VRO - PRA 1 + Leerpad: Observatie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/32

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:11 AM on 10/11/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

33 Terms

1
New cards

Alledaags observeren

Voortdurend waarnemen (= het opnemen van prikkels met onze zintuigen), daarna perceptie (= zintuiglijke prikkel verwerken en interpreteren)

2
New cards

Professioneel observeren

Observeren met een bewust, doelgericht en systematisch verloop. Dit verloop staat centraal bij het registeren van gedragingen, gebeurtenissen en interacties

3
New cards

Bewust observeren

Je bent je bewust van het observeren, je neemt bewust informatie op. Staat stil bij verkregen informatie via je zintuigen. Bewustzijn van mogelijke vertekeningen.

4
New cards

Doelgericht observeren

Er is een duidelijk omschreven doel, alsook hoe het doel te bereiken.

5
New cards

Systematisch observeren

Op voorhand is de wijze waarop de informatie zal verzameld worden duidelijk en vastgelegd

6
New cards

Signaalfunctie van observeren

Een bepaalde verstoring, ongelijkheid, afwijking van de ‘norm’, etc vastleggen. Feiten objectief vastleggen, de aandacht vestigen op.

7
New cards

Evaluatiefunctie van observeren

Aan de hand van professionele observatie is het mogelijk te evalueren, na te gaan of iets heeft gewerkt en/of er bijsturing nodig is in de toekomst.

8
New cards

Analysefunctie van observeren

Men zoekt als PC naar correlaties, causaliteit, etc. Men probeert het gedrag van de cliënt te ontleden. Aan de hand van professionele observatie kan men gerichter/op maat werken met de cliënt.

9
New cards

Spiegelfunctie

Letterlijk de cliënt een ‘spiegel’ voorhouden, de cliënt meer inzicht geven in zijn eigen handelen. De observatie kan confonterend zijn voor de cliënt.

10
New cards

Participerende observatie

Als observator zelf deelnemen aan het gebeuren. Zelf betrokken zijn binnen de context van de situatie, gebeurtenis, interacties, etc die je observeert.

11
New cards

Verhulde rol binnen participerende observatie

Cliënten weten niet wat men doelgericht aan het observeren is

12
New cards

Niet-verhulde rol bij participerende observatie

Cliënten weten op dat moment dat men doelgericht aan het participeren is

13
New cards

Insiderperspectief

Van binnenuit toegang tot het gebeuren

14
New cards

Controle-effect

Aanwezigheid van participerende observator kan het natuurlijke verloop verstoren.

15
New cards

Biased viewpoint-effect

Als participerende observator geen volledig beeld krijgen, enkel toegang tot datgene waar je zelf aan deelneemt

16
New cards

Participatieve diagnostiek

Het continu observeren en direct oordelen en handelen dat daarop vervolgens volgt. Vb één-op-één gesprek met cliënt of een testafname

17
New cards

Niet-participerende observatie

Hierbij is geen deelname aan het gebeuren. De observator neemt niet fysiek deel

18
New cards

Outsider-perspectief

Als niet-participerende observator observeer je als buitenstaander. Je mist een deel van de informatie in het gebeuren zelf.

19
New cards

Het observator-effect / Hawthorne effect

Het natuurlijke verloop wordt onbedoeld veranderd. Aanwezigheid van een observator kan ook onbewust of bewust leiden tot andere gedragingen

20
New cards

Ongestructureerde / vrije observatie

Waarnemingen de vrije loop laten. Verkennend observeren. Factoren in het proces, zoals duur, einddoel, etc kunnen wijzigen. De inhoud van de observatie staat niet op voorhand vast.

21
New cards

Gestructureerde / gesloten observatie

Wat, wanneer en hoe is duidelijk vastgelegd. Laat toe om concreet gedrag te beschrijven, verbanden te leggen alsook verwachtingen te toetsen

22
New cards

Verbaal gedrag

Het overbrengen van geluiden en woorden. Het gaat niet alleen over wat iemand zegt maar vooral ook de betekenis. Men wil als het ware een boodschap, inhoud overbrengen.

23
New cards

Non-verbaal gedrag

Gaat over subtiele gelaatsexpressies, houdingen, expliciete handelingen, afstand tussen personen onderling, lichamelijk contact, etc

24
New cards

Paraverbaal gedrag

Intonatie, pauzes inlassen, spreektempo, etc

25
New cards

Overdeterminatie

Eenzelfde gedrag kan meerdere innerlijke toestanden weerspiegelen

26
New cards

Inductieve manier van observeren

Men vertrekt vanuit het concreet waarneembare gedrag: de operationalisering voor een eigenschap dat men wou onderzoeken

27
New cards

Deductieve manier van observeren

Men vertrekt vanuit op voorhand bepaalde eigenschappen en op welke manier deze afgeleid worden uit het gedrag

28
New cards

Micro-observaties

Observaties die gericht zijn op heel specifieke en concrete gedragingen. Bijvoorbeeld turven hoeveel iemand knippert met de ogen

29
New cards

Macro-observaties

Hier ligt de focus op meerdere psychologische eigenschappen tijdens het observeren

30
New cards

Interbeoordelaardbetrouwbaarheid van een observatie

Gaat over de mate waarin er overeenstemming is van observaties tussen meerder beoordelaars, verschillende observators

31
New cards

Intrabeoordelaarsbetrouwbaarheid bij observaties

Gaat over de mate waarin er overeenstemming is van observaties bij dezelfde observator. Hoe standvastig je als PC observeert.

32
New cards

Betrouwbaarheid van een observatie

Geeft aan hoe standvastig de observatie is, de herhaalbaarheid

33
New cards

Validiteit van een observatie

Gaat over de geldigheid van de observaties