Klinische analyse: alles over bloed

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/69

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 4:57 PM on 6/22/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

70 Terms

1
New cards

Enytrocyten

Rode Bloedcelllen

90% Hemoglobine

± 65% water

± 120 dagen levensduur

<p>Rode Bloedcelllen</p><p>90% Hemoglobine</p><p>± 65% water</p><p>± 120 dagen levensduur </p>
2
New cards

Leukocyten

Witte Bloedcelllen

Geen hemoglobine

3
New cards

Granulocyten

WBC

  • Neutrofielen (±65%)

  • Eosinofielen (±3%)

  • Basofielen (<1%)

4
New cards

Neutrofielen

Te hoog (Neutrofilie): Dit duidt vaak op een actieve bacteriële infectie, zware lichamelijke stress, ontstekingen

<p>Te hoog (Neutrofilie): Dit duidt vaak op een actieve bacteriële infectie, zware lichamelijke stress, ontstekingen</p>
5
New cards

Eosinofielen

Parasitaire infecties en allergische reacties

<p>Parasitaire infecties en allergische reacties</p>
6
New cards

Basofielen

bij allergische aandoeningen

<p>bij allergische aandoeningen </p>
7
New cards

Agranulocyten

WBC

  • Lymfocyten (± 20%)

  • Monocyten (±10%)

8
New cards

Monocyten

Ruimen bacteriën, virussen en dode of beschadigde cellen of weefsel op. (Fagocyteren indringers) Helpen ook bij het activeren van andere afweercellen en het opruimen van ontstekingen.

Worden macrofagen

<p>Ruimen bacteriën, virussen en dode of beschadigde cellen of weefsel op. (<strong>Fagocyteren indringers</strong>) Helpen ook bij het activeren van andere afweercellen en het opruimen van ontstekingen.</p><p>Worden macrofagen</p>
9
New cards

Lymfocyten

  • T-lymfocyten: na stimulatie door andere witte bloedcellen → vernietigen indringers

  • B-lymfocyten: na stimulatie door vreemde indringers → ‘antistoffen’ produceren

  • Plasmacellen: Ovale cellen. Productie antistoffen

<ul><li><p><strong>T-lymfocyten:</strong> na stimulatie door andere witte bloedcellen → vernietigen indringers</p></li><li><p><strong>B-lymfocyten:</strong> na stimulatie door vreemde indringers → ‘antistoffen’ produceren</p></li><li><p><strong>Plasmacellen</strong>: Ovale cellen. Productie antistoffen</p></li></ul><p></p>
10
New cards

Plasma

vloeibare gele fractie die ontstaat wanneer de cellen bezonken zijn

11
New cards

Serum

vloeibare gele fractie nadat het stollingsproces een bloedklonter heeft gevormd (bevat geen stollingsfactoren meer )

12
New cards

Anticoagulantia

  • Citraat : bindt Ca → stollingstesten, transfusie.

  • Fluoride: bindt Ca, remt glycolyse → glucosebepaling

  • Heparine: inhibeert activatie van trombine → pH-bepaling

  • EDTA (ethyleendiaminetetra-acetaat), bindt Ca → morfologisch onderzoek

13
New cards

Hemopoiëse

Alle bloedcellen ontstaan uit één pluripotente hemopoiëtische stamcel door differentiatie en delingen.

Bloed gevormd in rode beenmerg (platte beenderen en epifysen van lange beenderen)

14
New cards

Erythropoiëse

RBC ontstaan uit pro-erythroblast → mitose, verlies kernmateriaal, Hb gevormd + omschakeling basofiel → eosinofiel karakter (paars → rood op kleuring)

Reticulocyt : jonge erythrocyt (reticulum, vitaalkleuring) → door pseudopodia tussen 2 endotheelcellen naar circulatie

15
New cards

Aspecifieke afweer Leukocyten

Fagocytose (granulocyten, monocyten)

16
New cards

Specifieke afweer leukocyten

Productie specifieke antistoffen (Lymfocyten)

17
New cards

Trombocyten

Bloedplaatjes

  • Bloedstelping (hemostase) → hechting subendotheliaal collageen → factoren komen vrij en doen plaatjes sammenklonteren

  • Fibrogeen slaat neer tot fibrine

<p>Bloedplaatjes</p><ul><li><p>Bloedstelping (hemostase) → hechting subendotheliaal collageen → factoren komen vrij en doen plaatjes sammenklonteren </p></li><li><p>Fibrogeen slaat neer tot fibrine </p></li></ul><p></p>
18
New cards
term image
  1. neutrofiele Granulocyt

  2. Trombocyten

  3. Enrytocyten (RBC)

  4. Eosinofiele Granulocyt

  5. Lymfocyte (Agranulocyt)

  6. Gesegmenteerde neutreofiele Granulocyt

  7. Basofiele Granulocyt

  8. Monocyt (Agranulocyt)

19
New cards

Hematocriet

% cellen T.o.v totale bloedbeeld

Bepalen door onstolbaar bloed te centrifugeren

Referentiewaarde:

  • Hond: 42-57%

  • Kat: 33-46%

  • Paard: 36-43%

20
New cards

Hemoglobine

Kleirstof bloed, drager O2

Gemeten door hemolyse (RBC spectrofotometrish openbarsten)

Referentiewaarde (mmol/L):

  • Hond: 8,8 - 11,7

  • Kat: 5,0 - 8,1

  • Paard: 7,5 - 8,7

21
New cards

MCV (Mean corpuslar Volume)

Gemiddelde volume RBC

Fl = Femtoliter

(HCT% / RBC (10^6/microliter)) x 10

22
New cards

Normocytair

Normale waarde MCV

Normale grootte RBC

23
New cards

Microcytair

Lage waarde MCV

Kleine RBC

24
New cards

Macrocytair

Verhoogde waarde MCV

Grootte RBC

25
New cards

MCH (Mean Cellular Hemoglobine)

Gemiddelde hemoglobine concentratie per rode BC

pg = picogram

MCH

(HGB (g/dl) / RBC (10^6/microliter)) x 10

26
New cards

MCHC = Mean Cellular Hemoglobine Concentration

Procentuelle verhouding van hemoglobine tot volledige inhoud RBC

%

(HGB (g/dl) / HCT%) x 100

27
New cards

Normochroom

Normale Hemoglobine inhoud (MCHC)

28
New cards

Hypochroom

Daling MCHC

Minder hemoglobine per RBC

29
New cards

Hyperchroom

Stijging MCHC

Meer Hb per RBC

30
New cards

Anemie

Te laag Hb of HCT

Oorzaak = bloedverlies, hemolyse, onvoldoende erythropoiëse

31
New cards

Incides van Wintrobe

Meetgrootheden van RBreeks

  • MCV

  • MCH

  • MCHC

32
New cards

Regeneratieve anemie

Lichaam compenseerd door aanmaak RBC = verhoogde erythropoiëse

Door bloedverlies of hemolyse

  • anisocytose (verschillende groottes RBC)

  • Polychromasie '(Cellen met basofiele inclusies)

  • Normoblasten (Gekernde voorloper RBC)

33
New cards

Niet-regeneratieve anemie

Onvoldoende erythropoiëse

Ijzergebrek (chronisch bloedverlies, bloedzuigende infecties)

Problemen t.h.v. beenmerg (Door tumoren, vergiftigingen, bestraling, hormonale afwijking,…)

34
New cards

Normocytaire anemie

Acute bloeding of hemolyse

35
New cards

Microcytaire anemie

Ijzertekort

36
New cards

Macrocytaire anemie

Gestegen beenmerg activiteit

Vaak bij regeneratieve anemie

<p>Gestegen beenmerg activiteit </p><p>Vaak bij regeneratieve anemie </p>
37
New cards

Normocytair normochrome anemie

Acute bloedingen

38
New cards

Microcytaire hypochrome anemie

Ijzergebrek

<p>Ijzergebrek </p>
39
New cards

Anisocytose

RBC verschillen van grootte

40
New cards

Fragmentocyten

afwijkingen bloedvaten

<p>afwijkingen bloedvaten </p>
41
New cards

Echinocyten

vertonen uitstulpingen, bij erge uremie (= ureum en andere afvalstoffen stapelen op in bloed, nieren functioneren onvoldoende)

<p>vertonen uitstulpingen, bij erge uremie (= ureum en andere afvalstoffen stapelen op in bloed, nieren functioneren onvoldoende) </p>
42
New cards

Acanthocyten

scherpe uitsteeksels, bij bepaalde tumoren

<p>scherpe uitsteeksels, bij bepaalde tumoren</p>
43
New cards

Target cells

gekleurd in centrum, bij Pb-vergiftiging

<p>gekleurd in centrum, bij Pb-vergiftiging </p>
44
New cards

Microsferocyten

kleine kogelvormige rbc, bij AIHA (Auto-Immune Hemolytic Anemia, eigen RBC aanvallen en vernietigen)

<p>kleine kogelvormige rbc, bij AIHA (Auto-Immune Hemolytic Anemia, eigen RBC aanvallen en vernietigen) </p>
45
New cards

Rouleax / Geldrolvorming

Normaal bij paarden

<p>Normaal bij paarden </p>
46
New cards

Howell-Jollly lichaampjes

Resten van kernen in jonge RBC

<p>Resten van kernen in jonge RBC</p>
47
New cards

Heinz-lichaampjes

Lichtbrekende korrels tgv toxines (paracetamol, uien,…)

<p>Lichtbrekende korrels tgv toxines (paracetamol, uien,…)</p>
48
New cards

Parasieten (in/tussen RBC)

Dirofilaria

<p>Dirofilaria</p>
49
New cards

Parasieten Babesia canis

Overgedragen door teken

symptomen:

  • koorts

  • bloedarmoede

  • roodbruine urine

<p>Overgedragen door teken</p><p>symptomen: </p><ul><li><p>koorts</p></li><li><p>bloedarmoede</p></li><li><p>roodbruine urine</p></li></ul><p></p>
50
New cards

Leukocytose

verhoogd totaal aantal leukocyten (WBC)

51
New cards

Lymfocyten

↑ lymfocyten
Oorzaken:

  • Virale infecties

  • Leukemie

52
New cards

Monocytose

↑ monocyten
Oorzaken:

  • Chronische infecties/ontstekingen

  • Corticosteroïden

  • Leukemie

53
New cards

Eosinofillie

↑ eosinofielen
Oorzaken:

  • Allergische aandoeningen

  • Parasitaire infecties

54
New cards

Neutrofillie

↑ neutrofielen
Oorzaken:

  • Bacteriële infecties

  • Stress

  • Corticosteroïden

  • Inspanning/excitatie

  • Leukemie

55
New cards

Leukopenie

↓ totaal aantal leukocyten

56
New cards

Lymfopenie

↓ lymfocyten
Oorzaken:

  • FIV (kat)

  • Stress

  • Corticosteroïden

  • Beenmergonderdrukking

57
New cards

Monocytopenie

↓ monocyten

  • Heeft meestal weinig diagnostische betekenis

58
New cards

Eosinopenie

↓ eosinofielen
Oorzaken:

  • Stress

  • Corticosteroïden

59
New cards

Neutropenie

↓ neutrofielen
Oorzaken:

  • Beenmergonderdrukking

  • Ernstige bacteriële infecties

  • Chronisch verbruik van neutrofielen (lokaal of systemisch septisch proces)

60
New cards

Linksverschuiving

Toename van onrijpe neutrofielen = staven.

Oorzaak:

  • Acute, ernstige ontsteking

  • Ernstige bacteriële infectie

Waarom?
Het beenmerg moet snel veel neutrofielen produceren en geeft daarom ook onrijpe vormen vrij.

61
New cards

Rechstverschuiving

Toename gesegmenteerde neutrofielen zonder toename staven.

Oorzaken:

  • Corticosteroïden

  • Chronische stress

  • Vertraagde afvoer van neutrofielen uit de circulatie

62
New cards

Homeostase

Stollingsfactor in contact met vreemd oppervlak → geactiveerde stoffen → fibrogeen → fibrine → fibrinedraden = netwerk dat bloedplaatjesprop zal verstevigen

63
New cards

Hemofilie

Bloedingsneiging

64
New cards

Trombofilie

Stollingsneiging

65
New cards

PT = protombinetijd

Onderzoek extrinstieke route hoe lang get duurt voor het onstaan van een stolsel. Gemeten in seconde.

  • Citraatplasma → weefselfactor (tromboplastine) toevoegen + toevoegen Ca2+

  • Protrombine → trombine → fibrine → fibrinedraden

66
New cards

APTT = geactiveerde partiele tromboplastine tijd

Instintrieke route. Tijd gemeten in seconde.

  • Citraatplasma mengen met activator van FXII (kaoline) + fosfolipidemengsel → toevoegen Ca2+

  • Protrombine → trombine → fibrine → fibrinedraden

67
New cards

Bloedtransfusie

  • Vers bloed = veel onnodige componenten

    • RBC + stollingsfactoren + plasma-eiwitten

  • Enkel RBC = voor verhoging O2-bindende capaciteit

  • Ingevroren plasma = bevat stollingsfactor

    • Bij stollingsproblemen

  • Cyropercipitaat = rijk aan fibrogeen + specifieke stollingsfactoren

    • Bij stollingsproblemen

68
New cards

Bloedgroepen

Antigenen (eiwitten) op membraan RBC → natuurlijke antistoffen tegen andere antigenen in andere bloedgroepen mogelijk

69
New cards

Neonatale iso-erythrolyse (veulen)

Het veulen krijgt via het colostrum antistoffen van de merrie tegen zijn eigen rode bloedcellen.

Ontstaan

  1. Veulen erft bloedgroep van hengst.

  2. Merrie bezit die bloedgroep niet.

  3. Merrie wordt tijdens vorige dracht/geboorte gesensibiliseerd.

  4. Merrie maakt antistoffen.

  5. Veulen drinkt colostrum.

  6. Antistoffen vernietigen RBC's van het veulen.

Symptomen

Veulen wordt gezond geboren maar krijgt na enkele dagen: zwakte, anemie, icterus, tachycardie, soms sterfte

70
New cards

Agglutinatie

antigen aanwezig