1/14
Deze flashcards behandelen de basisconcepten van krachten, inclusief effecten, eenheden, vectoreigenschappen en het berekenen van de resulterende kracht op basis van de cursus Natuurwetenschappen Thema 6.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Kracht
Een grootheid die weergeeft op welke manier er aan een voorwerp wordt getrokken, geduwd, hoe de aarde aantrekt of hoe een beweging wordt tegengewerkt.
Statisch effect
Een uitwerking van een kracht waarbij een voorwerp een tijdelijke of blijvende vormverandering ondergaat.
Dynamisch effect
Een uitwerking van een kracht waarbij de beweging van een voorwerp verandert, zoals een versnelling, vertraging of richtingsverandering.
Newton
De SI-eenheid van kracht, vernoemd naar de natuurkundige Isaac Newton, met als symbool N.
Dynamometer
Het instrument waarmee krachten worden gemeten.
Veldkracht
Een kracht die op afstand werkt zonder dat er direct contact nodig is tussen voorwerpen, zoals de zwaartekracht.
Contactkracht
Een kracht die enkel werkt wanneer er fysiek contact is tussen twee voorwerpen.
Scalaire grootheid
Een grootheid die enkel een waarde en een eenheid bezit, zoals massa (m) of lengte (l).
Vectoriële grootheid
Een grootheid die naast een waarde en een eenheid ook een richting en een zin heeft; kracht wordt voorgesteld als de vector F.
Aangrijpingspunt
De specifieke plaats waar de kracht op een voorwerp wordt uitgeoefend.
Grootte van een kracht
De numerieke waarde van de kracht uitgedrukt in Newton, genoteerd als F (zonder pijltje) en altijd positief.
Richting (werklijn)
De rechte waarlangs de kracht werkzaam is, bijvoorbeeld horizontaal, verticaal of schuin.
Zin
De kant waarnaar de krachtvector wijst op de werklijn, bijvoorbeeld naar links, rechts, boven of beneden.
Resulterende kracht
De totale kracht (FR of Fres) die op een voorwerp werkt wanneer er meerdere krachten tegelijkertijd aanwezig zijn.
Parallellogrammethode
De methode om de resulterende kracht te tekenen bij krachten met een verschillende richting, waarbij de diagonaal van het parallellogram de totale kracht voorstelt.