Rechtstaat & Democratie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/30

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de belangrijkste begrippen en gebeurtenissen uit de lessen over Rechtstaat & Democratie, inclusief de Nederlandse Opstand, de Franse Revolutie en de grondwet van 1848.

Last updated 3:00 PM on 6/29/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

31 Terms

1
New cards

Een __________ is een staat waarin de overheid zich aan de wet moet houden en burgers grondrechten hebben.

rechtsstaat

2
New cards

Bij een __________ heeft het volk invloed op de besluitvorming van de overheid, bijvoorbeeld via verkiezingen.

democratie

3
New cards

Basisrechten die burgers beschermen tegen de overheid worden __________ genoemd.

grondrechten

4
New cards

Iemand die gehoorzaam moet zijn aan een heerser en weinig tot geen politieke rechten heeft, is een __________.

onderdaan

5
New cards

Een land waarin één koning alle macht heeft en niet beperkt wordt door wetten of een parlement is een __________.

absolute monarchie

6
New cards

Een regeringsvorm waarbij een kleine groep machtige mensen de macht heeft op basis van afkomst of rijkdom heet een __________.

aristocratie

7
New cards

Rechten die bepalen wat de overheid NIET mag doen, zoals de vrijheid van meningsuiting, zijn __________.

vrijheidsrechten

8
New cards

Vóór de Franse Revolutie van 1789 was de samenleving verdeeld in drie standen: de geestelijkheid, de adel en de __________.

burgers en boeren

9
New cards

Een belangrijke cultureel-mentale oorzaak van de Franse Revolutie waren de ideeën van de __________, zoals vrijheid en gelijkheid.

Verlichting

10
New cards

In 1793 werd koning __________ onthoofd, waarna Frankrijk een republiek werd.

Lodewijk XVI

11
New cards

De periode waarin Robespierre de macht behield door middel van geweld en executies wordt de __________ genoemd.

Terreur

12
New cards

Nederland hoorde in de 16e eeuw bij het rijk van de Spaanse koning __________.

Filips II

13
New cards

In 1566 vernielden protestanten katholieke beelden en kerken tijdens de __________.

Beeldenstorm

14
New cards

In het __________ uit 1581 zetten de zeven noordelijke provincies Filips II officieel af als koning.

Plakkaat van Verlatinghe

15
New cards

De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ontstond officieel in het jaar __________.

1588

16
New cards

In de Republiek was er geen volledige godsdienstvrijheid, maar wel __________, wat inhield dat je mocht geloven wat je wilde zolang het niet openlijk was.

gewetensvrijheid

17
New cards

De belangrijkste militaire leider van de Republiek, vaak iemand uit het Huis van Oranje, was de __________.

stadhouder

18
New cards

De belangrijkste bestuurder van het gewest Holland, zoals Johan van Oldenbarnevelt, was de __________.

raadspensionaris

19
New cards

De Tachtigjarige Oorlog eindigde in 1648 met de __________.

Vrede van Münster

20
New cards

Het anonieme pamflet 'Aan het Volk van Nederland' uit 1781 is geschreven door __________.

Johan Derk van der Capellen tot den Pol

21
New cards

Burgers die in de 18e eeuw meer democratie wilden en in opstand kwamen tegen de stadhouder werden de __________ genoemd.

Patriotten

22
New cards

In 1795 vielen Franse troepen Nederland binnen, wat leidde tot de __________.

Bataafse Revolutie

23
New cards

Napoleon maakte zijn broer __________ in 1806 koning van Nederland.

Lodewijk Napoleon

24
New cards

Willem I werd in 1815 koning van het __________ der Nederlanden, dat bestond uit Nederland, België en Luxemburg.

Verenigd Koninkrijk

25
New cards

In 1848 gaf koning Willem II opdracht aan __________ om een nieuwe democratische grondwet te schrijven.

Johan Rudolph Thorbecke

26
New cards

Het stemrecht dat afhankelijk is van hoeveel belasting men betaalt, noemt men __________.

censuskiesrecht

27
New cards

Door de __________ werd de koning onschendbaar en werden ministers verantwoordelijk voor het bestuur tegenover het parlement.

ministeriële verantwoordelijkheid

28
New cards

De Tweede Kamer kan ministers wegsturen via een __________, wat betekent dat het parlement geen vertrouwen meer heeft.

motie van wantrouwen

29
New cards

De leer van de scheiding der machten (wetgevend, uitvoerend, rechterlijk) heet de __________.

Trias Politica

30
New cards

Een verandering van een wetsvoorstel door de Tweede Kamer wordt een __________ genoemd.

amendement

31
New cards

Politiek die gebaseerd is op een geloofsovertuiging wordt __________ genoemd.

confessioneel