HRM: Competentie-, VTO- en Performance Management

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/24

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de kernbegrippen van HRM, waaronder competentiemanagement, VTO-principes, performance management, loopbaanbeleid en verloningssystemen.

Last updated 11:10 AM on 6/1/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

25 Terms

1
New cards

Beroepscompetenties

Het geheel van kennis, vaardigheden en attitudes die iemand in staat stellen om zijn taken succesvol uit te voeren.

2
New cards

Talent (versus competentie)

Een aangeboren of op jonge leeftijd ontwikkelde eigenschap die affectief is (geeft passie/energie) en duurzaam aanwezig blijft, ook zonder herhaling.

3
New cards

Competentiemanagement (Definitie)

Het beheersen van het proces gericht op het voorzien van de organisatie van noodzakelijke bekwaamheden voor het verwezenlijken van strategische doelstellingen.

4
New cards

Horizontale integratie

De afstemming tussen alle aspecten van het personeelsbeleid (werving, loopbaan, beloning, opleiding) met competentiemanagement als leidraad.

5
New cards

Verticale integratie

De afstemming van strategisch, tactisch en operationeel beleid waarbij competenties de brug vormen tussen organisatiebeleid en de individuele werknemer.

6
New cards

Vaktechnische competenties

Technische of kennisgerelateerde bekwaamheden die beroepsafhankelijk zijn en aangeleerd kunnen worden, zoals kunnen werken met Excel.

7
New cards

Gedragscompetenties

Een combinatie van waarden, gedragingen en persoonlijke motivatie die algemener van aard zijn en moeilijker aan te leren, zoals leidinggeven of nauwkeurigheid.

8
New cards

Kerncompetenties

Competenties bepaald door de strategische doelen, missie en visie, die een organisatie uniek maken en moeilijk te imiteren zijn door concurrenten.

9
New cards

Gedragsindicatoren

Concreet waarneembaar, positief geformuleerd gedrag zonder waardeoordeel dat een indicatie geeft van een bepaalde competentie.

10
New cards

Leren (VTO-definitie)

Een min of meer permanente wijziging in gedrag of gedragspotentieel als gevolg van een directe of indirecte ervaring.

11
New cards

Onbewust onbekwaam

De eerste fase van de leercurve waarbij iemand niet weet dat hij iets niet goed doet of niet kan.

12
New cards

Andragogiek

De theorie over hoe volwassenen leren, gekenmerkt door een behoefte aan zelfsturing, relevantie voor de praktijk en intrinsieke motivatie.

13
New cards

50-30-20/10 principe

Een leerverdeling bestaande uit 50%50\% informeel werkplekleren, 30%30\% formeel werkplekleren (begeleiding) en 20%20\% (10%10\%) formeel leren buiten de werkplek.

14
New cards

Kirkpatrick & Philips model

Een evaluatiemethode voor VTO bestaande uit de niveaus: ROI, Resultaat, Gedrag, Leer en Reactie.

15
New cards

Performance Management (Nieuwe stijl)

Een continu proces van dialoog waarin werkgeluk, ontwikkeling en prestaties hand in hand gaan, met de medewerker in de regie.

16
New cards

Halo-effect

Een beoordelingsfout waarbij een algemene positieve indruk van een persoon doorspeelt in de waardering van alle afzonderlijke prestatieaspecten.

17
New cards

Horn-effect

Een beoordelingsfout waarbij een algemene negatieve indruk doorspeelt in alle te beoordelen aspecten.

18
New cards

VUCA-wereld

Een context waarin organisaties opereren die gekenmerkt wordt door volatiliteit (VolatileVolatile), onzekerheid (UncertainUncertain), complexiteit (ComplexComplex) en ambiguïteit (AmbiguousAmbiguous).

19
New cards

Personal Development Plan (POP)

Een plan dat voorziet in loopbaandoelen, identificatie van te ontwikkelen competenties en de bijbehorende leerinterventies.

20
New cards

Bore-out

Een toestand waarbij een medewerker onvoldoende uitdaging vindt in zijn job om gemotiveerd te blijven.

21
New cards

Beloningsbeleid (Hygiënefactor)

Het principe dat verloning marktconform moet zijn om medewerkers te behouden; het is essentieel maar levert zelden een onderscheidend vermogen op.

22
New cards

Total Rewards System

Een model dat beloning indeelt op twee assen (Individueel-Team en Financieel-Relationeel) met kwadranten zoals Cash, Benefits, Ontwikkeling en Werkomgeving.

23
New cards

Bedrijfsvoorheffing (BV)

Een voorschot op de personenbelasting dat van het belastbare loon wordt ingehouden op de loonbrief.

24
New cards

Survivor-syndroom

De dalende motivatie en productiviteit van achterblijvers na een ontslagronde, vaak door een geschonden psychologisch contract.

25
New cards

Strategische personeelsplanning

Het continu beheren van in-, door- en uitstroom om de juiste personen met de juiste competenties op het juiste moment op de juiste plaats te hebben.