H7: wetenschapsfilosofie in de twintigste eeuw

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/11

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:46 AM on 6/3/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

12 Terms

1
New cards

wetenschapsfilosofie

tak van de wijsbegeerte die zich bezighoudt met de interne dynamiek van meestal empirische wetenschappen

2
New cards

logisch positivisme/ logisch empirisme

Stroming in wetenschapsfilosofie die stelt dat kennis alleen mogelijk is van empirische feiten en dat de taak van de filosofie erin bestaat door middel van logische analyse de relaties tussen feiten te verduidelijken

3
New cards

verificatieprincipe

principe van Wiener Kreis: een uitspraak heeft maar betekenis wanneer ze ofwel empirisch verifieerbaar is, ofwel op basis van logica waar is

4
New cards

context of discovery en context of justification

Hans Reichenbach maakt onderscheid tussen ontdekkingscontext (vaak obv toeval/geluk) en rechtvaardigingscontext (wel obv logica) -> wie wanneer een ontdekking maakte doet er niet toe, slechts de rechtvaardiging is van belang.

5
New cards

kritisch rationalisme

stroming in 20ste-eeuwse wetenschapsfilosofie die stelt dat wetenschappelijke uitspraken nooit definitief bevestigd kunnen worden, maar dat dat wetenschappelijke vooruitgang tot stand komt door reeds geformuleerde theorieën & hypothesen aan pogingen tot falsificatie te onderwerpen (Cf. Popper)

6
New cards

inductie en deductie

methode waarbij algemene kennis wordt afgeleid uit particuliere observaties (inductie) <-> methode waarbij een feit wordt afgeleid uit een andere stelling of feit (vaak uit een algemene regel) (deductie)

7
New cards

falsificatieprincipe

een theorie is pas wetenschappelijk wanneer duidelijk is in welke empirische omstandigheden de theorie als weerlegd mag gezien worden, wat ook inhoudt dat wetenschap niet moet zoeken naar bevestiging maar net naar de weerlegging.

8
New cards

corroboratie

proces waarbij een wetenschappelijke theorie bekrachtigd wordt doordat zij pogingen tot falsificatie doorstaat

9
New cards

demarcatiecriterium

criterium dat toestaat om wetenschappelijke uitspraken & theorieën te onderscheiden van niet-wetenschappelijke

10
New cards

wetenschappelijk paradigma

bestaat uit centrale theorieën, meetinstrumenten, metafysische veronderstellingen en waarden waarrond consensus heerst in de onderzoeksgemeenschap en dat door een bepaald paradigma wordt geïnspireerd

11
New cards

wetenschappelijke revolutie

periode gecontrasteerd met paradigmatische periodes (waarin relatieve stabiliteit heerst over opvattingen), waarin bepaalde paradigmata als achterhaald worden beschouwd en er dus een overgang komt tot nieuwe paradigmata

12
New cards

incommensurabiliteit

het ontbreken van een gemeenschappelijke maatstaf om twee theorieën met elkaar te vergelijken, omdat de feiten waarover ze spreken slechts betekenis hebben in de context van de verschillende theorieën in kwestie