Begrippen Aardijksunde periode 3 module 1-3

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/40

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 8:43 AM on 4/15/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

41 Terms

1
New cards

atmosfeer

Het totaal van gassen om een hemellichaam. Om de aarde ca. 100 km dik.

2
New cards

troposfeer

De onderste laag van de aardse atmosfeer. Circa 10 km dik.

3
New cards

stralingsbalans / energiebalans

Balans tussen inkomende zonnestraling en uitgaande aardse warmtestraling.

4
New cards

broeikaseffect

Door broeikasgassen veroorzaakte terugkaatsing van de warmte die door de aarde wordt uitgestraald.

5
New cards

klimaat

De gemiddelde weerstoestand op een bepaalde plek op aarde gedurende een langere periode waarbij voornamelijk rekening gehouden wordt met de temperatuur en neerslag.

6
New cards

klimaatfactoren

Factoren die van invloed is op temperatuur en neerslag en zodoende het klimaat beïnvloed.

7
New cards

breedtegraden / breedteligging

Denkbeeldige lijnen over de aarde, lopend van 0° tot °90 zuiderbreedte en noorderbreedte.

8
New cards

hoogteligging

Hoogte in meters ten opzichte van zeeniveau.

9
New cards

aflandige wind

Wind die van land naar zee toewaait.

10
New cards

aanlandige wind

Wind die van zee naar land toewaait.

11
New cards

stijgingsneerslag

Neerslag rond de tropen die ontstaat als gevolg van sterke opwarming. Lucht stijgt op, koelt af en condenseert, waardoor neerslag ontstaat.

12
New cards

stuwingsneerslag

Neerslag die ontstaat aan de loefzijde van bergketens omdat wolken omhoog gestuwd worden.

13
New cards

loefzijde

De zijde waar de wind inkomt en vocht met zich meebrengt. Nat als gevolg van stuwingsneerslag.

14
New cards

lijzijde

De zijde die in de luwte van de wind ligt. Droog.

15
New cards

condensatie (condenseren)

Druppelvorming doordat waterdamp afkoelt.

16
New cards

verdamping (verdampen)

Gasvorming waardoor waterdruppels veranderen in waterdamp.

17
New cards

lagedrukgebieden

Gebieden waar een opstijgende luchtbeweging plaatsvindt waardoor condensatie ontstaat.

18
New cards

hogedrukgebieden

Gebieden waar een dalende luchtbeweging plaatsvindt waardoor verdamping ontstaat.

19
New cards

Intertropische Convergentiezone (ITCZ)

Lagedrukgebied rond 0° NB.

20
New cards

subtropen

Hogedrukgebied rond 30° NB/ZB.

21
New cards

circulatiecel

Complete cirkel van luchtbewegingen: één hoog in de troposfeer en één laag in de troposfeer van lage druk naar hoge druk.

22
New cards

Hadley Cel

Circulatiecel tussen 0° en 30° NB/ZB.

23
New cards

Polaire Cel

Circulatiecel tussen 60° NB/ZB en 90° NB/ZB.

24
New cards

Ferrel Cel

Circulatiecel tussen 30° NB/ZB en 60° NB/ZB.

25
New cards

globale luchtcirculatie

Patroon van windbewegingen op aarde.

26
New cards

Wet van Buys Ballot / corioliseffect

Windafwijking door de draaiing van de aarde. Op het noordelijk halfrond naar rechts, op het zuidelijk halfrond naar links.

27
New cards

Kreeftskeerkring

Denkbeeldige cirkel op 23½° noorderbreedte.

28
New cards

Steenbokskeerkring

Denkbeeldige cirkel op 23½° zuiderbreedte.

29
New cards

klimaatclassificatie van Köppen

Indeling van de wereld in klimaatgebieden.

30
New cards

tropisch regenwoudklimaat

Warm klimaat met het hele jaar neerslag.

31
New cards

savanneklimaat

Warm klimaat met een droger seizoen.

32
New cards

droge klimaten

Klimaten met weinig neerslag (BW en BS).

33
New cards

woestijnklimaat

Zeer droog klimaat in subtropen of regenschaduw.

34
New cards

steppeklimaat

Iets natter dan woestijnklimaat.

35
New cards

gematigd zeeklimaat

Koele zomers, zachte winters, hele jaar neerslag.

36
New cards

Middellandse Zeeklimaat

Warme droge zomers, zachte natte winters.

37
New cards

landklimaat

Grote temperatuurverschillen tussen zomer en winter.

38
New cards

poolklimaat

Koud en weinig neerslag.

39
New cards

ijskapklimaat

Zeer koud en droog.

40
New cards

hooggebergteklimaten

Koud met sneeuwneerslag.

41
New cards