1/58
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is een endocentrische structuur?
Een structuur waarbij minstens één element als hoofd (kern) fungeert en de eigenschappen van de hele structuur bepaalt.
Welk element bepaalt de eigenschappen van een endocentrische structuur?
Het hoofd (de kern).
Geef een voorbeeld van een endocentrische structuur.
grootmoeder (moeder is het hoofd).
Welke hypothese geldt voor endocentrische structuren?
RHHR (Right-Hand Head Rule).
Wat is een exocentrische structuur?
Een structuur waarbij geen van beide bouwstenen als hoofd van de structuur fungeert.
Geef een voorbeeld van een exocentrische structuur.
flapuit
Wat is een bepaling-hoofdsamenstelling?
Een endocentrische samenstelling waarbij het linkerlid de bepaling is en het rechterlid het hoofd.
Welke functie heeft het linkerlid in een bepaling-hoofdsamenstelling?
Bepaling (modificatie).
Welke functie heeft het rechterlid in een bepaling-hoofdsamenstelling?
Hoofd (kern).
Welke drie aspecten zijn belangrijk bij bepaling-hoofdsamenstellingen?
Betekenisrelaties, idiomaticiteit en eigennamen.
Geef voorbeelden van betekenisrelaties bij bepaling-hoofdsamenstellingen.
kerkhof, tijdstip
Geef voorbeelden van idiomatische bepaling-hoofdsamenstellingen.
adamsappel, boterham
Wat is een bijzonder type bepaling-hoofdsamenstelling?
Eigennamen waarbij het linkerlid een eigennaam is.
Wat is een thematische rol?
De semantische functie van een participant in een handeling, gebeurtenis of toestand.
Wat is een agens?
De actieve participant die de handeling bewust controleert.
Wat is een patiens?
De passieve participant die de handeling ondergaat en tijdens de handeling ingrijpend verandert.
Wat is een thema?
De participant die een handeling ondergaat zonder ingrijpend te veranderen.
Welke thematische rol heeft meestal het onderwerp?
Agens (en soms thema).
Welke thematische rol heeft meestal het voorwerp?
Patiens (en soms thema).
Hoe pas je het valentieschema toe op thematische rollen?
Agens = onderwerp; Patiens = voorwerp; Thema = onderwerp of voorwerp.
Wat is een defectief werkwoord?
Een werkwoord dat enkel in de infinitief gebruikt kan worden.
Wat is truncatie?
Een vorm van stamallomorfie waarbij de slot-d van de werkwoordstam wegvalt wanneer die stam het linkerlid van een nominale samenstelling wordt.
Geef twee voorbeelden van truncatie.
glijbaan (glijdbaan), snijwonde (snijdwonde)
Geef een voorbeeld van truncatie bij afleiding.
machine + ist → machinist
Wat is degeminatie (ontdubbeling)?
Het wegvallen van een dubbele medeklinker of klinker bij woordvorming.
Geef een voorbeeld van degeminatie.
financie + ier → financier
Wat is een versterkingsrelatie?
Een relatie waarbij het linkerlid de betekenis van het rechterlid versterkt.
Geef twee voorbeelden van een versterkingsrelatie.
bloedrood, ijzersterk
Wat zijn affixoïden?
Vormen die eruitzien als vrije morfemen maar zich gedragen als een affix.
Geef voorbeelden van affixoïden.
bere-, reuze-, stapel-
Wat is een absoluut adjectief?
Een adjectief dat niet combineerbaar is met graadaanduidingen zoals comparatief, superlatief of graadbijwoorden.
Geef voorbeelden van absolute adjectieven.
*ijzersterker, *erg stapelgek, *het ijskoudst
Wat is een argumentspositie?
Een open plek voor een participant die door het valentieschema van een werkwoord of adjectief wordt gecreëerd.
Geef een voorbeeld van een argumentspositie.
vriendelijk (2-plaatsig) → milieuvriendelijk blijft 2-plaatsig.
Welke thematische rollen drukken voltooide deelwoorden uit?
Agens, instrument en kracht.
Welke thematische rollen drukken onvoltooide deelwoorden uit?
Thema en patiens.
Wat is een samenkoppeling?
Een werkwoordelijke combinatie waarvan de delen in sommige contexten samenblijven en in andere uit elkaar kunnen staan.
Bij welke woordsoort komt samenkoppeling voor?
Altijd bij werkwoorden.
Hoe ligt de klemtoon bij een samenkoppeling?
Het hoofd staat rechts, maar de woordklemtoon ligt op het linkerelement.
Wat is een pseudosamenstelling?
Een woord dat opgebouwd lijkt uit twee delen, maar waarvan één deel (meestal het linkerlid) niet zelfstandig is.
Wat is een stratum?
Een laag van woordvorming met eigen affixen.
Welke suffixen behoren tot het inheemse stratum?
-er, -aar, -enaar, -ier, -(e)ling
Welke suffixen behoren tot het uitheemse stratum?
-ist, -air, -ier, -eur, -aris
Wat is een diminutief?
Een verkleinwoord.
Wat is een pejoratieve connotatie?
Een negatieve bijklank.
Wat zijn abstracta?
Zelfstandige naamwoorden die abstracte begrippen aanduiden.
Geef voorbeelden van abstracta.
liefde, idee, tijd, schoonheid, kennis
Wat is het frequentatieve of iteratieve betekenisaspect?
Een betekenisaspect waarbij de handeling van het basiswerkwoord herhaald wordt.
Welke toevoegingen drukken vaak een frequentatief of iteratief betekenisaspect uit?
-el en -er
Geef voorbeelden van frequentatieve of iteratieve afleidingen.
krabbelen, kinkelen, knipperen, knikkeren
Wat is categorieneutrale prefigering?
Prefigering waarbij het prefix geen invloed heeft op de woordsoort van de afleiding.
Welke regel geldt bij categorieneutrale prefigering?
RHHR (Right-Hand Head Rule).
Welke prefixes worden gebruikt voor versterking of intensivering?
aarts-, oer-, her-, super-, hyper-, ultra-
Welke intensiverende prefixes zijn inheems?
aarts-, oer-, her-
Welke intensiverende prefixes zijn uitheems?
super-, hyper-, ultra-
Wat betekent formeel geleed?
Een woord dat nog een formele morfologische structuur heeft, ook al is de betekenis niet (meer) transparant.
Wat zijn versteende vormen?
Vormen waarvan de oorspronkelijke opbouw of betekenis niet langer productief of transparant is.
Wat is affixextractie?
Een woordvormingsproces waarbij een affix wordt weggehaald.