Scheikunde: Geleiding, Metalen, Moleculaire stoffen, Zouten en Koolwaterstoffen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/23

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Flashcards over stroomgeleiding, de eigenschappen van metalen, moleculaire stoffen, zouten en de systematische naamgeving van koolwaterstoffen en alcoholen.

Last updated 8:49 AM on 6/28/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

24 Terms

1
New cards

Voor een stof om stroom te geleiden zijn er geladen deeltjes nodig die zich __________.

vrij kunnen bewegen

2
New cards

In het atoommodel van Bohr worden 1 of 2 elektronen in de buitenste schil die los kunnen worden gelaten __________ genoemd.

valentie-elektronen

3
New cards

De aantrekkingskracht tussen positieve ionen en de langs bewegende negatieve valentie-elektronen noem je de __________.

metaalbinding

4
New cards

Een reactie van een metaal met zuurstof of water, zoals roest bij ijzer, noem je __________.

Corrosie

5
New cards

De aantrekkingskrachten tussen moleculen in een moleculaire stof worden __________ genoemd.

vanderwaalskrachten

6
New cards

Hoe __________ een molecuul is, hoe hoger het kookpunt.

langer

7
New cards

De binding tussen atomen die ontstaat door het delen van valentie-elektronen noem je een atoombinding of __________.

covalente binding

8
New cards

In de scheikunde geeft de __________ aan hoeveel bindingen een atoomsoort kan maken.

Covalentie

9
New cards

Stoffen die mengen met water hebben extra bindingen nodig die je een __________ noemt, aangegeven met een stippellijntje.

waterstofbrug

10
New cards

Een stof die niet oplost in water wordt __________ genoemd.

Hydrofoob

11
New cards

Een molecuul met een hydrofiele kop en hydrofobe staart dat voorkomt dat een emulsie direct ontmengt, werkt als __________.

emulgator

12
New cards

Zouten bestaan uit een geordende rangschikking van positieve metaalionen en negatieve ionen genaamd een __________.

ionrooster

13
New cards

Wanneer zout wordt opgelost in water, worden de __________ verbroken.

ionbindingen

14
New cards

Het proces waarbij grote moleculen uit aardoliefracties worden omgezet in kleine moleculen heet __________.

kraken

15
New cards

Een koolwaterstof is __________ als deze één of meer dubbele atoombindingen bevat.

Onverzadigd

16
New cards

De algemene formule voor alkanen is __________.

CnH2n+2C_n H_{2n+2}

17
New cards

Alkenen zijn altijd onverzadigd en hebben als algemene formule __________.

CnH2nC_n H_{2n}

18
New cards

Stoffen met dezelfde molecuulformule maar een andere structuurformule noem je __________.

isomeren

19
New cards

De systematische naam voor een alkaan met 4 koolstofatomen (C4H10C_4 H_{10}) is __________.

Butaan

20
New cards

De zijketen van een alkaangroep met 1 C-atoom noem je een __________.

Methyl

21
New cards

Bij de naamgeving van alkenen eindigt de naam op de uitgang __________.

-een

22
New cards

Het voorvoegsel dat wordt gebruikt als er drie dezelfde zijketens aanwezig zijn is __________.

Tri-

23
New cards

Alkanen waarbij één of meer H-atomen zijn vervangen door atomen uit groep 17 noem je __________.

halogeenalkanen

24
New cards

De subgroep alcoholen waarbij 1 H-atoom van een alkaan is vervangen door een hydroxylgroep krijgt het achtervoegsel __________.

-ol