1/33
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Definitie pedagogiek :
Alexander 2008: het geven van onderwijs samen met de
ideeën,waarden en bewijzen die onderwijs vorm geven en rechtvaardigen.
Pedagogiek bestaat uit 3 onderdelen:
1. Teaching and learning practices:
2. Theoretical and cultural underpinnings:
3. Evidence and justification:
1. Teaching and learning practices:
manieren van lesgeven en leren.
Bijvoorbeeld -> uitleg geven, samenwerken, directe instructies, opdrachten maken.
Theoretical and cultural underpinnings:
ideeën, overtuigingen en cultuur achter
onderwijs.
Bijvoorbeeld: wat vinden we belangrijk? Moet onderwijs vooral kennis geven of ook
kritisch denken stimuleren?
3. Evidence and justification:
wetenschappelijk bewijs en argumenten voor
onderwijskeuzes.
Bijvoorbeeld : werkt een methode echt? Wat zegt onderzoek?
Belangrijke ontwikkeling :
technische benadering van onderwijs. In NL veel aandacht voor
effectieve meetbare resultaten , evidence based onderwijs.
> Hierdoor wordt onderwijs soms heel technisch bekeken: “ Welke methode zorgt dat leerling X
vaardigheid Y leert?
Waarom wordt onderwijs technischer?>
A.
B.
A. Globalisering:
B. Neoliberalisme in onderwijs
A. Globalisering:
landen rake steeds meer verbonden door handel, mensen, ideen en
tech. Landen vergelijken elkaar onderwijs steeds meer > (PISA scores); internationale
vergelijking met focus op meten en prestatie.
+
Good practices = onderwijs aanpakken die succesvol lijken en daarom worden
overgenomen.
B. Neoliberalisme in onderwijs >
denken vanuit competentie, efficiënte, prestaties.
> kenmerken in onderwijs >
-
marktwerking & competentie: scholen concurreren, ouders kiezen scholen,
scholen vergelijken prestaties.
-
Prestatie meting en verantwoordingsdruk : veel toetsen, inspectie controle,
scholen moeten resultaten laten zien.
Kritiek van Martha Nussbaum
> onderwijs maakt een ‘stille crisis’ door.
Onderwijs wordt ecnomischer> leerling wordt gezien als toekomstige werknemers, homo economicus= mensbeeld waarbij mensen vooral economisch nuttig moeten zijn.
Focus op meetbare resultaten> bijv cijfers, toetsen.
Belangrijke vaardigheden verdwijnen> volgens Nussbaum krijgt onderwijs te weinig aandacht voor: kritisch denken, verbeelding, empathie
Dus empathisch begrip= je kunnen inleven in anderen.
Gevaar voor democratie: Als mensen niet kritisch leren denken: wordt democratie zwakker, volgen mensen makkelijker autoriteit> neemt polarisatie toe.
Pleidooi voor geesteswetenschappen > bijvoorbeeld: filo, Gs, kunst, literatuur. Wrm? > deze vakken dragen bij aan kritisch denken, burgerschap en autonomie.
Kritiek van Phillipe Meirieu
Benadrukt het belang van weerstand in onderwijs.
-
Interne weerstand= leren kost moeite > doorzetten, frustratie , moeilijke taken maken
-
Externe weerstand= kritisch kijken naar samenleving -> niet alles zomaar geloven.
! Weerstand is belangrijk -> het helpt bij autonomie, identiteitsontwikkeling en zelfstandig
denken.
Gert Biesta 3 functies van onderwijs
1. .2. 3.
1. Kwalificatie :
2. Socialisatie:
3. Subjectificatie:
1. Kwalificatie :
leerlingen kennis en vaardigheden geven voor: vervolgopleiding, beroep,
functioneren in samenleving.
Voorbeeld : rekenen, taal, diploma’s, beroepsvaardigheden
Kenmerken: toetsen, meten prestaties, normen
2. Socialisatie:
Leerlingen introduceren in : normen, waarden, tradities
Voorbeeld : samenwerken , omgangsvormen , culturele regels
-
Cultureel kapitaal= kennis, taal, normen die in samenleving gewaard worden.
-
Mensen uit hogere sociale groepen, beschikken hier vaak meer over gevolg> leelringen
zonder, hebben minder aansluiting, sneller buitengesloten, minder kansen.
3. Subjectificatie:
ontwikkeling van leerling tot autonoom, verantwoordelijk, kritisch
individu.
-
autonomie= zelfstandig kunnen denken en handelen. Een mens moet zich kunnen
verhouden tot de wereld: niet alleen gehoorzamen, niet volledig bepaald worden door
bestaande structuren.
Verlichting
= stroming die nadruk legt op; rede , kritisch denken , loskomen van tradities.
Kant=
mensen moeten zelf nadenkens, zelfstandig oordelen
Hannah Arendt:
met elk mens komt iets nieuws in de wereld. Dus ieder individu kan iets unieks
toevoegen; onderwijs moet ruimte geven aan vernieuwing.
Vrijheid van onderwijs - Artikel 23 Grondwet
3 vrijheden
1. Vrijheid om school te stichten bijv islamitisch, montesori
2. Vrijheid om school te kiezen ; ouders mogen zelf de school kiezen
3. Vrijheid van lesgeven ; scholen bepalen zelf, hoe ze les geven, welke pedagogische
aanpak.
Lumpus regeling
scholen krijgen geld op basis van aantal leerlingen
-
scholen mogen grotendeels zelf bepalen hoe geld wordt uitgegeven, hoe onderwijs
wordt ingericht.
-
Meer autonomie voor scholen.
Outputsturing:
sturing op basis van resultaten, bijvoorbeeld: centraal examens.
Nederland scoort slechter op leesvaardigheid
Financiële geletterdheid =
verstandig omgaan met geld
Kans gelijkheid =
gelijke kansen voor leerlingen
Segregatie =
scheiding tussen groepen
Onderwijsbeleid en organsiaties
Ministerie van onderwijs ; maakt beleid
Inspectie ; controleert of scholen regels volgen
Onderwijsraad; geeft advies
SLO; ontwikkelt leerdoelen/ curriculum
CITO; ontwikkelt toetsen en meetinstrumenten
volgorde , Onderwijsbeleid en organsiaties
Ministerie van onderwijs > scholen > inspectie
Directe sturing :
Via wetten en regels ( referentieniveaus, rekenen/taal)
Indirecte sturing:
via netwerken, subsidies en normen.
Kenmerken Nederlandse systeem
1. Vroege selectie > leerlingen worden vroeg verdeeld in niveaus
2. 7 tracks > praktijk vmbo havo vwo
3. Mbo en hbo > nadruk op beroepsonderwijs
4. Stapelen > via verschillende niveaus omhoog kunnen stromen.
Volgens Nussbaum: wat onderwijs moet opleveren
-
Kritisch nadenken over politiek
-
Argumenteer zonder blind gezag te volgen
-
Anderen zien als gelijke burgers
-
Leiders kritisch beoordelen
-
Nadenken over algemeen belang
1. Artikel 1 Van Mameren , school of the others
-
Leerplicht vanaf 1e maand 5e verjaardag
-
Er rust weinig stigma( negatief sociaal oordeel) op doubleren
-
Vrijheid van onderwijs , sinds schoolstrijd (1917) : bijzondere scholen kregen
dezelfde financiering als openbare scholen
Pedagogsiche stromingen
-
Montessori > help me do it myself > zelfstandig, vrijheid binnen grenzen
-
Dalton > samenwerking vrijheid, effectiviteit, zelfstandig, reflectie
-
Waldorf > natuur, creativiteit, kunst
-
Jenaplan > gemeenschap, samenwerken, verschillende leeftijden samen.
-
Inclusief onderwijs (2014) passend onderwijs bieden aan ieder kind
-
PISA problemen: NL scoort goed op wiskunde en science, leesvaardigheid daalt.
2. Artikel 2 Tias, zicht op sturings dynamiek

3. Artikel 3 Biesta , de school als toegang tot de wereld
-
Goed onderwijs gaat niet alleen over prestaties maar over hoe onderwijs leerlingen helpt
‘ in de wereld te komen’
.
-
Kwalificatie , socialisatie subjectivering
-
Onderwijs wordt te technisch bekeken.
-
Biesta spreekt Kant , Verlichting en Autonomie
-
Probleem van autonomie- ideaal: mensen leven altijd met anderen, binnen relaties,
binnen samenwerking-
Hannah Arendt . Nationaliteit> met iedere mens komt iets nieuws in de wereld.
Onderwijs moet ruimte geven aan: nieuwheid, initiatief, eigen handelen.
-
Pluraliteit > men verschilt van elkaar. Onderwijs moet leerlingen leren om te gaan met
verschillen, samenleven
-
Uniciteit : ieder mens is uniek, onderwijs moet ruimte geven aan individualiteit, eigen
stem.