1/15
Deze flashcards bevatten belangrijke begrippen met definities gerelateerd aan weer, klimaat en vegetatietypes.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Weer
Toestand van de atmosfeer op een kleine oppervlakte tijdens een korte periode.
Klimaat
Toestand van de atmosfeer op een grote oppervlakte over een lange tijd.
Weerelementen
Belangrijkste kenmerken van het weer: temperatuur, neerslag, wind en luchtdruk.
Luchtdruk
Gewicht van de lucht op de aarde.
Neerslag
Vorm van water die uit de wolken valt en op het aardoppervlak terechtkomt.
Klimatogram
Visuele weergave van het klimaat met temperatuur- en neerslaggegevens over een periode van gemiddeld 30 jaar.
Groeimaand
Maand waarin de bomen kunnen groeien, met een minimum temperatuur van 10 °C.
Stijgingsregen
Neerslag die ontstaat doordat stijgende vochtige lucht afkoelt en condenseert.
Sneeuwgrens
Hoogte waar de sneeuw in de zomer niet afsmelt.
Boomgrens
Hoogte waar de temperatuur in de zomer geen 4 maanden boven de 10°C komt.
Alpenweiden
Natuurlijke vegetatie zonder bomen, in een koud klimaat.
Eeuwige sneeuw
Hoogte waarop de temperatuur in de zomer nooit boven de 0°C komt.
Gemengd woud
Bos met naaldbomen en loofbomen.
Loofbos
Bos met loofbomen (bomen die hun blad verliezen in de winter).
Naaldwoud
Bos met naaldbomen (naaldbomen blijven altijd groen).