hormonen (productieplaats en functie)

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/41

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

fysiologie

Last updated 4:14 PM on 5/25/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

42 Terms

1
New cards

atriaal natriuretisch peptide / ANP

  • productieplaats: myocard atria

  • functie:

    • verhogen glomerulair filtration rate / GFR

    • remming natrium-resorpsie

    • remming afgifte renine en aldosteron

    • daling bloedvolume

    • daling van de bloeddruk

2
New cards

brain natriuretisch peptide (BNP)

  • productieplaats: cellen van ventrikelwand

  • functie

    • verhoging van glomerulair filtration rate (GFR)

    • verlagen van natrium-resorptie

    • remming secretie renine en aldosteron

    • marker voor hartfalen

    • daling bloedvolume

    • daling van bloeddruk

3
New cards

somatotroop hormoon (STH) (groeihormoon) (somatotropine)

  • productieplaats: adenohypofyse

  • functie:

    • stimuleren van productie en afgifte van groeihormoon

    • optimaliseren glucoseconcentratie (mobilisatie van vet en glycogeen)

    • verlaagd opname van glucose in de weefsels

4
New cards

somatostatine

  • productieplaats:

    • D-cellen maag

    • hypothalamus

    • pancreas delta-cellen

  • functie:

    • remmen secretie insuline en glucagon

    • onderdrukken secretie HCl

    • verlagen maagmotoriek

    • inhiberen secretie somatotropine (groeihormoon)

5
New cards

aldosteron

  • productieplaats: zona glomerulosa cortex adrenalis

  • functie:

    • laatste hormoon van RAAS-systeem

    • versterken opname natrium-ionen

    • versterking afgifte kalium-ionen

    • (soms versterking afgifte waterstof-ionen)

    • activatie natriumkanalen in distale tubulus en verzamelbuis van de nier

    • verhogen bloedvolume

    • verhogen bloeddruk

6
New cards

anti diuretisch hormoon (ADH)

  • productieplaats: hypothalamus (gestokeerd in de neurohypofyse)

  • functie:

    • reguleren urineconcentratie

    • verhogen bloeddruk

    • verhogen permeabiliteit voor water in de verzamelbuis

    • laat aquaporine migreren naar apicale membraan

    • openen waterkanaaltjes, aquaporine-type-2-moleculen

    • (gereguleerd door osmotische receptoren in hypothalamus en bloeddrukreceptoren in het hart, longvaten, sinus caroticus en door de afgifte van angiotensine 2)

7
New cards

erythropoëtine (EPO)

  • productieplaats: juxtaglomerulair apparaat van de nieren (en lever)

  • functie

    • stijging van O2-spanning

    • activeerd myeloide stamlijn → initieert aanmaak rode bloedcellen in rode beenmerg

8
New cards

angiotensine 2

  • productieplaats: bloed (oiv ACE-enzym)

  • functie:

    • component RAAS-systeem

    • bindt op AT-1 receptoren

    • vasoconstrictie

    • stijging arteriële bloeddruk

    • op vas efferens nefron: toename resorptie peritubulaire capillairen

    • stimuleren NaCl-resorptie in de proximale tubulus (nefron)

    • stimuleren afgifte aldosteron in de bijnierschors

    • verhoging ADH bij hoge concentraties

    • verhogen dorstgevoel

    • (tegenovergesteld effect van ANP/BNP)

9
New cards

gastrine

  • productieplaats:

    • G-cellen maag

    • duodenum

    • jejenum

  • functie:

    • gesecreteerd tijdens gastrische fase

    • verhogen maagmotoriek

    • verhogen maagsecretie

    • verhogen HCl secretie (in de maag)

    • toename bicarbonaat (in het duodenum) (als reactie op verlaagde pH-waarde)

10
New cards

secretine

  • productieplaats: s-cellen duodenum

  • functie:

    • komt vrij bij een te lage pH in de maag

    • remmen maaglediging

    • minder HCl productie

    • meer bicarbonaat productie

11
New cards

pancreozimine

  • productieplaats: duodenum

  • functie:

    • vrijgesteld bij een te eiwitrijke chymus

    • stilleggen maagmotoriek

    • vrijstellen pepsinogeen (→ stimulatie verteringsproces van de maag)

12
New cards

cholecystokenine (CCK)

  • productieplaats: duodenum

  • functie:

    • vrijgesteld bij een te vetrijke chymus

    • remmen maaglediging

    • vrijstellen gastric lipase (→ toegenomen vetvertering)

13
New cards

gastric inhibitory polypeptide / glucose insulinotropic polypeptide / incretine (GIP)

  • productieplaats: K-cellen duodenum

  • functie:

    • inhiberen productie HCl

    • inhibitie maagmotoriek

    • stimuleert secretie insuline

14
New cards

insuline

  • productieplaats: beta-cellen eilandjes van Langerhans pancreas

  • functie:

    • vrijgesteld bij toegenomen glucosewaarden in het bloed

    • hyperglycemie tegengaan

    • overmaat aan glucose opnemen in weefsels (vooral lever)

15
New cards

glucagon

  • productieplaats: alfa-cellen eilandjes van langerhans pancreas

  • functie:

    • vrijgesteld met een te lage glucosewaarde in het bloed (en daling insulinegehalte in het bloed)

    • glucose vrijstellen (vooral in de lever)

    • glycogeen omzetten naar glucose

    • hypoglycemie tegengaan

16
New cards

leptine

  • productieplaats:

    • adipocyten van wit vetweefsel

    • bruin vetweefsel

    • ovaria

    • placenta

    • skeletspieren

    • beenmerg

  • functie:

    • verzadigingsgevoel thv hypothalamus door te hoge vetstapeling

    • bij minder leptine zal er juist een hongergevoel optreden

17
New cards

ghreline

  • productieplaats: fundus van de maag en duodenum

  • functie:

    • wordt vrijgesteld bij een weinig gevulde maag

    • opwekken hongergevoel

    • weinig ghreline zorgt dan weer voor een verzadigingsgevoel

18
New cards

vasoactief intestinaal polypeptide (VIP)

  • productieplaats:

    • pancreas

    • darmcellen

    • hypothalamus

  • functie:

    • stimuleren van secretie en toevoeging van enzymen voor een versnelde verteringsprocessen

    • betere doorbloeding van dunne darm en pancreas

    • vasodilatatie voor werking zweetklieren en warmte-regulatie (OS)

19
New cards

glucagon like peptide

  • productieplaats: L-cellen gastro-intestinale tractus en pancreas

  • functie:

    • respons op opname voedsel

    • stimulatie secretie insuline

    • inhibitie secretie glucagon

    • optimaliseren bloedglucosewaarden

    • fysiologische regulator voor appetijt en voedselinname

20
New cards

neuropeptide-Y (NPY)

  • productieplaats: pancreas

  • functie:

    • vrijgesteld door zenuwstelsel

    • inhibeert glucose-gestimuleerde insulinesecretie in de pancreas

    • toename beta-oxidatie

    • verhoogde productie adipocyten voor betere mobilisatie en stapeling van vetten

21
New cards

cortisol

  • productieplaats: zona fascicularis cortex adrenalis

  • funtie:

    • stimulatie gluconeogenese (AZ→ glucose, zodat de glucosevoorraden niet uitgeput geraken)

    • stimulatie afbraak eiwitten (voor vrijkomen van AZ voor gluconeogenese)

    • blokkeren opname AZ in de cellen

    • toename transaminering en desaminering in de lever

    • remming opname glucose in de weefsels (anti-insuline effect)

    • mobilisatie van vetzuren uit vetdepos om energielevering uit vetzuren mogelijk te maken

    • remmen van inflammatoire reacties en vorming antilichamen

    • induceerd chronische stressrespons (geinduceerd door adrenaline en noradrenaline)

22
New cards

testosteron

  • productieplaats:

    • testes

    • ovaria

    • (bijnieren)

  • functie:

    • ontwikkelen primaire mannelijke geslachtskernmerken

    • ontwikkelen secundaire mannelijke geslachtskernmerken

    • genereren libido (ook bij meisjes)

    • stimulatie groei van skeletspieren

    • stimulatie spermaproductie

    • groei van schaamhaar (ook bij meisjes)

    • (gevormd uit androsteendion)

23
New cards

lutheïniserend hormoon (LH)

  • productieplaats: adenohypofyse

  • functie:

    • gereguleerd door gonadotropine-releasing-factor (GnRF)

    • stimulatie ovulatie

    • ontwikkeling graafse follikel

    • ontwikkeling corpus lutheum

    • na ovulatie: productie progesteron

    • stimulatie testes voor testosteronproductie

24
New cards

follikelstimulerend hormoon (FSH)

  • productieplaats: hypofyse

  • functie:

    • stimuleert groei en rijping follikels

    • stimuleert follikels ter productie oestrogenen

    • na ovulatie: aanmaak progesteron

    • stimulatie sertolicellen

25
New cards

adrenocorticotroop hormoon (ACTH) / corticotropine

  • productieplaats: adenohypofyse

  • functie:

    • regelt secretie cortisol en andere androgenen

    • verhoogt gevormd oiv corticotropin-releasing-factor (CRH) en ADH

26
New cards

oxytocine

  • productieplaats: hypothalamus (opgeslagen in de neurohypofyse)

  • functie:

    • melkklieren: vrijstellen melk uit melkklieren (door contracties vh myo-epitheel id borst)

    • uterus: induceren weëen (contracties glad spierweefsel van de uterus)

    • zuigreflex: als baby zuigt aan tepel gaan sensoren rond tepel info doorgeven naar de neurohypofyse → vrijstellen oxytocine → (zie melkklieren

27
New cards

melanocyt stimulerend hormoon (MSH)

  • productieplaats:

    • adenohypofyse

    • hypothalamus

  • functie:

    • stimuleren productie en secretie melanine (pigment) door de melanocyten in de huid en haar

    • verhoogde vrijstelling bij zwangere vrouwen

28
New cards

progesteron

  • productieplaats: corpus lutheum en placenta

  • functie:

    • gestimuleerd door LH en FSH

    • voorbereiden van baarmoederslijmvlies

    • in stand houden van zwangerschap (spontane abortus tegengaan)

    • remmen ovulatie nieuwe eitjes door LH-afgifte te remmen (negatief feedbacksysteem)

29
New cards

estradiol

  • productieplaats:

    • ovaria

    • placenta (bij zwangerschap)

    • testes

    • vetweefsel

    • adrena

  • functie:

    • stimulatie LH-toename (negatief feedback en positief feedback bij ovulatie)

    • genereren secundaire geslachtskernmerken vrouw

    • borstontwikkeling

    • verhoogde vetopstapeling

    • maturatie vrouwlijk geslachtsorgaan

    • verbreden heupen

    • verhinderen apaotose van spermacellen

30
New cards

humaan chorion gonadotrofine (hCG)

  • productieplaats: chorion

  • functie:

    • neemt rol LH over tijdens zwangerschap

    • in stand houden van corpus lutheum

31
New cards

tri-jodo-thyronine (T3) en thyroxine (T4)

  • productieplaats: thyroid

  • functie:

    • in cysternae opgeslagen

    • naar bloedbaan via cytopempsis

    • stimulatie metabolisme en energiemetabolisme

    • stimulatie centraal zenuwstelsel

    • invloed op groei: toename groeihormoonreceptoren

    • stimulatie eiwitsynthese

    • stimulatie glucose-absorptie

    • stimulatie gluconeogenese

    • verhoging van bloeddruk

    • verhoging hartslagfrequentie

    • verhoging slagvolume

    • gereguleerd door tyroid releasing factor

32
New cards

calcitonine

  • productieplaats: thyroid

  • functie

    • tegengestelde werking calcitriol

    • vrijgegeven bij overmaat aan calciumionen in bloed

    • stimuleren van osteoblasten en osteocyten

    • stimuleren excretie van calcium via urine

33
New cards

tyroid stimulerend hormoon (TSH)

  • productieplaats: adenohypofyse

  • functie:

    • stimuleert productie T3 en T4 in de schildklier

    • wordt zelf gestimuleerd door TRH

34
New cards

tyroid releasing hormone (TRH)

  • productieplaats: hypothalamus

  • functie:

    • stimuleren productie TSH

35
New cards

parathhormoon (PTH)

  • productieplaats: paratyroid

  • functie:

    • geregeld door calcium in het bloedplasma

    • bij verhoogde calcium zal PTH afnemen

    • stimuleert de resorptie van calciumionen in de nieren

    • remt resorptie fosfaationen in de nieren

    • afbraak calciumfosfaat in de botten

    • verhogen geioniseerd calcium in het bloedplasma

    • stimuleert osteoclasten

36
New cards

adrenaline

  • productieplaats: medulla adrenalis

  • functie:

    • catecholamine

    • vasoconstrictie in meeste organen

    • vasodilatatie in bronchiën, darmen en klieren

    • vasodilatatie in hartspier en skeletspier

37
New cards

noradrenaline

  • productieplaats: medulla adrenalis

  • functie:

    • belangrijkste neurotransmitter orthosympatisch zenuwstelsel

    • bindt op alfa1-receptoren

    • contractie gladde spiervezels (vasoconstrictie)

    • stijging arteriele druk

    • stijging arterieel bloedvolume

    • stijging perifere weerstand

    • catecholamine

38
New cards

corticotropin-releasing-hormone (CRH)

  • productieplaats: hypothalamus

  • functie:

    • neurotransmitter

    • stimuleert adenohypofyse voor productie ACTH

    • (effect op secretie cortisol)

39
New cards

Di-hydro-epi-androsteron (DHEA)

  • productieplaats:

    • bijnieren

    • geslachtsklieren

    • huid

    • vetweefsel

  • functie:

    • gemaakt uit cholesterol

    • steroid hormoon

    • precursor androsteendiol

    • wordt omgezet naar testosteron en estradiol en oestron

40
New cards

calcitriol

  • productieplaats: nieren (uit calcidiol)

  • functie

    • actieve vorm van vitamine D

    • stimuleert resorptie calcium in dikke darm

    • inhibeert uitscheiding calcium via urine

    • belangrijk in calciumhuishouding

    • staat onder invloed van parathormoon

    • stimulatie osteoclasten

    • remming osteoblasten

41
New cards

acetylcholine

  • productieplaats: vesikels aan uiteinden van cholinerge neuronen

  • functie:

    • binden op muscarine-receptoren van gladde spiercellen → vasoconstrictie (wordt teniet gedaan door NO, waardoor acetylcholine (en VIP) weinig tot geen effect hebben bij inspanningshyperemie)

    • vasodilatatie in het spijsverteringstelsel

42
New cards

bradykinine

  • productieplaats:

    • mastcellen

    • beschadigd weefsel

    • darmcellen

  • functie:

    • verhoogde vacuolaire permeabiliteit

    • vasodilatatie

    • pijn doorheen de huid

    • verhoogde vrijstelling van NO (vasodilatatie)