1/55
blablabla
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Mag ik een kladpapier nemen?
Je peux prendre un brouillon?
Mag ik het raam/de deur/de gordijnen openen/sluiten?
Je peux ouvrir/fermer la fenetre/la porte/les rideaux?
Mag ik mijn map uit mijn locker gaan halen?
Je peux aller chercher mon classeur dans mon casier?
Mag ik een zakdoek nemen uit mijn jas?
Je peux prendre un mouchoir dans mon manteau?
Mag ik naar toilet gaan?
Je peux aller aux toilettes?
Mag ik de papiertjes in de vuilbak doen?
Je peux jeter les papiers dans la poubelle?
Wilt u de zin herhalen?
Vous voulez repeter la phrase?
Ik heb het niet begrepen
Je n’ai compris pas
Mag ik de taken ophalen?
Je peux ramasser les devoirs?
Mag ik de toetsen uitdelen?
Je peux distribuer les tests?
Mag ik het bord afvegen?
Je peux effacer le tableau?
Het is gebeld, mevrouw
Ca a sonne, madame
Ik ben mijn taken vergeten, het spijt me
J’ai oublie mes affaires. Desole
Mogen we een woordenboek gebruiken?
On peut employer un dictionnaire?
moeten wij die zinne opschrijven/studeren?
Il faut noter/etudier ces phrases
ik ben klaar
j’ai fini
Kan u iets langzamer praten,
vous pouvez parler un peu plus lentement?
kan u zich een beetje verplaatsen?
vous voulez vous deplacer?
U staat voor het bord
Vous cachez le tableau
dat is niet leesbaar
ca n’est pas lisible
mag ik afgeven mevrouw?
Je peux rendre, madame?
Hoe word dat geschreven?
Ca c’ecrit comment?
Heeft iemand een papieren zakdoek/gom
Quelqun a un mouchoir en papier/ en gomme
Gezondheid
a vos souhaits
ga verder
continuez
ga zitten
asseyez vous
zwijg
taisez vous
sta recht
levez vous
steek/doe het licht aan
allumez/eteignez la lumiere
neem uw boek
prenez votre livre
neem een fluostift en fluoriceer
prenez un marquer et surlignez
is iedereen er?
tout le monde et la?
Zijn er afwezigheden
il y a des absents
lees de tekst luidop
lisez le texte a haute voix
vul de oefening in
remplissez cet exercice
herhaal dat woord
repetez ce mot
vertaal de zin
traduisez la phrase
antwoord op de vraag
repondez a la question
vervvoeg het werkwoord
conjugez la verbe
hebben jullie nog vragen
vous avez encore des questions?
kom naar het bord
venez le tableau
let op
faites attention
hebt u het begrepen
vous avez compris?
steek allemaal jullie gsm weg
cachez tous votre gsm
zet je pet/koptelefoon/oortjes af
enleve ta casquette/tes ecouteurs/tes oreilletes
zijn jullie klaar?
vous avez fini?
wie wilt krijgt/een vod halen
qui veut aller chercher des craies/un chiffon
dit stukje tekst in overstaanbaar
ce passage est incomprehensible
wie wil er de dialoog lezen?
qui veut lire le dialogue?
is er een vrijwilliger?
il y a un volontaire?
haast jullie/je
depechez-vous/toi
luister aandachtig naar de dialoog
ecoutez attentivement le dialogue
stel vragen
posez des questions
dek de rechter/linkel kolom af
cachez le colonne a gauche/a droite
kan u dat bewijze ahv de tekst?
vous pouvez le prouver au moyen du texte?
neem een blad met hoofding van de school
prenez une feuille a en tete de l’ecole