DOPR2 ML | Quizlet

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/69

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 12:39 PM on 7/17/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

70 Terms

1
New cards

Data science

discipline waarin allerlei inzichten in data worden verkregen

2
New cards

machine learning

subdiscipline van AI waarmee computers worden geprogrammeerd om te kunnen leren van data

3
New cards

Taken ML

- problemen waarvoor reguliere oplossingen erg bewerkelijk zijn bijvoorbeeld omdat er erg veel uitzonderingen zijn

-complexe problemen waar geen goede oplossing bestaat

- dynamische omgevingen, waarin de aard van een probleem geregeld wijzigt

- situaties waarin inzichten moeten worden gevonden in enorme hoeveelheden data

4
New cards

Gebruiken ML

- fouten te vinden in beslisregels

- het trainen kan worden geautomatiseerd

5
New cards

supervised learning

training algoritme krijgt de data en ook de oplossing

6
New cards

unsupervised learning

de data is niet gelabeld. dus je weet niet welke waarde bij welke klasse of observatie hoort

7
New cards

semi-supervised learning

een deel van de data is gelabeld

8
New cards

reinforcement learning

op basis van beloningen de optimale strategie bepalen voor verschillende situaties die het model als agent kan observeren

9
New cards

batch learning

het model wordt eenmalig getraind en vervolgens gelanceerd. Trainen gebeurd online door de grote hoeveelheid aan rekenkracht die nodig is om de data te verwerken

10
New cards

online learning

trainen gebeurd incrementeel(in kleine stapjes) door het model steeds nieuwe observaties te laten doen

11
New cards

instance based

hierbij wordt een observatie vergeleken met eerdere observaties op basis van overeenkomsten

12
New cards

model-based

deze modellen herkennen patronen in de data om voorspellingen te doen over nieuwe observaties

13
New cards

uitdagingen bij het bouwen van een ML

- gebrek aan data

- slechte data kwaliteit

- irrelevante features

- overfitting en underfitting

14
New cards

Trainen, testen en valideren

- verschillende modellen uitproberen

- modellen met verschillende instellingen te evalueren

- de data op te splitsen in een training, development en test set( het is belangrijk dat eventuele ordening in de data er niet voor zorgt dat de data subsets bepaalde delen van de data missen)

15
New cards

Data exploratie

Het eerste wat een ML-model doet is de data inspecteren. Hieruit kunnen histogrammen volgen die de verdeling van de observaties laten zien.

16
New cards

feature engineering

vanuit bestaande feautures nieuwe feautures maken.

- twee features door elkaar te delen of te vermenigvuldigen

- karakteristieken van een signaal in de tijd te berekenen

17
New cards

data opschonen

- de observaties met ontbrekende waardes verwijderen

- de feature met ontbrekende waardes verwijderen

- een waarde invullen

18
New cards

feature scaling and transformation

training algoritmes hebben moeite met feautures waarvan de schaal sterk uiteen loopt.

Zonder feature total number of rooms te schalen zal een model zich snel op 1 feature concentreren.

19
New cards

Twee manieren schalen feauture

min-max scaling(Moeite met outliers)

standardization(deze is robuuster)

20
New cards

cross validation

de data opsplitsen en steeds een deel achterhoudt voor validatie, terwijl de rest voor training wordt gebruikt. Een lage training error en hoge validatie= overfitting

21
New cards

model lancering

- documenteer alles, inclusief je gehele code, bewerkingen van de data etc

- geef de grenzen aan van wat je model kan, zodat andere kunnen inschatten waar het voor gebruikt kan worden

22
New cards

model rot

het fenoneem waarbij een machine learning model minder nauwkeurig wordt omdat de onderliggende data distributies veranderen na verloop van tijd

23
New cards

classificatie

het label dat defineert tot welke categorie, uit een set potentiele categorieen, een observatie behoort

24
New cards

MNIST dataset

de dataset bevat geen foutieve of ontbrekende labels. alles is compleet

- bestaat uit 70.000 hangeschreven getallen

- een label bij elke afbeelding dat het getal op de afbeelding vertegenwoordigd

25
New cards

performance measures voor classificatie

- accuracy

- confusion matrixes --> precision en recall

- ROC curve

26
New cards

accuracy

hoe vaak je model een correcte classificatie geeft.

27
New cards

Confusion Matrix

-TN, FP, FN en TP

28
New cards

precision

een perfect classificatiemodel heeft alleen positieve waardes dus geen fouten. Hoe ver je van de een perfect classificatiemodel zit is precision

29
New cards

precision/recall trad-off

een hogere precision leidt tot een lagere recall

30
New cards

Support vector machines(SVM)

een veelzijdig type machine learning model, met name voor classificatie taken. Ze zijn beperkt in het formaat van de dataset die kan worden behandeld

31
New cards

Classificatie met een SVM

Met een SVM probeer je een grens (lijn) te trekken om classes (in dit geval ondersoorten van de Iris) zo goed mogelijk van elkaar te scheiden. Bij "large margin classification" probeer je de afstand van de lijn tot het dichtstbijzijnde lid van de afzonderlijke classes zo groot mogelijk te maken en mag geen enkele observatie aan de verkeerde kant van de lijn staan.

Het is niet altijd mogelijk om via large margin te classificeren

32
New cards

soft margin classification

Hierbij mag het model een klein aantal fouten maken. Het model zoekt een balans tussen:

• een zo groot mogelijke marge;

• zo weinig mogelijk fout geclassificeerde observaties. Het doel is dus niet meer: "iedere observatie perfect classificeren" maar: "de beste algemene scheidingslijn vinden

33
New cards

Hyperparameter C

Bij soft margin classification speelt C een belangrijke rol. Deze bepaalt hoe streng het model is.

34
New cards

Lage C

Het model:

• accepteert meer fouten;

• kiest een grotere marge.

Voordeel: •

minder kans op overfitting.

35
New cards

Hoge C

Het model:

• probeert bijna alle trainingspunten correct te classificeren;

• accepteert nauwelijks fouten.

Voordeel:

• hogere nauwkeurigheid op trainingsdata.

Nadeel:

• grotere kans op overfitting.

Kort: Kleine C → grotere marge Grote C → minder fouten maar kleinere marge.

36
New cards

SVM voor regressie

Een SVM kan ook gebruikt worden voor regressie. Bij classificatie probeer je een grens te maken waar zo weinig mogelijk punten binnen vallen. Bij regressie gebeurt juist het tegenovergestelde. Je maakt een soort "straat" rondom de regressielijn.

Het doel: Zoveel mogelijk observaties moeten binnen deze straat liggen.

37
New cards

De hyperparameter epsilon

De breedte van deze straat wordt bepaald door ε (epsilon).

Kleine epsilon

• smalle straat;

• model probeert dichter langs de punten te lopen.

Grote epsilon

• brede straat;

• meer punten vallen binnen de toegestane foutmarge.

Het model wordt daardoor minder gevoelig voor kleine afwijkingen.

38
New cards

sterke punten SVM

Werkt zeer goed bij classificatie.

• Kan ook regressie uitvoeren.

• Probeert de meest robuuste scheidingslijn te vinden. • Vaak hoge nauwkeurigheid.

• Goed bestand tegen kleine veranderingen in data

39
New cards

zwakke punten van SVM

Minder geschikt voor zeer grote datasets.

• Relatief veel rekenkracht nodig.

• Minder makkelijk te interpreteren dan bijvoorbeeld een Decision Tree.

• Hyperparameters (zoals C en ε) moeten goed gekozen worden.

40
New cards

Decision tree

is een machine learning-model dat gebruikt kan worden voor:

• Classificatie (bijvoorbeeld: tot welke soort behoort deze iris?)

• Regressie (bijvoorbeeld: welke waarde moet voorspeld worden?)

41
New cards

Hoe werkt een decision tree?

Een Decision Tree bestaat uit een reeks vragen. Bij iedere vraag wordt de dataset opgesplitst in kleinere groepen. Je begint bovenaan de boom en volgt de voorwaarden totdat je bij een eindpunt uitkomt. Dat eindpunt geeft de voorspelling.

42
New cards

Opbouw decision tree

root node( eerste node)

split node(vertakking)

leaf node(eindpunt)

43
New cards

maximale diepte

Een belangrijke instelling van een Decision Tree is de maximale diepte. Deze bepaalt: Hoe ver de boom mag doorgroeien.

Kleine maximale diepte

• eenvoudige boom;

• minder kans op overfitting.

Grote maximale diepte

• complexere boom;

• past beter op trainingsdata;

• grotere kans op overfitting.

Hoe dieper de boom, hoe meer vertakkingen mogelijk zijn.

44
New cards

Gini impurity

geeft aan hoe zuiver 1 node is. lage GIni goede scheiding. Een hoge Gini is een slechte scheiding

45
New cards

white box-modellen

iedere beslissing is zichtbaar en uitlegbaar

46
New cards

black-box model

moeilijk kunnen achterhalen waarom het model een bepaalde voorspelling heeft gedaan

47
New cards

Sterke punten decision tree

• Zeer eenvoudig te begrijpen.

• Beslissingen zijn makkelijk te verklaren.

• Geschikt voor classificatie én regressie.

• Werkt zonder ingewikkelde wiskunde.

• Goede basis voor Random Forests.

• White-box model (goed uitlegbaar).

48
New cards

zwakke punten decision trees

Overfitting Decision Trees kunnen eindeloos blijven vertakken. Daardoor kunnen ze de trainingsdata bijna perfect onthouden. Gevolg: • uitstekende prestaties op trainingsdata; • slechtere prestaties op nieuwe data. Dit noemen we overfitting.

49
New cards

Overfitting voorkomen

Je kunt overfitting beperken door:

• maximale diepte beperken;

• minder features per split gebruiken;

• een minimum aantal observaties per leaf node instellen. Hierdoor blijft de boom eenvoudiger en generaliseert hij beter naar nieuwe data.

50
New cards

decision trees zijn stochatisch

Kleine veranderingen in de trainingsdata kunnen leiden tot een compleet andere beslisboom. Hierdoor zijn losse Decision Trees soms minder robuust. Juist dit probleem wordt opgelost met Random Forests, waarin meerdere Decision Trees gecombineerd worden

51
New cards

ensemble learning

combineert de voorspellingen van meerdere machine learningmodellen. Het idee is eenvoudig: Meerdere modellen samen voorspellen vaak beter dan één enkel model. Je gebruikt dus niet één classifier, maar een groep classifiers die gezamenlijk een beslissing nemen.

52
New cards

waarom ensemble learning

Eén model maakt altijd fouten. Wanneer je meerdere modellen combineert:

• worden individuele fouten deels opgeheven;

• worden voorspellingen stabieler;

• neemt de nauwkeurigheid meestal toe.

Het uitgangspunt is: De groep is slimmer dan het individu.

53
New cards

Voting classifier

hierbij train je verschillende modellen op dezelfde dataset. De uiteindelijke voorspelling wordt bepaald door de meerderheid van stemmen

54
New cards

hard voting

telt iedere model simpelweg 1 stem

55
New cards

soft voting

kijkt het model niet alleen naar de voorspelling, maar ook naar de waarschijnlijkheid. Is ook vaak naukeuriger dan hard voting, omdat modellen die erg zeker zijn meer invloed hebben

56
New cards

bagging

Bagging is een veelgebruikte techniek binnen ensemble learning. In plaats van één Decision Tree te maken:

• maak je veel verschillende Decision Trees;

• iedere boom wordt getraind op een andere steekproef uit de trainingsdata. Daardoor ontstaan bomen die allemaal nét iets anders zijn. Aan het einde stemmen alle bomen samen over de uiteindelijke voorspelling.

57
New cards

random forest

Een Random Forest is de bekendste vorm van ensemble learning. Een Random Forest bestaat uit: Heel veel Decision Trees die samen één voorspelling doen. Iedere boom:

• wordt getraind op een andere steekproef van de data;

• maakt zelfstandig een voorspelling. Daarna stemmen alle bomen. De meerderheid bepaalt de uiteindelijke uitkomst.

58
New cards

voordelen van random forest

Ten opzichte van één Decision Tree:

• hogere nauwkeurigheid;

• minder gevoelig voor overfitting;

• stabielere voorspellingen;

• robuuster voor nieuwe data. Daarnaast kan een Random Forest aangeven: Welke variabelen (features) het belangrijkst zijn voor de voorspelling.

59
New cards

Feature importance

Een extra voordeel van Random Forests is dat ze kunnen berekenen welke kenmerken het belangrijkst zijn. Bijvoorbeeld bij de Iris-dataset:

• petal length → heel belangrijk;

• petal width → belangrijk;

• sepal width → minder belangrijk.

Zo kun je beter begrijpen welke variabelen de grootste invloed hebben op de voorspelling.

60
New cards

Nadelen random forests

- minder uitlegbaar

- is een black-box model

61
New cards

waarom unsupervised learning

In de praktijk is de meeste data ongelabeld. Dat komt omdat:

• data wordt verzameld voor de bedrijfsvoering;

• niet speciaal voor machine learning;

• handmatig labels toevoegen veel tijd kost. Daardoor kun je vaak geen regressie of classificatie toepassen. Wel kun je patronen zoeken met unsupervised learning.

62
New cards

vier vormen unsupervised learning

1. Dimensionality Reduction

2. Clustering

3. Anomaly Detection

4. Density Estimation

63
New cards

dimensionality reduction

Vermindert het aantal features terwijl zoveel mogelijk informatie wordt behouden.

64
New cards

anomaly dectection

het model zoekt naar observaties die sterk afwijken van de rest

65
New cards

clustering

automatisch groepen maken van vergelijkbare observaties. het model weet vooraf niet welke groepen er bestaan en doet het zelf op basis van overeenkomsten

66
New cards

Hoe werkt K-means?

Stap 1

Plaats k centroids. Een centroid is het middelpunt van een cluster.

Stap 2

Iedere observatie wordt gekoppeld aan de dichtstbijzijnde centroid.

Stap 3

Bereken voor ieder cluster een nieuw middelpunt. De centroid verschuift dus.

Stap 4

Herhaal stap 2 en 3 totdat de centroids niet meer veranderen. Dit heet: convergentie

67
New cards

elbow method

Voor elk aantal clusters bereken je de inertia. Inertia De totale (gekwadrateerde) afstand van alle punten tot hun eigen centroid.

• Lage inertia = betere clustering.

• Maar inertia wordt altijd lager als je meer clusters toevoegt.

Daarom zoek je naar de elleboog in de grafiek. Vanaf dat punt levert een extra cluster nauwelijks verbetering op. Dat is meestal de beste waarde voor k.

68
New cards

Silhouette score

Een andere manier is de silhouette score.

Deze meet:

• hoe goed een punt past binnen zijn eigen cluster;

• en hoe ver het verwijderd is van andere clusters. De score ligt tussen:

• 1 → uitstekend • 0 → twijfelachtig

• -1 → waarschijnlijk verkeerd ingedeeld Een hogere silhouette score betekent een betere clustering

69
New cards

silhouette diagram

Hiermee bekijk je de silhouette scores per cluster. Je kunt zo zien: • of sommige clusters veel slechter zijn; • of clusters erg verschillend van grootte zijn. Het diagram helpt dus om te beoordelen of gekozen k logisch is.

70
New cards

nadelen van K-means

K-means werkt niet altijd goed. Problemen ontstaan wanneer:

• clusters geen ronde ("bolvormige") vorm hebben;

• clusters sterk verschillen in grootte;

• clusters een verschillende dichtheid hebben. In zulke gevallen zijn andere algoritmen, zoals DBSCAN of Gaussian Mixture Models, vaak beter. Deze hoef je voor dit vak niet te kennen.