Aardrijkskunde: Het Landschap en Ruimtelijke Ontwikkeling

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/43

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de gesteentecyclus, de verschillende soorten verwering en erosie, rivierprocessen en de ruimtelijke ordening in Vlaanderen.

Last updated 2:58 PM on 6/16/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

44 Terms

1
New cards

Gesteentecyclus

Een cyclus die wordt gebruikt om aan te tonen hoe de 3 verschillende soorten gesteenten ontstaan en verbonden zijn met elkaar gedurende geologische periodes.

2
New cards

Magmatische gesteenten

Gesteenten die ontstaan uit de afkoeling, stolling en kristallisatie van magma, vooral bij het aardoppervlak en ondergronds.

3
New cards

Uitvloeingsgesteenten

Magmatische gesteenten waarbij de stolling en kristallisatie snel gebeurt aan het aardoppervlak, waardoor er geen tijd is om grote kristallen te vormen.

4
New cards

Dieptegesteenten

Magmatische gesteenten waarbij de stolling en kristallisatie diep in de grond gebeurt, waardoor het trager afkoelt en er tijd is om grote kristallen te vormen.

5
New cards

Detritische gesteenten

Sedimentaire gesteenten gevormd uit meegevoerd puin van oudere gesteenten die na sedimentatie losse of (na diagenese) vaste gesteenten vormen.

6
New cards

Diagenese

Het proces waarbij de druk op sedimenten toeneemt door bijkomend puin, waardoor na verloop van tijd vaste sedimentaire gesteenten worden gevormd.

7
New cards

Biogene gesteenten

Gesteenten die afkomstig zijn van organisch materiaal zoals schelpen, planten en plankton.

8
New cards

Chemische gesteenten

Gesteenten die ontstaan door het chemische proces waarbij zout wordt afgezet als water verdampt.

9
New cards

Metamorfe gesteenten

Gesteenten die ontstaan wanneer een ander gesteente onder immense druk en/of temperatuur een metamorfose ondergaat, meestal bij gebergtevorming.

10
New cards

Plooiingsfase

Een tijd waarin sterke inwendige krachten de aardkorst vervormen en bergen vormen.

11
New cards

Alpiene plooiingsfase

Plooiingsfase van 66 miljoen jaar geleden op de grens van het Mesozoïcum en Kenozoïcum (Krijt en Paleogeen), waarbij o.a. de Rocky Mountains en de Andes ontstonden.

12
New cards

Hercynische plooiingsfase

Plooiingsfase van 300 miljoen jaar geleden in het Paleozoïcum (Carboon en Perm), waarbij o.a. de Oeral en de Ardennen ontstonden.

13
New cards

Caledonische plooiingsfase

Plooiingsfase van 420 miljoen jaar geleden in het Paleozoïcum (Ordovicium, Seluur en Devoon), waarbij o.a. de Scandinavische en Schotse hooglanden ontstonden.

14
New cards

Verwering

Het proces waarbij een vast gesteente verbrokkelt tot een losser gesteente zonder dat er verplaatsing optreedt.

15
New cards

Fysische verwering

Het verweren van gesteente tot los puin onder invloed van het weer of de dooi-vorstcyclus, waarbij de chemische samenstelling gelijk blijft.

16
New cards

Chemische verwering

Verwering onder invloed van chemische reacties, zoals wanneer koolzuurhoudend water (CO2CO_2) reageert met kalksteen.

17
New cards

Karst

De specifieke naam voor de chemische verwering van kalksteen.

18
New cards

Biologische verwering

Verwering veroorzaakt door levende organismen, zoals plantenwortels die barsten veroorzaken of organismen die zuren in de bodem brengen.

19
New cards

Erosie

Het proces van het optillen en verplaatsen van verweerd materiaal door natuurkrachten.

20
New cards

Massatransport

Een vorm van erosie waarbij materiaal wordt verplaatst door de zwaartekracht.

21
New cards

Bodemkruip

Een zeer trage vorm van massatransport die niet met het blote oog te zien is en afhankelijk is van de hellingsgraad.

22
New cards

Aardverschuiving

Massatransport aan matige snelheid waarbij bodem of gesteente wegvloeit langs een schuifvlak; bij meer dan 50%50\% water spreekt men van een modderstroom.

23
New cards

Steenlawine

Zeer snel massatransport waarbij materiaal van steile hellingen naar beneden valt en een klif vormt.

24
New cards

Eolische afzetting

Het proces waarbij korrels worden afgezet wanneer de windkracht afneemt.

25
New cards

Saltatie

Een transportmanier van zand door de wind waarbij de korrels als het ware op en neer springen.

26
New cards

Suspensie

Het proces waarbij fijn materiaal zoals silt in de lucht zweeft tijdens windtransport.

27
New cards

Abrasie

Erosie door de wrijving van door wind of water getransporteerd zand of silt tegen andere gesteenten.

28
New cards

Debiet

De hoeveelheid water die per seconde voorbij een bepaald punt in een rivier stroomt.

29
New cards

Differentiële erosie

De ongelijke werking van erosie op verschillende soorten gesteenten.

30
New cards

Erosiebasis

De hoogte waarop een rivier uitmondt in de zee, het laagste punt waarheen een rivier kan snijden.

31
New cards

Verval

Het hoogteverschil tussen twee punten van een rivier, gedeeld door het lengteverschil van die punten.

32
New cards

Alluvium

Het gezamenlijke afgezette materiaal (zand, leem, klei) door een rivier in de benedenloop.

33
New cards

Landschapsgenese

Het proces van het continu veranderen van een landschap door natuurlijke en menselijke invloeden.

34
New cards

Lintbebouwing

Bebouwing die als een lint langgerekt langs wegen ontstaat, wat leidt tot hoge infrastructuurkosten en versnippering.

35
New cards

Versnippering

Het proces waarbij open land versnipperd raakt door bebouwing en wegen, waardoor natuurgebieden amper nog verbonden zijn.

36
New cards

Ruimtebeslag

De totale ruimte die een bepaalde functie (zoals wonen of wegen) inneemt, inclusief bermen, tuinen en groenstroken.

37
New cards

Verharding

Grond die bedekt is met materialen zoals asfalt of beton waardoor regenwater niet in de bodem kan zakken.

38
New cards

Gewestplan

Een in 1970 ingevoerd statisch plan dat voor alle stukken grond in Vlaanderen een functiebestemming vastlegde.

39
New cards

RSV

Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen; een beleidsplan uit 1990 met een visie op lange termijn om open ruimte te behouden en steden te doen heropleven.

40
New cards

BRV

Beleidsplan Ruimte Vlaanderen; ingevoerd in 2011 als opvolger van het RSV, inclusief de Visie Vlaanderen 2050.

41
New cards

Vlaamse Ruit

Het centrale verstedelijkte gebied tussen de steden Brussel, Gent, Antwerpen en Leuven.

42
New cards

Bouwshift

Ook wel betonstop genoemd; het doel om het bijkomend ruimtebeslag tegen 2040 terug te brengen naar 0ha/dag0\,ha/dag.

43
New cards

Inbreiding

Een vorm van intensivering waarbij verloren ruimtes tussen bestaande gebouwen worden opgevuld.

44
New cards

Verweving

Het gebruiken van dezelfde ruimte voor meerdere verschillende doelen of functies.