1/26
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
alliteratie
de gelijkheid van beginmedeklinkers bij twee of meer woorden die dicht bij elkaar staan
anafora
de herhaling van een tekstelement aan het begin van opeenvolgende (delen van) zinnen
antithese
het dicht bij elkaar geplaatst staan van inhoudelijke tegengestelde begrippen
asyndeton
de opeenvolging van twee of meer tekstelementen zonder verbindingswoord
chiasme
de kruisgewijze plaatsing van grammaticaal en/of inhoudelijke gelijkwaardige tekstelementen (a,b,b,a)
climax
een reeks van tenminste drie tekstelementen met een steeds sterker wordende inhoud
eufemisme
een weergave van een negatief geladen begrip door een verzachtende aanduiding
sentetia
een algemeen geldende uitspraak
hypallage
een bijvoeglijk naamwoord congrueert met een ander zelfstandig naamwoord dan waarbij het qua betekenis past
hyperbaton
tussen woorden die een grammaticale eenheid vormen, staan een of meer woorden die geen deel uitmaken van deze grammaticale eenheid
hyperbool
overdrijving
litotes
de ontkenning van een begrip om het tegendeel te benadrukken (niet weinig)
metafoor
de vervanging van een begrip door een begrip dat daar een gelijkenis mee vertoont. het verschil met het stilistische begrip vergelijking is dat bij een metafoor alleen het beeld wordt genoemd (dus zonder ‘als’, ‘zoals’, ‘gelijk aan’ etc.
metonymia
de vervanging van een begrip door een begrip dat daarmee te maken heeft maar er geen gelijkenis mee vertoont
paradox
een schijnbare tegenstrijdigheid
parallellisme
de onderdelen van twee of meer grammaticaal en/of inhoudelijke gelijkwaardige tekstelementen staan in dezelfde volgorde (a,b,a,b)
personificatie
een vorm van beeldspraak waarbij levenloze dingen, voorwerpen of abstracties, als levende wezens worden voorgesteld of eigenschappen daarvan toebedeeld krijgen
pleonasme
het begrip toekennen van een kwalificatie die reeds in het begrip zelf besloten ligt
polysyndeton
de opeenvolging van twee of meer tekstelementen binnen een zin die telkens door een nevenschikkend voegwoord met elkaar verboden zijn
retorische vraag
een vraag waarbij het niet de bedoeling van de vragensteller is dat er een antwoord gegeven wordt
tautologie
het nevenschikkend herhalen van een begrip in andere woorden
tricolon
een opsomming die bestaat uit drie delen
vergelijking
een begrip wordt vergeleken met een ander begrip (met gebruik van ‘als’, ‘zoals’ en ‘gelijk aan’ etc.
dichterlijk meervoud
het gebruik van meervoud van een zelfstandig naamwoord waar een enkelvoud begrepen moet worden
enjambement
het doorlopen van een syntactische eenheid voorbij het einde van een versregel, waarbij niet meer dan twee woorden van de syntactische eenheid op de volgende regel staan
Bezing me, Muze, de listige man, die zeer veel
zwierf
homerische vergelijking
een vergelijking waarbij het beeld uitvoerig wordt uitgewerkt
patronymicum
persoonsaanduiding die is afgeleid van de naam van de (groot)vader