1/5
5.1 en 5.2
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Absolute tempratuur (T)
De maat voor de snelheid en dus de gemiddelde inwendige kinetische energie van de gasmoleculen.
volume (V)
Het volume van het vat waarin het gas is opgelost, en niet het volume van de gasmolecule zelf.
absolute druk (p)
De verhouding van de kracht veroorzaakt door de botsing van de gasmoleculen van het gas op een vlak tot de oppervlakte van dat vlak.
gas wet bij een constante tempratuur (de wet van Boyle-Mariotte)
De tempratuur blijft gelijk, waardoor de deeltjes even snel blijven bewegen. Wanneer het volume groter wordt, zitten de deeltjes verder van elkaar. Daardoor botsen ze minder vaak tegen de wand per oppervlakte-eenheid. Er wordt dus minder kracht op de wand uitgeoefend, waardoor de druk daalt. Omgekeerd geldt: als het volume kleiner wordt, stijgt de druk.
gas wet bij een constante volume (de wet van Regnault)
Het volume blijft constant, waardoor de deeltjes evenveel ruimte behouden. Wanneer de temperatuur stijgt, neemt de kinetische energie van de deeltjes toe, waardoor ze sneller bewegen. Daardoor botsen ze vaker en harder tegen de wand. Er wordt dus meer kracht op de wand uitgeoefend, waardoor de druk stijgt. Omgekeerd geldt: als de temperatuur daalt, daalt ook de druk.