1/16
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is een geologisch venster?
Een geologisch venster is een gebied waar door erosie jongere gesteentelagen zijn weggeërodeerd, waardoor oudere gesteenten aan de oppervlakte komen te liggen. In de Boulonnais werd het krijt weggeërodeerd waardoor Jura- en paleozoïsche gesteenten zichtbaar werden.
Wat is differentiële erosie?
Differentiële erosie is erosie waarbij verschillende gesteenten met een verschillende snelheid worden afgebroken. Harde gesteenten zoals zandsteen eroderen trager dan zachte gesteenten zoals klei en mergel.
Wat is een transgressie?
Een transgressie is het binnendringen van de zee op het land door een stijging van de zeespiegel of een daling van het land
Wat is een anticline?
Een anticline is een boogvormige plooi in gesteentelagen waarbij de lagen naar boven zijn geplooid. De Weald-Artois-rug is een voorbeeld van een anticline.
Waarom dagzomen in de Boulonnais Jura- en paleozoïsche gesteenten?
De Boulonnais ligt op de Weald-Artois-rug, een anticline die na de afzetting van het Krijt werd opgeheven door de Alpiene orogenese. Door deze opheffing kwam het gebied hoger te liggen. Het bovenliggende krijt werd vervolgens geërodeerd, waardoor oudere Jura- en paleozoïsche gesteenten bloot kwamen te liggen. Dit noemt men een geologisch venster
Waarom is de Alpiene orogenese verantwoordelijk?
De Alpiene orogenese vond plaats na het Krijt. Daardoor kon zij de Weald-Artois-rug opheffen nadat de Krijtafzettingen al waren gevormd. Door deze opheffing kon erosie het krijt verwijderen en kwamen oudere gesteenten aan de oppervlakte.
Waarom ligt de Bas-Boulonnais lager?
De Bas-Boulonnais bestaat vooral uit klei en mergel uit het Jura. Deze gesteenten zijn erosiegevoeliger dan krijt. Daardoor werden ze sneller uitgesleten, waardoor een lager gelegen gebied ontstond. De Haut-Boulonnais bestaat uit krijt dat minder snel werd weggeërodeerd en daardoor hoger bleef liggen.
Waarom zijn er weinig waterlopen in de Haut-Boulonnais?
Krijt is een zeer waterdoorlatend gesteente. Regenwater infiltreert snel in de ondergrond in plaats van af te stromen aan de oppervlakte. Daardoor ontstaan weinig beken en rivieren.
Waarom verschillen de bewoningspatronen?
In de Haut-Boulonnais zorgt het waterdoorlatende krijt voor een droge bodem. Water is slechts op enkele plaatsen beschikbaar, waardoor bewoning zich groepeert rond die waterpunten.
In de Bas-Boulonnais houden klei en mergel water vast. Water is op veel plaatsen beschikbaar, waardoor huizen meer verspreid kunnen voorkomen.
Een leerling beweert:
"Cap Blanc-Nez is hoger dan Cap Gris-Nez, dus Cap Blanc-Nez moet beter bestand zijn tegen erosie."
Leg uit waarom deze redenering fout is.
De hoogte van een kaap zegt niet noodzakelijk iets over de weerstand tegen erosie. Cap Gris-Nez bevat harde zandsteenbanken die trager eroderen dan krijt. Daardoor steekt Cap Gris-Nez verder in zee uit ondanks zijn lagere hoogte. Dit is een voorbeeld van differentiële erosie.
Wat als de zandsteenbanken verdwenen?
Dan zouden alleen zachtere klei- en mergellagen overblijven. Deze zouden sneller worden geërodeerd door zee en wind. Na verloop van tijd zou Cap Gris-Nez minder ver uitsteken en minder duidelijk als kaap herkenbaar zijn.
Een geoloog ontdekt in een gebied:
veel hagen
kleine percelen
verspreide bewoning
veel beken
Leg uit waarom dit gebied waarschijnlijk op klei- en mergelgesteenten ligt.
Klei en mergel houden water goed vast. Daardoor ontstaan veel beken en natte bodems. De aanwezigheid van voldoende water maakt verspreide bewoning mogelijk. Daarnaast zorgen de vochtige omstandigheden voor meer bomen, hagen en kleinere percelen.
(3 p)
Waarom wisselen zand-, klei- en mergellagen elkaar af?
Tijdens het Jura lag de Boulonnais in een kustgebied. Tijdens warme periodes lag de zeespiegel hoger en drong de zee verder landinwaarts. Het gebied lag dan verder van de kust in dieper water, waardoor klei werd afgezet.
Tijdens koudere periodes lag de zeespiegel lager en lag het gebied dichter bij de kust in ondieper water. Dan werd vooral zand afgezet. Door deze afwisseling van omstandigheden ontstonden afwisselende zand-, klei- en mergellagen.
Hoe werd Engeland gescheiden van Frankrijk?
Ongeveer 450 000 jaar geleden vormde de Weald-Artois-rug nog een landbrug tussen Engeland en Frankrijk. Tijdens een ijstijd sloten ijskappen de Noordzee grotendeels af waardoor een groot meer ontstond. Rivieren zoals de Theems, Rijn, Maas en Schelde bleven water aanvoeren. Het waterniveau steeg steeds verder totdat de druk zo groot werd dat de Weald-Artois-rug doorbrak. Grote hoeveelheden water stroomden naar de Atlantische Oceaan waardoor Engeland uiteindelijk van Frankrijk werd gescheiden.
Leg uit waarom geologen deze gebeurtenis beschouwen als een voorbeeld van een catastrofale landschapsverandering.
engeland en frankrijk
De verandering gebeurde op geologische schaal zeer snel. Een enorme hoeveelheid water brak plots door de Weald-Artois-rug en veranderde het landschap ingrijpend. Hierdoor ontstond de verbinding tussen Noordzee en Atlantische Oceaan en werd Engeland een eiland.
Vraag 17 (10 p)
Een boer wil landbouwgrond kopen.
Perceel A:
dikke leemlaag
krijtondergrond
Perceel B:
dunne leemlaag
krijtondergrond
Welk perceel is waarschijnlijk geschikter voor landbouw?
Leg volledig uit en bespreek:
waterdoorlatendheid,
waterbeschikbaarheid,
invloed van leem,
gevolgen voor gewassen.
Welk perceel is beter voor landbouw?
Perceel A met de dikke leemlaag is geschikter.
Hoewel krijt waterdoorlatend is, kan een dikke leemlaag voldoende water vasthouden voor planten. Daardoor beschikken gewassen langer over water tijdens droge periodes. Bij perceel B is de leemlaag dun, waardoor water sneller wegzakt naar het krijt en de bodem sneller uitdroogt. Daarom biedt perceel A betere omstandigheden voor landbouw.
(10 p)
Vraag 18 (bonus 5 p)
In een klif zie je een bronnenlijn halverwege de helling.
Wat vertelt dit over de opbouw van de gesteentelagen?
Leg uit welke laag bovenaan ligt en welke laag onderaan ligt, en waarom het water precies daar uit de helling komt.
Een bronnenlijn toont dat er bovenaan een doorlatende laag aanwezig is en daaronder een minder doorlatende laag.
Regenwater infiltreert door de bovenste laag totdat het de minder doorlatende laag bereikt. Daar kan het niet verder naar beneden en stroomt het zijwaarts. Op de plaats waar deze laag aan de oppervlakte komt, verschijnt water als een bron.
In Cap Blanc-Nez gaat het meestal om waterdoorlatend krijt boven een krijtlaag met meer klei die minder doorlatend is.