1/53
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced |
---|
No study sessions yet.
boodschappen doen
go shopping
de markt
market
de groenteboer
greengrocer
er
there
wie is er aan de beurt?
who's next?
de beurt
turn
alsjeblieft
please
kleine (klein)
small
de courgette
courgette
gele (geel)
yellow
mooie (mooi)
nice
paprika's (de paprika)
bell peppers, sweet peppers
tomaten (de tomaat)
tomatoes
altijd
always
sorry
sorry
(na)tuurlijk
of course
anders nog iets?
anything else?
typisch
typical
het gerecht
dish
buitenlanders (de buitenlander)
foreigners
de andijvie
endive
de stamppot
mashed potato and vegetables
spekjes (het spekje)
bacon
vaak
often
heerlijk
delicious
goedkope (goedkoop)
cheap
hoeveel
how much
heb nodig (nodig hebben)
need
personen (de persoon)
people
ongeveer
about
halve (half)
half
de kilo
kilo
aardappels (de aardappel)
potatoes
de slager
butcher
was (zijn)
was
de bloemkool
cauliflower
het bakje (de bak)
punnet
champignons (de champignon)
mushrooms
de peterselie
parsley
het bosje (de bos)
bunch
verder nog iets?
anything else?
boontjes (het boontje)
beans
verse (vers)
fresh
de knoflook
garlic
komkommers (de komkommer)
cucumbers
de euro
euro
wel
quite
genoeg
enough
waarnaartoe
where to
de cent
cent
erbij
with it
prettig
nice
het weekend
weekend
geeft niet
doesn't matter