LOB THEMA 1

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/33

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 2:38 PM on 5/22/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

34 Terms

1
New cards

Definitie pedagogiek :

Alexander 2008: het geven van onderwijs samen met de

ideeën,waarden en bewijzen die onderwijs vorm geven en rechtvaardigen.

2
New cards

Pedagogiek bestaat uit 3 onderdelen:

1. Teaching and learning practices:

2. Theoretical and cultural underpinnings:

3. Evidence and justification:

3
New cards

1. Teaching and learning practices:

manieren van lesgeven en leren.

Bijvoorbeeld -> uitleg geven, samenwerken, directe instructies, opdrachten maken.

4
New cards
  1. Theoretical and cultural underpinnings:

ideeën, overtuigingen en cultuur achter

onderwijs.

Bijvoorbeeld: wat vinden we belangrijk? Moet onderwijs vooral kennis geven of ook

kritisch denken stimuleren?

5
New cards

3. Evidence and justification:

wetenschappelijk bewijs en argumenten voor

onderwijskeuzes.

Bijvoorbeeld : werkt een methode echt? Wat zegt onderzoek?

6
New cards

Belangrijke ontwikkeling :

technische benadering van onderwijs. In NL veel aandacht voor

effectieve meetbare resultaten , evidence based onderwijs.

> Hierdoor wordt onderwijs soms heel technisch bekeken: “ Welke methode zorgt dat leerling X

vaardigheid Y leert?

7
New cards

Waarom wordt onderwijs technischer?>

A.

B.

A. Globalisering:

B. Neoliberalisme in onderwijs

8
New cards

A. Globalisering:

landen rake steeds meer verbonden door handel, mensen, ideen en

tech. Landen vergelijken elkaar onderwijs steeds meer > (PISA scores); internationale

vergelijking met focus op meten en prestatie.

+

Good practices = onderwijs aanpakken die succesvol lijken en daarom worden

overgenomen.

9
New cards

B. Neoliberalisme in onderwijs >

denken vanuit competentie, efficiënte, prestaties.

> kenmerken in onderwijs >

-

marktwerking & competentie: scholen concurreren, ouders kiezen scholen,

scholen vergelijken prestaties.

-

Prestatie meting en verantwoordingsdruk : veel toetsen, inspectie controle,

scholen moeten resultaten laten zien.

10
New cards

Kritiek van Martha Nussbaum 

> onderwijs maakt een ‘stille crisis’ door.

 

  1. Onderwijs wordt ecnomischer> leerling wordt gezien als toekomstige werknemers, homo economicus=  mensbeeld waarbij mensen vooral economisch nuttig moeten zijn. 

  2. Focus op meetbare resultaten> bijv cijfers, toetsen.

  3. Belangrijke vaardigheden verdwijnen> volgens Nussbaum krijgt onderwijs te weinig aandacht voor: kritisch denken, verbeelding, empathie

Dus empathisch begrip= je kunnen inleven in anderen. 

  1. Gevaar voor democratie: Als mensen niet kritisch leren denken: wordt democratie zwakker, volgen mensen makkelijker autoriteit> neemt polarisatie toe.

  2. Pleidooi voor geesteswetenschappen >  bijvoorbeeld: filo, Gs, kunst, literatuur. Wrm? > deze vakken dragen bij aan kritisch denken, burgerschap en autonomie.

11
New cards

Kritiek van Phillipe Meirieu

Benadrukt het belang van weerstand in onderwijs.

-

Interne weerstand= leren kost moeite > doorzetten, frustratie , moeilijke taken maken

-

Externe weerstand= kritisch kijken naar samenleving -> niet alles zomaar geloven.

! Weerstand is belangrijk -> het helpt bij autonomie, identiteitsontwikkeling en zelfstandig

denken.

12
New cards

Gert Biesta 3 functies van onderwijs

1. .2. 3.

1. Kwalificatie :

2. Socialisatie:

3. Subjectificatie:

13
New cards

1. Kwalificatie :

leerlingen kennis en vaardigheden geven voor: vervolgopleiding, beroep,

functioneren in samenleving.

Voorbeeld : rekenen, taal, diploma’s, beroepsvaardigheden

Kenmerken: toetsen, meten prestaties, normen

14
New cards

2. Socialisatie:

Leerlingen introduceren in : normen, waarden, tradities

Voorbeeld : samenwerken , omgangsvormen , culturele regels

-

Cultureel kapitaal= kennis, taal, normen die in samenleving gewaard worden.

-

Mensen uit hogere sociale groepen, beschikken hier vaak meer over gevolg> leelringen

zonder, hebben minder aansluiting, sneller buitengesloten, minder kansen.

15
New cards

3. Subjectificatie:

ontwikkeling van leerling tot autonoom, verantwoordelijk, kritisch

individu.

-

autonomie= zelfstandig kunnen denken en handelen. Een mens moet zich kunnen

verhouden tot de wereld: niet alleen gehoorzamen, niet volledig bepaald worden door

bestaande structuren.

16
New cards

Verlichting

= stroming die nadruk legt op; rede , kritisch denken , loskomen van tradities.

17
New cards

Kant=

mensen moeten zelf nadenkens, zelfstandig oordelen

18
New cards

Hannah Arendt:

met elk mens komt iets nieuws in de wereld. Dus ieder individu kan iets unieks

toevoegen; onderwijs moet ruimte geven aan vernieuwing.

19
New cards

Vrijheid van onderwijs - Artikel 23 Grondwet

3 vrijheden

1. Vrijheid om school te stichten bijv islamitisch, montesori

2. Vrijheid om school te kiezen ; ouders mogen zelf de school kiezen

3. Vrijheid van lesgeven ; scholen bepalen zelf, hoe ze les geven, welke pedagogische

aanpak.

20
New cards

Lumpus regeling

scholen krijgen geld op basis van aantal leerlingen

-

scholen mogen grotendeels zelf bepalen hoe geld wordt uitgegeven, hoe onderwijs

wordt ingericht.

-

Meer autonomie voor scholen.

21
New cards

Outputsturing:

sturing op basis van resultaten, bijvoorbeeld: centraal examens.

22
New cards

Nederland scoort slechter op leesvaardigheid

23
New cards

Financiële geletterdheid =

verstandig omgaan met geld

24
New cards

Kans gelijkheid =

gelijke kansen voor leerlingen

25
New cards

Segregatie =

scheiding tussen groepen

26
New cards

Onderwijsbeleid en organsiaties

Ministerie van onderwijs ; maakt beleid

Inspectie ; controleert of scholen regels volgen

Onderwijsraad; geeft advies

SLO; ontwikkelt leerdoelen/ curriculum

CITO; ontwikkelt toetsen en meetinstrumenten

27
New cards

volgorde , Onderwijsbeleid en organsiaties

Ministerie van onderwijs > scholen > inspectie

28
New cards

Directe sturing :

Via wetten en regels ( referentieniveaus, rekenen/taal)

29
New cards

Indirecte sturing:

via netwerken, subsidies en normen.

30
New cards

Kenmerken Nederlandse systeem

1. Vroege selectie > leerlingen worden vroeg verdeeld in niveaus

2. 7 tracks > praktijk vmbo havo vwo

3. Mbo en hbo > nadruk op beroepsonderwijs

4. Stapelen > via verschillende niveaus omhoog kunnen stromen.

31
New cards

Volgens Nussbaum: wat onderwijs moet opleveren

-

Kritisch nadenken over politiek

-

Argumenteer zonder blind gezag te volgen

-

Anderen zien als gelijke burgers

-

Leiders kritisch beoordelen

-

Nadenken over algemeen belang

32
New cards

1. Artikel 1 Van Mameren , school of the others

-

Leerplicht vanaf 1e maand 5e verjaardag

-

Er rust weinig stigma( negatief sociaal oordeel) op doubleren

-

Vrijheid van onderwijs , sinds schoolstrijd (1917) : bijzondere scholen kregen

dezelfde financiering als openbare scholen

Pedagogsiche stromingen

-

Montessori > help me do it myself > zelfstandig, vrijheid binnen grenzen

-

Dalton > samenwerking vrijheid, effectiviteit, zelfstandig, reflectie

-

Waldorf > natuur, creativiteit, kunst

-

Jenaplan > gemeenschap, samenwerken, verschillende leeftijden samen.

-

Inclusief onderwijs (2014) passend onderwijs bieden aan ieder kind

-

PISA problemen: NL scoort goed op wiskunde en science, leesvaardigheid daalt.

33
New cards

2. Artikel 2 Tias, zicht op sturings dynamiek

knowt flashcard image
34
New cards

3. Artikel 3 Biesta , de school als toegang tot de wereld

-

Goed onderwijs gaat niet alleen over prestaties maar over hoe onderwijs leerlingen helpt

‘ in de wereld te komen’

.

-

Kwalificatie , socialisatie subjectivering

-

Onderwijs wordt te technisch bekeken.

-

Biesta spreekt Kant , Verlichting en Autonomie

-

Probleem van autonomie- ideaal: mensen leven altijd met anderen, binnen relaties,

binnen samenwerking-

Hannah Arendt . Nationaliteit> met iedere mens komt iets nieuws in de wereld.

Onderwijs moet ruimte geven aan: nieuwheid, initiatief, eigen handelen.

-

Pluraliteit > men verschilt van elkaar. Onderwijs moet leerlingen leren om te gaan met

verschillen, samenleven

-

Uniciteit : ieder mens is uniek, onderwijs moet ruimte geven aan individualiteit, eigen

stem.