Statistiek van de sociale wetenschappen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/24

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Flashcards gebaseerd op de hoorcolleges en cursustekst van 'Statistiek van de sociale wetenschappen' door Prof. dr. Cecil Meeusen (2025-2026).

Last updated 7:53 AM on 8/1/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

25 Terms

1
New cards

Wat is dataficatie volgens hoofdstuk 1?

De trend waarbij dagdagelijkse acties en interacties worden omgezet in data die kunnen worden opgevolgd, geanalyseerd en geoptimaliseerd.

2
New cards

Hoe wordt Social Data Science gedefinieerd in de tekst?

De combinatie tussen domeinspecifieke kennis van sociale wetenschappen, computerwetenschappen en datawetenschappen.

3
New cards

Welke drie V’s kenmerken Big Data?

Volume, Veranderlijkheid en Verscheidenheid.

4
New cards

Wat is het verschil tussen een populatie en een steekproef?

Een populatie is de verzameling van alle onderzoekseenheden met een afbakening in tijd en ruimte, terwijl een steekproef een deelverzameling van onderzoekseenheden uit die populatie is.

5
New cards

Wat zijn de vier meetniveaus in de hiërarchie van laag naar hoog?

Nominaal, Ordinaal, Interval en Ratio.

6
New cards

Wanneer spreekt men van een dichotome meetschaal?

Wanneer de nominale meetschaal slechts twee waarden kan aannemen (bijvoorbeeld wel of geen Instagram account).

7
New cards

Wat is een quasi-kwantitatieve variabele?

Een schaal die intrinsiek ordinaal is (geen meeteenheid), maar door de omvang van de uitkomstenverzameling (zoals een 1111-punt schaal) toch als kwantitatief wordt behandeld.

8
New cards

Wat is de definitie van de modus?

De waargenomen waarde die het meest voorkomt in de steekproef en dus de hoogste frequentie vertoont.

9
New cards

Hoe wordt de mediaan berekend als de steekproefomvang nn even is?

Als het gemiddelde van de waarden van de twee middelste observaties: xn2+xn2+12\frac{x_{\frac{n}{2}} + x_{\frac{n}{2}+1}}{2}

10
New cards

Wat is de formule voor het berekenen van het bereik (RR)?

R=xmaxxminR = x_{max} - x_{min}

11
New cards

Hoe wordt de interkwartielafstand (IQRIQR) gedefinieerd?

De lengte van het gebied rond de mediaan dat de middelste helft (50%50\%) van de observaties omvat: IQR=Q^(0.75)Q^(0.25)=Q3Q1IQR = \hat{Q}(0.75) - \hat{Q}(0.25) = Q_3 - Q_1

12
New cards

Welke eigenschap geldt voor ongeveer 95%95\% van de gegevens bij een normale verdeling?

Dat zij binnen een afstand van ongeveer twee (1.961.96) standaarddeviaties (σ\sigma) aan weerszijden van het populatiegemiddelde (μ\mu) liggen.

13
New cards

Wat is de formule voor een Z-score?

zi=xixˉsxz_i = \frac{x_i - \bar{x}}{s_x}

14
New cards

Wat is het verschil tussen een linksscheve en een rechtsscheve verdeling?

Bij een rechtsscheve verdeling zwakt de rechterstaart trager af; bij een linksscheve verdeling zwakt de linkerstaart trager af.

15
New cards

Wat stelt de Wet van de Grote Aantallen?

Hoe groter het aantal experimenten of de steekproefomvang nn, hoe dichter de empirische relatieve frequenties bij de theoretische kansen of populatiewaarden zullen liggen.

16
New cards

Wanneer benadert een binomiaalverdeling (B(n,p)B(n, p)) een normaalverdeling?

Wanneer zowel p×n10p \times n \geq 10 als (1p)×n10(1 - p) \times n \geq 10.

17
New cards

Wat is een steekproeferror (ee)?

De benaderingsfout die ontstaat doordat een steekproef slechts een schatting geeft van de populatieparameter: xˉ=μ+e\bar{x} = \mu + e.

18
New cards

Wat is de definitie van de standaard error (standaardfout)?

De standaarddeviatie van een steekproevenverdeling: σXˉ=σn\sigma_{\bar{X}} = \frac{\sigma}{\sqrt{n}}

19
New cards

Wanneer is een schatter zuiver (onvertekend)?

Wanneer de verwachte waarde van de steekproevenverdeling gelijk is aan de populatieparameter.

20
New cards

Wat is een Type 1-fout bij hypothesetesten?

De situatie waarin de nulhypothese (H0H_0) ten onrechte wordt verworpen terwijl deze in werkelijkheid waar is.

21
New cards

Wat wordt bedoeld met de 'power' van een test?

De kans (1β1 - \beta) dat een statistische test een nulhypothese verwerpt die daadwerkelijk verworpen dient te worden.

22
New cards

Wanneer gebruikt men de Student t-verdeling in plaats van de normaalverdeling?

Wanneer de populatievariantie (σ2\sigma^2) onbekend is en geschat moet worden op basis van de steekproefgegevens.

23
New cards

Tussen welke waarden ligt een correlatiecoëfficiënt altijd?

In het interval [1,1][-1, 1].

24
New cards

Wat is de Simpson’s Paradox?

Een fenomeen waarbij een trend die aanwezig is in subgroepen verdwijnt of omkeert wanneer de groepen worden samengenomen.

25
New cards

Wat is het doel van gestandaardiseerde residuelen in een kruistabel?

Het detecteren van lokale afhankelijkheid tussen specifieke celwaarden door te kijken hoe de waargenomen frequentie afwijkt van de verwachte frequentie.