1/32
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Alledaags observeren
Voortdurend waarnemen (= het opnemen van prikkels met onze zintuigen), daarna perceptie (= zintuiglijke prikkel verwerken en interpreteren)
Professioneel observeren
Observeren met een bewust, doelgericht en systematisch verloop. Dit verloop staat centraal bij het registeren van gedragingen, gebeurtenissen en interacties
Bewust observeren
Je bent je bewust van het observeren, je neemt bewust informatie op. Staat stil bij verkregen informatie via je zintuigen. Bewustzijn van mogelijke vertekeningen.
Doelgericht observeren
Er is een duidelijk omschreven doel, alsook hoe het doel te bereiken.
Systematisch observeren
Op voorhand is de wijze waarop de informatie zal verzameld worden duidelijk en vastgelegd
Signaalfunctie van observeren
Een bepaalde verstoring, ongelijkheid, afwijking van de ‘norm’, etc vastleggen. Feiten objectief vastleggen, de aandacht vestigen op.
Evaluatiefunctie van observeren
Aan de hand van professionele observatie is het mogelijk te evalueren, na te gaan of iets heeft gewerkt en/of er bijsturing nodig is in de toekomst.
Analysefunctie van observeren
Men zoekt als PC naar correlaties, causaliteit, etc. Men probeert het gedrag van de cliënt te ontleden. Aan de hand van professionele observatie kan men gerichter/op maat werken met de cliënt.
Spiegelfunctie
Letterlijk de cliënt een ‘spiegel’ voorhouden, de cliënt meer inzicht geven in zijn eigen handelen. De observatie kan confonterend zijn voor de cliënt.
Participerende observatie
Als observator zelf deelnemen aan het gebeuren. Zelf betrokken zijn binnen de context van de situatie, gebeurtenis, interacties, etc die je observeert.
Verhulde rol binnen participerende observatie
Cliënten weten niet wat men doelgericht aan het observeren is
Niet-verhulde rol bij participerende observatie
Cliënten weten op dat moment dat men doelgericht aan het participeren is
Insiderperspectief
Van binnenuit toegang tot het gebeuren
Controle-effect
Aanwezigheid van participerende observator kan het natuurlijke verloop verstoren.
Biased viewpoint-effect
Als participerende observator geen volledig beeld krijgen, enkel toegang tot datgene waar je zelf aan deelneemt
Participatieve diagnostiek
Het continu observeren en direct oordelen en handelen dat daarop vervolgens volgt. Vb één-op-één gesprek met cliënt of een testafname
Niet-participerende observatie
Hierbij is geen deelname aan het gebeuren. De observator neemt niet fysiek deel
Outsider-perspectief
Als niet-participerende observator observeer je als buitenstaander. Je mist een deel van de informatie in het gebeuren zelf.
Het observator-effect / Hawthorne effect
Het natuurlijke verloop wordt onbedoeld veranderd. Aanwezigheid van een observator kan ook onbewust of bewust leiden tot andere gedragingen
Ongestructureerde / vrije observatie
Waarnemingen de vrije loop laten. Verkennend observeren. Factoren in het proces, zoals duur, einddoel, etc kunnen wijzigen. De inhoud van de observatie staat niet op voorhand vast.
Gestructureerde / gesloten observatie
Wat, wanneer en hoe is duidelijk vastgelegd. Laat toe om concreet gedrag te beschrijven, verbanden te leggen alsook verwachtingen te toetsen
Verbaal gedrag
Het overbrengen van geluiden en woorden. Het gaat niet alleen over wat iemand zegt maar vooral ook de betekenis. Men wil als het ware een boodschap, inhoud overbrengen.
Non-verbaal gedrag
Gaat over subtiele gelaatsexpressies, houdingen, expliciete handelingen, afstand tussen personen onderling, lichamelijk contact, etc
Paraverbaal gedrag
Intonatie, pauzes inlassen, spreektempo, etc
Overdeterminatie
Eenzelfde gedrag kan meerdere innerlijke toestanden weerspiegelen
Inductieve manier van observeren
Men vertrekt vanuit het concreet waarneembare gedrag: de operationalisering voor een eigenschap dat men wou onderzoeken
Deductieve manier van observeren
Men vertrekt vanuit op voorhand bepaalde eigenschappen en op welke manier deze afgeleid worden uit het gedrag
Micro-observaties
Observaties die gericht zijn op heel specifieke en concrete gedragingen. Bijvoorbeeld turven hoeveel iemand knippert met de ogen
Macro-observaties
Hier ligt de focus op meerdere psychologische eigenschappen tijdens het observeren
Interbeoordelaardbetrouwbaarheid van een observatie
Gaat over de mate waarin er overeenstemming is van observaties tussen meerder beoordelaars, verschillende observators
Intrabeoordelaarsbetrouwbaarheid bij observaties
Gaat over de mate waarin er overeenstemming is van observaties bij dezelfde observator. Hoe standvastig je als PC observeert.
Betrouwbaarheid van een observatie
Geeft aan hoe standvastig de observatie is, de herhaalbaarheid
Validiteit van een observatie
Gaat over de geldigheid van de observaties