan de Staatsregeling 1798 de eerste Nederlandse Grondwet worden genoemd? Omdat zij de eenheidsstaat Nederland vestigde en als basiswet van die eenheidsstaat fungeerde. Waarom kan de Grondwet 1814 de eerste Nederlandse Grondwet worden genoemd? Omdat zij de eerste Grondwet na onafhankelijkheid van Frankrijk was en hoofdlijnen nog herkenbaar zijn. Wat kenmerkt de Grondwetsherziening van 1983? Bekorting en systematisering; nieuw hoofdstuk grondrechten; sociale grondrechten; wijzigingen rechtspraak; doodstrafverbod. Is het Koninkrijk der Nederlanden volkenrechtelijk een staat? Ja, aan de volkenrechtelijke criteria kan worden voldaan, maar staatsrechtelijk is het een eigensoortige associatie/samenwerkingsverband. Wat is de basisregeling van het Koninkrijk? Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden én deels de Nederlandse Grondwet via art. 5 Statuut. Wat staat hiërarchisch hoger: Statuut of Nederlandse Grondwet? Voor zover niet Koninkrijksconstitutioneel: het Statuut staat hoger; de Grondwet moet het Statuut in acht nemen. Mag de rechter de Grondwet toetsen aan het Statuut? Volgens de Hoge Raad is toetsing van formele wet inclusief Grondwet aan het Statuut uitgesloten. Noem belangrijke Koninkrijksaangelegenheden. Defensie/onafhankelijkheid, buitenlandse betrekkingen, Nederlanderschap, ridderorden/vlag/wapen, scheepsnationaliteit/veiligheid, toelating/uitzetting Nederlanders, uitlevering, waarborging mensenrechten/rechtszekerheid/deugdelijk bestuur. Wanneer is rijksregeling vereist? Als het een Koninkrijksaangelegenheid betreft én de regeling ook in Aruba, Curaçao of Sint Maarten zal gelden. Welke technieken heeft de rechter bij verdragsrecht? Verdragsbepaling toepassen en strijdig nationaal recht buiten toepassing laten; verdragsconforme interpretatie; schadevergoeding/onrechtmatige daad bij niet-naleving. Wat betekent “een ieder verbindende bepaling”? Een verdragsbepaling die de rechter kan toepassen zonder beleidskeuzes te maken die aan wetgever of bestuur zijn voorbehouden. Wat doet de Europese Commissie globaal? Initiatief tot regelgeving, toezicht op naleving, dagelijks bestuur, bevoegdheden zoals mededinging, lidstaten voor Hof dagen. Wat doet het Europees Parlement globaal? Mede-wetgeving en controle op de Commissie. Wat doet het Hof van Justitie van de EU? Oordeelt over niet-naleving EU-recht en beantwoordt prejudiciële vragen voor uniforme toepassing. Wat is een EU-verordening? Algemene strekking, verbindend in al haar onderdelen en rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Wat is een EU-richtlijn? Verbindend voor het te bereiken resultaat; lidstaten kiezen vorm en middelen van uitvoering. Zijn aanbevelingen en adviezen verbindend? Nee, maar rechters kunnen er wel rekening mee houden bij interpretatie. Waarom reikt conformeringsplicht aan EU-recht verder dan gewoon internationaal recht? EU-recht werkt volgens Hof-jurisprudentie autonoom door; strijdig nationaal recht blijft van rechtswege buiten toepassing, ongeacht monisme/dualisme. Wat is het verschil tussen gecentraliseerde en gedecentraliseerde eenheidsstaat? In de gecentraliseerde staat liggen bevoegdheden bij centrale organen; in de gedecentraliseerde staat oefenen decentrale verbanden eigen bevoegdheden uit. Wat is autonomie bij decentrale overheden? Eigen regeling en bestuur van eigen huishouding binnen wettelijke grenzen. Wat is medebewind? Decentrale organen voeren taken uit die door hoger recht/centrale wetgever aan hen zijn opgedragen. Wat is het hoofdverschil autonomie vs medebewind voor verantwoordelijkheid? Bij autonomie meer eigen beleidsruimte; bij medebewind uitvoering van hogere regeling en vaak meer toezicht/verantwoordingsplicht. Welke vormen van bestuurlijk toezicht kent Nederland? Preventief toezicht zoals goedkeuring en repressief toezicht zoals schorsing/vernietiging. Wat is kenmerkend voor verhouding centraal-decentraal in een gedecentraliseerde eenheidsstaat? Decentrale vrijheid bestaat, maar binnen door centrale wetgever gestelde grenzen en onder mogelijk toezicht. Welke betekenissen kan “Koning” in de Grondwet hebben? De persoon van de koning, de regering/Koning als regeringsambt, of soms koninklijke macht met ministeriële verantwoordelijkheid. Wat betekent ministeriële verantwoordelijkheid voor de koning? De koning is onschendbaar; ministers zijn politiek verantwoordelijk voor koninklijk handelen en uitlatingen. Mag de koning privébelangen van het koninklijk huis politiek doordrukken? Nee. Invloed van de koning staat onder ministeriële verantwoordelijkheid; ministers moeten algemeen belang en verantwoordelijkheid bewaken. Wat gebeurt als geen troonopvolger is aan te wijzen? De Grondwet kent procedures zoals benoeming van een opvolger bij wet, afhankelijk van de situatie. Zijn reglementen van orde van Kamers staatsrechtelijk bindend? Ja, intern bindend voor de Kamerorganisatie; zij regelen procedure en orde van het parlementaire ambt. Wat is de ratio van openbaarheid van Kamervergaderingen? Democratische controle, transparantie en publieke verantwoording van volksvertegenwoordiging. Wat is quorum? Het minimumaantal leden dat aanwezig moet zijn om geldig te kunnen beraadslagen/besluiten volgens de regels. Is partijlidmaatschap vereist om een Kamerzetel te krijgen? Nee. Zetels komen juridisch toe aan gekozen personen, niet aan partijen. Waarom zijn voorkeurstemmen relevant? Zij kunnen bepalen welke kandidaten op een lijst daadwerkelijk een zetel krijgen. Is contraseign relevant voor geldigheid van besluiten van de Koning? Ja. Besluiten van de Koning vereisen ministeriële medeondertekening voor geldigheid. Is contraseign de enige basis van ministeriële verantwoordelijkheid? Nee. Politieke verantwoordelijkheid voor de koning is ruimer dan alleen medeondertekende besluiten. Welke twee parlementaire rechten liggen besloten in art. 68 Gw? Vragenrecht/inlichtingenrecht en interpellatieachtige informatiecontrole; Kamerleden kunnen inlichtingen verlangen tenzij strijdig met belang van de staat. Waarom kiest een Kamerlid bij belangrijk politiek conflict eerder interpellatie dan gewone vragen? Interpellatie leidt tot plenair debat en directe politieke confrontatie; gewone vragen zijn beperkter. Wat is het enquêterecht? Parlementair onderzoek met vergaande bevoegdheden om informatie te verkrijgen, ook van burgers/ambtenaren. Heeft het enquêterecht alleen controlefunctie? Nee. Ook waarheidsvinding, informatievergaring, agendering en soms politieke verantwoording. Wanneer vraagt de regering advies aan de Raad van State over wetsvoorstellen? In de voorbereidende fase vóór indiening bij de Tweede Kamer. Kan de regering advies van de Raad van State negeren? Ja, het advies is zwaarwegend maar niet bindend. Wie is verantwoordelijk voor een koninklijke boodschap bij wetsvoorstel? De betrokken minister(s), zichtbaar via contraseign/ministeriële verantwoordelijkheid rond het voorstel. Welke typen noodtoestand kent de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden? Beperkte noodtoestand en algemene noodtoestand; verschil zit vooral in reikwijdte/intensiteit van noodbevoegdheden. Valt een concreet besluit van een zbo onder politieke ministeriële verantwoordelijkheid? Beperkt. Minister is meestal verantwoordelijk voor systeem/toezicht/benoeming, niet volledig voor elk zelfstandig concreet besluit. Wat zijn zelfstandige bestuursorganen? Bestuursorganen die niet hiërarchisch ondergeschikt zijn aan een minister maar publieke taken uitoefenen. Waarom bestaan zbo’s? Voor onafhankelijke, deskundige of op afstand geplaatste taakuitoefening, vaak om politieke beïnvloeding te beperken. Wat is het verschil tussen politieke en juridische verantwoordelijkheid? Politiek: verantwoording aan parlement. Juridisch: rechtmatigheid/toetsing door rechter of wettelijke aansprakelijkheid. Wat is art. 120 Gw? Toetsingsverbod: rechter treedt niet in beoordeling van grondwettigheid van wetten in formele zin en verdragen. Wat is formele toetsing? Toetsing of een wet volgens juiste procedure/vorm tot stand kwam. Wat is materiële toetsing? Toetsing van de inhoud van een wet aan hogere normen zoals Grondwet of rechtsbeginselen. Wat besliste het Harmonisatiewet-arrest in hoofdlijn? De rechter mag wetten in formele zin niet toetsen aan de Grondwet en ook niet aan fundamentele rechtsbeginselen om art. 120 Gw te omzeilen. Welke colleges behoren tot de rechterlijke macht volgens de Grondwet? In elk geval rechtbanken, gerechtshoven en Hoge Raad; sommige bestuursrechters behoren niet automatisch tot rechterlijke macht. Hoe is rechterlijke onafhankelijkheid grondwettelijk gewaarborgd? Onder meer benoeming voor het leven, ontslag/schorsing alleen in bij wet bepaalde gevallen en door rechterlijke instantie. Waarom voldeed Kroonberoep niet aan art. 6 EVRM? Omdat geschilbeslechting uiteindelijk bij bestuur/Kroon lag en dus onvoldoende onafhankelijk/onpartijdig was. Wat is de burgerlijke rechter als lacunerechter? De burgerlijke rechter biedt rechtsbescherming waar geen voldoende bestuursrechtelijke rechtsgang openstaat. Waarom is lacunerechter een elastische bevoegdheid? De rol krimpt of groeit afhankelijk van de beschikbaarheid van gespecialiseerde bestuursrechtelijke rechtsbescherming. Mag de rechter de wetgever bevelen formele wetgeving tot stand te brengen? In beginsel nee; dat raakt de staatsrechtelijke positie van de wetgever. Welke technieken heeft de Nederlandse rechter om Unierecht te effectueren? Nationaal recht buiten toepassing laten, richtlijnconforme/Unieconforme interpretatie, prejudiciële vragen stellen en effectieve rechtsbescherming bieden. Wat is constitutionele toetsing in Nederlandse verhoudingen? Beoordeling van wetgeving aan constitutionele normen; voor formele wetten aan Grondwet is dit door art. 120 Gw verboden. Uit welk gedachtegoed komen klassieke grondrechten vooral voort? Liberaal-rechtstatelijk gedachtegoed, naast historische/christelijke wortels. Waarom ontstonden klassieke grondrechten? Als bescherming tegen machtsconcentratie bij overheid/vorst en ter garantie van individuele vrijheid. Wat is het verschil klassieke en sociale grondrechten? Klassieke grondrechten zijn vaak subjectieve vrijheidsrechten tegen overheid; sociale grondrechten zijn vooral opdrachten/zorgplichten voor overheid. Waarom is klassiek vs sociaal niet altijd scherp? Klassieke rechten kunnen positieve verplichtingen vragen; sociale rechten kunnen vrijheid van burgers versterken. Welke zes typen grondrechten onderscheidt Kortmann naar functie? Basis-/bodemnormen, klassieke vrijheidsrechten, gelijkheidsnormen, politieke participatierechten, sociale grondrechten, procedurele waarborgen. Wat zijn basis- en bodemnormen? Ongeclausuleerde normen die de fysieke/psychische kern van de mens beschermen tegen aantasting. Wat zijn politieke participatierechten? Rechten die deelname aan democratische besluitvorming mogelijk maken, zoals kiesrecht. Wat is horizontale werking van grondrechten? Werking van grondrechten in verhoudingen tussen burgers/particulieren onderling, direct of indirect. Wat betekent glijdende schaal bij horizontale werking? Er zijn meerdere intensiteiten: van inspiratie/interpretatie tot directe toepassing tussen private partijen. Wat is een algemene beperking van grondrechten? Een beperking die niet specifiek op het grondrecht is gericht, maar het recht feitelijk wel raakt. Wat is een bijzondere beperking van grondrechten? Een beperking die specifiek het grondrecht beperkt en moet passen binnen de beperkingsclausule van dat grondrecht. Wie mag art. 3 Gw beperken? Alleen de formele wetgever, omdat art. 3 Gw bepaalt dat alle Nederlanders op gelijke voet in openbare dienst benoembaar zijn “volgens de wet”.

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/115

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 12:07 PM on 6/16/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

116 Terms

1
New cards

Wat zijn de drie functies van staatsrecht?

Constitueren: ambten instellen, Attribueren: bevoegdheden toekennen, Reguleren: grenzen stellen aan bevoegdheidsuitoefening.

2
New cards

Wat is de juiste volgorde van de functies van staatsrecht?

  1. Constitueren, 2. Attribueren, 3. Reguleren.
3
New cards

Waarom moet staatsrecht bepalen welk ambt welke bevoegdheid heeft?

Om machtsconcentratie en machtsmisbruik te voorkomen.

4
New cards

Welke drie elementen maken volgens het volkenrecht een staat?

Bevolking, grondgebied, effectief onafhankelijk gezag.

5
New cards

Is erkenning nodig om staatskarakter te hebben?

Nee, erkenning is declaratoir.

6
New cards

Wat betekent volkenrechtelijke soevereiniteit?

Zelfstandigheid en onafhankelijkheid tegenover andere staten.

7
New cards

Valt het ontstaan van een staat samen met het ontstaan van een nieuwe overheid?

Nee.

8
New cards

Welke drie manieren van ontstaan/tenietgaan van staten noemt de stof?

Opsplitsing, samenvoeging/opgaan in één staat, ontstaan op voorheen staatsloos territoir.

9
New cards

Wie erkent staten?

Andere staten.

10
New cards

Welke criteria spelen bij erkenning van staten?

Feitelijke staatskenmerken en politieke criteria zoals democratie.

11
New cards

Wat is soevereine immuniteit?

Een vreemde staat kan voor overheidshandelingen niet beoordeeld worden door een andere staat.

12
New cards

Kan een ambt tot meerdere overheidsverbanden behoren?

Ja.

13
New cards

Vertegenwoordigt een ambt publiekrechtelijk het overheidsverband?

Nee, publiekrechtelijk handelt het ambt zelf.

14
New cards

Waar berust volgens Kortmann soevereiniteit in Nederland?

Bij het overheidsverband.

15
New cards

Waarom zijn klassieke grondrechten rechtsstatelijk?

Zij beschermen vrijheidssferen van burgers tegen de overheid.

16
New cards

Waarom zijn sociale grondrechten volgens Kortmann een vreemd element in de rechtsstaatgedachte?

Zij vragen overheidsinterventie.

17
New cards

Wat is een organiek besluit in materiële zin?

Een besluit met primaire constituerende functie.

18
New cards

Is elke wet op grondwettelijke opdracht een organiek besluit in materiële zin?

Nee.

19
New cards

Waarom is Kortmann terughoudend met ongeschreven staatsrecht rond regering en parlement?

Te veel ongeschreven regels zouden het systeem dichtzetten.

20
New cards

Wat is een convention?

Een vaste praktijk of vast gedragspatroon.

21
New cards

Welke conventions zijn positief staatsrecht volgens Kortmann?

De vertrouwensregel en de regel dat een kabinet niet twee keer kan ontbinden over hetzelfde conflict.

22
New cards

Kan jurisprudentie bron van constitutioneel recht zijn?

Ja.

23
New cards

Wat betekent het limitatieve karakter van constitueren en attribueren?

Alleen ambten en bevoegdheden die tot de constitutie zijn te herleiden kunnen rechtens bestaan.

24
New cards

Kan ongeschreven recht bevoegdheden creëren?

Nee.

25
New cards

Wat is het legaliteitsbeginsel?

Overheidsbevoegdheden moeten een wettelijke/constitutionele grondslag hebben.

26
New cards

Kent Nederlands constitutioneel recht één specifieke legitimiteitsgrondslag?

Nee.

27
New cards

Wat zijn drie kenmerken van Nederlandse machtenscheiding volgens Kortmann?

Drie zelfstandige ambtencomplexen; scheiding is niet absoluut; checks and balances.

28
New cards

Wat is constitutionalisme?

Organisatie van de overheid met machtenspreiding.

29
New cards

Welke drie staatsvormen worden onderscheiden?

Gecentraliseerde eenheidsstaat, gedecentraliseerde eenheidsstaat, federale staat.

30
New cards

Sluit federalisering decentralisatie uit?

Nee.

31
New cards

Noem drie confederale EU-elementen.

Verdragsgrondslag, recht van secessie, besluitvorming met unanimiteit.

32
New cards

Noem drie federale EU-elementen.

Rechtspersoonlijkheid EU, supranationale bevoegdheden, rechterlijk toezicht.

33
New cards

Wat is een wet in formele zin?

Een besluit dat tot stand komt door regering en Staten-Generaal.

34
New cards

Wat is een wet in materiële zin?

Een algemene, externe regel.

35
New cards

Kan de formele wetgever elke inhoud aan een wet geven?

In beginsel ja, maar begrensd door grondrechten.

36
New cards

Wat is attributie?

Originaire toekenning van een bevoegdheid aan een ambt.

37
New cards

Wat is delegatie?

Overdracht van een bestaande geattribueerde bevoegdheid.

38
New cards

Wat is mandaat?

Bevoegdheid wordt namens de mandans uitgeoefend.

39
New cards

Wat is privatieve werking bij delegatie?

De delegans kan de gedelegeerde bevoegdheid niet zelf uitoefenen.

40
New cards

Wanneer is delegatie van regelgevende bevoegdheid grondwettelijk toegestaan?

Bij formuleringen als “bij of krachtens de wet”.

41
New cards

Is art. 81 Gw attributie of delegatie?

Attributie.

42
New cards

Waarom is constitutioneel recht primair recht?

Het regelt totstandkoming, gelding en handhaving van andere rechtsnormen.

43
New cards

Heeft constitutioneel recht volgens Kortmann als zodanig een legitimerende functie?

Nee.

44
New cards

Wat is géén rechtsstaatuitvloeisel bij Kortmann?

Sociale bestaansvoorwaarden.

45
New cards

Noem vier kenmerken van Nederlands constitutioneel recht.

Weinig ideologisch; monarchale terminologie; open systeem; geen centrale constitutionele rechter.

46
New cards

Waarom kan de Staatsregeling 1798 de eerste Nederlandse Grondwet worden genoemd?

Omdat zij als basiswet van de eenheidsstaat fungeerde.

47
New cards

Waarom kan de Grondwet 1814 de eerste Nederlandse Grondwet worden genoemd?

Omdat het de eerste Grondwet na onafhankelijkheid van Frankrijk was.

48
New cards

Wat kenmerkt de Grondwetsherziening van 1983?

Bekorting en systematisering; nieuw hoofdstuk grondrechten.

49
New cards

Is het Koninkrijk der Nederlanden volkenrechtelijk een staat?

Ja.

50
New cards

Wat is de basisregeling van het Koninkrijk?

Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden.

51
New cards

Wat staat hiërarchisch hoger: Statuut of Nederlandse Grondwet?

Het Statuut staat hoger.

52
New cards

Mag de rechter de Grondwet toetsen aan het Statuut?

Nee.

53
New cards

Noem belangrijke Koninkrijksaangelegenheden.

Defensie, buitenlandse betrekkingen, Nederlanderschap.

54
New cards

Wanneer is rijksregeling vereist?

Als het een Koninkrijksaangelegenheid betreft.

55
New cards

Welke technieken heeft de rechter bij verdragsrecht?

Verdragsbepaling toepassen, strijdig nationaal recht buiten toepassing laten.

56
New cards

Wat betekent "een ieder verbindende bepaling"?

Een verdragsbepaling die de rechter kan toepassen.

57
New cards

Wat doet de Europese Commissie globaal?

Initiatief tot regelgeving.

58
New cards

Wat doet het Europees Parlement globaal?

Mede-wetgeving en controle op de Commissie.

59
New cards

Wat doet het Hof van Justitie van de EU?

Oordeelt over niet-naleving van EU-recht.

60
New cards

Wat is een EU-verordening?

Algemene strekking, verbindend in al haar onderdelen.

61
New cards

Wat is een EU-richtlijn?

Verbindend voor het te bereiken resultaat.

62
New cards

Zijn aanbevelingen en adviezen verbindend?

Nee.

63
New cards

Waarom reikt conformeringsplicht aan EU-recht verder dan gewoon internationaal recht?

EU-recht werkt autonoom door.

64
New cards

Wat is het verschil tussen gecentraliseerde en gedecentraliseerde eenheidsstaat?

Bevoegdheden liggen bij centrale organen of decentrale verbanden.

65
New cards

Wat is autonomie bij decentrale overheden?

Eigen regeling en bestuur binnen wettelijke grenzen.

66
New cards

Wat is medebewind?

Decentrale organen voeren taken uit die door hoger recht zijn opgedragen.

67
New cards

Wat is het hoofdverschil autonomie vs medebewind voor verantwoordelijkheid?

Bij autonomie meer eigen beleidsruimte.

68
New cards

Welke vormen van bestuurlijk toezicht kent Nederland?

Preventief en repressief toezicht.

69
New cards

Wat is kenmerkend voor verhouding centraal-decentraal in een gedecentraliseerde eenheidsstaat?

Decentrale vrijheid binnen centrale grenzen.

70
New cards

Welke betekenissen kan “Koning” in de Grondwet hebben?

Persoon van de koning, regering/Koning als ambt.

71
New cards

Wat betekent ministeriële verantwoordelijkheid voor de koning?

De koning is onschendbaar.

72
New cards

Mag de koning privébelangen van het koninklijk huis politiek doordrukken?

Nee.

73
New cards

Wat gebeurt als geen troonopvolger is aan te wijzen?

De Grondwet kent procedures voor opvolging.

74
New cards

Zijn reglementen van orde van Kamers staatsrechtelijk bindend?

Ja, intern bindend voor de Kamerorganisatie.

75
New cards

Wat is de ratio van openbaarheid van Kamervergaderingen?

Democratische controle.

76
New cards

Wat is quorum?

Minimumaantal leden dat aanwezig moet zijn.

77
New cards

Is partijlidmaatschap vereist om een Kamerzetel te krijgen?

Nee.

78
New cards

Waarom zijn voorkeurstemmen relevant?

Zij bepalen welke kandidaten een zetel krijgen.

79
New cards

Is contraseign relevant voor geldigheid van besluiten van de Koning?

Ja.

80
New cards

Is contraseign de enige basis van ministeriële verantwoordelijkheid?

Nee.

81
New cards

Welke twee parlementaire rechten liggen besloten in art. 68 Gw?

Vragenrecht/inlichtingenrecht en interpellatie.

82
New cards

Waarom kiest een Kamerlid bij belangrijk politiek conflict eerder interpellatie dan gewone vragen?

Interpellatie leidt tot plenair debat.

83
New cards

Wat is het enquêterecht?

Parlementair onderzoek met vergaande bevoegdheden.

84
New cards

Heeft het enquêterecht alleen controlefunctie?

Nee, ook waarheidsvinding.

85
New cards

Wanneer vraagt de regering advies aan de Raad van State over wetsvoorstellen?

In de voorbereidende fase.

86
New cards

Kan de regering advies van de Raad van State negeren?

Ja.

87
New cards

Wie is verantwoordelijk voor een koninklijke boodschap bij wetsvoorstel?

De betrokken minister(s).

88
New cards

Welke typen noodtoestand kent de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden?

Beperkte noodtoestand en algemene noodtoestand.

89
New cards

Valt een concreet besluit van een zbo onder politieke ministeriële verantwoordelijkheid?

Beperkt.

90
New cards

Wat zijn zelfstandige bestuursorganen?

Bestuursorganen die niet ondergeschikt zijn aan een minister.

91
New cards

Waarom bestaan zbo’s?

Voor onafhankelijke taakuitoefening.

92
New cards

Wat is het verschil tussen politieke en juridische verantwoordelijkheid?

Politiek: verantwoording aan parlement; Juridisch: rechtmatigheid door rechter.

93
New cards

Wat is art. 120 Gw?

Toetsingsverbod voor grondwettigheid van wetten.

94
New cards

Wat is formele toetsing?

Toetsing of een wet volgens juiste procedure tot stand kwam.

95
New cards

Wat is materiële toetsing?

Toetsing van de inhoud van een wet aan hogere normen.

96
New cards

Wat besliste het Harmonisatiewet-arrest in hoofdlijn?

De rechter mag wetten in formele zin niet toetsen aan de Grondwet.

97
New cards

Welke colleges behoren tot de rechterlijke macht volgens de Grondwet?

Rechtbanken, gerechtshoven en Hoge Raad.

98
New cards

Hoe is rechterlijke onafhankelijkheid grondwettelijk gewaarborgd?

Onder meer benoeming voor het leven.

99
New cards

Waarom voldeed Kroonberoep niet aan art. 6 EVRM?

Omdat geschilbeslechting bij bestuur/Kroon lag.

100
New cards

Wat is de burgerlijke rechter als lacunerechter?

Biedt rechtsbescherming waar geen bestuursrechtelijke rechtsgang is.