Migratie en de Multiculturele Samenleving - Les 5: Racisme

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
full-widthPodcast
1
Card Sorting

1/27

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de sociologische concepten, definities en theorieën rondom racisme en discriminatie uit Les 5 van de cursus Migratie en de Multiculturele Samenleving.

Last updated 7:07 AM on 6/13/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

28 Terms

1
New cards

Stereotypen

Een overgegeneraliseerd idee of cognitief schema over een bepaalde groep mensen.

2
New cards

Vooroordelen

De affectieve component van de houding tegenover een groep, bestaande uit gevoelens en emoties.

3
New cards

Discriminatie

Een ongelijke behandeling met nadelige gevolgen voor een persoon of groep omwille van hun groepslidmaatschap.

4
New cards

Directe discriminatie

Wanneer iemand ongunstiger wordt behandeld dan een ander in een vergelijkbare situatie op grond van een of meer beschermde kenmerken.

5
New cards

Indirecte discriminatie

Wanneer een ogenschijnlijk neutrale bepaling, maatstaf of handelswijze personen met een beschermd kenmerk bijzonder kan benadelen in vergelijking met anderen.

6
New cards

Intimidatie

Ongewenst gedrag verbonden aan een beschermd kenmerk dat de waardigheid van een persoon aantast en een bedreigende, vijandige of kwetsende omgeving creëert.

7
New cards

Etnisch-raciale discriminatie

Discriminatie gebaseerd op een reële of gepercipieerde etnisch-raciale achtergrond, vaak gerelateerd aan criteria zoals religie, sociale klasse of verblijfsstatus.

8
New cards

Micro-agressies

Dagelijkse, subtiele en vaak indirecte beledigingen of uitsluitingen die leden van gemarginaliseerde groepen moeten ondergaan.

9
New cards

Mundane Extreme Environmental Stress (M.E.E.S.)

De psychologische stress die voortvloeit uit het dagelijks ervaren van micro-agressies, wat energieverslindend is en het wereldbeeld beïnvloedt.

10
New cards

Sociale identificatie

Het proces binnen de Sociale Identiteitstheorie waarbij men het groepslidmaatschap internaliseert en er emotionele betekenis aan verbindt.

11
New cards

Sociale categorisering

Het proces waarbij individuen worden ingedeeld in groepen om de sociale wereld te ordenen, waarbij verschillen binnen de groep worden geminimaliseerd.

12
New cards

Sociale vergelijking

Het proces waarbij de eigen groep met andere groepen wordt vergeleken om een positief zelfbeeld en status te verkrijgen of te behouden.

13
New cards

Taste-based discrimination

Een economische theorie waarbij discriminatie voortvloeit uit affectieve vooroordelen; dit wordt beschouwd als economisch irrationeel.

14
New cards

Statistical discrimination

Discriminatie waarbij men bij gebrek aan individuele informatie terugvalt op statistische groepskenmerken; dit wordt beschouwd als economisch rationeel.

15
New cards

Everyday Racism (Alledaags racisme)

Een theorie van Philomena Essed die stelt dat racisme een accumulatie is van kleine praktijken op dagelijkse basis die de micro- en macro-niveaus verbinden.

16
New cards

Racialized Social System

Een maatschappelijke structuur waarin economische, politieke, sociale en psychologische voordelen systematisch worden toegekend langs raciale lijnen.

Uitkomsten van ongelijkheid zijn daarbij:

  • Meer ongekwalificeerde uitstroom

  • Meer laagbetaalde en precaire jobs

  • Ruimtelijke segregatie

  • Slechtere gezondheidsuitkomsten

  • Ondervertegenwoordiging in topposities

17
New cards

Racialisatie

Het sociale proces waarbij raciale betekenis wordt toegekend aan een voorheen raciaal niet-geclassificeerde relatie, sociale praktijk of groep.

18
New cards

Raciale ideologie

Een set van ideeën die mensen opdeelt in groepen en dient om de raciale hiërarchie en witte suprematie te behouden en te rechtvaardigen.

19
New cards

Nieuw racisme (Kleurenblinde ideologie)

Een subtiele vorm van racisme die gebruikmaakt van een discours om raciale ongelijkheid te normaliseren zonder expliciet racistisch te lijken.

De vier frames daarbij zijn:

  1. Abstract liberalisme

  2. Naturalisering

  3. Cultureel racisme

  4. Minimaliseren van racisme

20
New cards

Abstract liberalisme

Een frame van nieuw racisme waarbij liberale principes zoals meritocratie en individuele vrijheid abstract worden gebruikt om structurele ongelijkheid te negeren.

21
New cards

Naturalisering

Een frame binnen de kleurenblinde ideologie waarbij raciale ongelijkheden worden afgedaan als natuurlijk, spontaan of onvermijdelijk.

22
New cards

Cultureel racisme

Het herformuleren van racisme in termen van cultuur, waarden en normen, waardoor de verantwoordelijkheid voor uitsluiting bij de groep zelf wordt gelegd.

23
New cards

Minimaliseren van racisme

Een frame waarbij racisme wordt erkend als iets uit het verleden of als een randfenomeen, waardoor structureel beleid overbodig lijkt.

24
New cards

Racial contestation

De strijd van raciale groepen om hun positie in het systeem te veranderen op sociaal, politiek, economisch of ideologisch vlak.

25
New cards

Intersectionaliteit

Het concept dat verschillende systemen van onderdrukking, zoals het raciale, patriarchale en kapitalistische systeem, met elkaar verweven zijn.

26
New cards

Verboden gedragingen

  1. Directe discriminatie

  2. Indirecte discriminatie

  3. Intimidatie

  4. Opdracht tot discriminatie

27
New cards

Sociale identiteitstheorie

Een psychologische theorie die beschrijft hoe individuen zich identificeren met sociale groepen en hoe dit hun gedrag en zelfbeeld beïnvloedt. Het stelt dat mensen een deel van hun identiteit ontlenen aan hun lidmaatschap van verschillende groepen.

Drie processen:

  1. Sociale categorisering

  2. Sociale identificatie

  3. Sociale vergelijking

28
New cards

Opdracht tot discriminatie

Dit verwijst naar het aansteken of aanzetten van iemand om een ander persoon of groep te discrimineren, vaak door middel van opdrachten, instructies of verwachtingen. Dit kan plaatsvinden binnen organisaties, zoals werkplaatsen of scholen, waar individuen worden aangemoedigd of gedwongen om vooroordelen of ongelijkheden toe te passen in hun gedrag of besluitvorming, wat leidt tot een vergrote kans op ongelijke behandeling op basis van ras, geslacht, of andere beschermde kenmerken.