Hoofdstuk 1: Structuur en Structurele relaties

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/25

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:37 PM on 6/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

26 Terms

1
New cards

constituenten

groepen van (1 of meer) woorden die samen een eenheid vormen, bekeken vanuit hun vormelijke eigenschappen (woordsoorten)

bv. NP, VP, DP…

2
New cards

recursieve constituenten

constituenten zijn opgebouwd rond een hoofd (= de kern van de constituent), met eventuele voor- of nabepalingen

3
New cards

endocentriciteit

Elke constituent heeft een hoofd dat de eigenschappen van die constituent bepaalt, en elk woord is het hoofd van een constituent waarvan het de eigenschappen bepaalt.

4
New cards

valentie

combinatievereisten die voortvloeien uit de betekenis van een woord

bvb. geven → iemand geeft iets aan iemand (3 plaatsig)

5
New cards

essentiële zinsdelen

= argumenten

  • deel van het valentieschema

  • geïmpliceerd door de betekenis van het gezegde

  • krijgt een theta-rol

6
New cards

niet-essentiële zinsdelen

= adjuncten

  • geen deel van het valentieschema

  • niet geïmpliceerd door de betekenis van het gezegde (optionele, extra informatie)

  • krijgt geen theta-rol

7
New cards

tweepolenschema

= een templaat/geraamte dat de abstracte structuur van iedere grammaticale Nederlandse zin weergeeft

  • opgebouwd rond twee vaste posities voor werkwoorden en voegwoorden (de twee polen)

  • beperkte ruimte vooraan (het voorveld) en achteraan (het achterveld); het grootste deel van de zin bevindt zich tussen de twee polen (middenveld)

<p><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">= een <strong>templaat/geraamte</strong> dat de <strong>abstracte structuur</strong> van <u>iedere grammaticale Nederlandse zin</u> weergeeft</span></p><ul><li><p><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">opgebouwd rond<strong> twee vaste posities</strong> voor <u>werkwoorden</u> en <u>voegwoorden</u> (de twee polen)</span></p></li><li><p>beperkte ruimte vooraan <span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">(het voorveld) en achteraan (het achterveld); het grootste deel van de zin bevindt zich tussen de twee polen (middenveld)</span></p></li></ul><p></p>
8
New cards

extern argument

  • diegene/datgene die/dat de handeling initieert, controleert,
    uitvoert, . . .

  • theta-rol: Agens, Kracht, . . .

  • ≈ subject

9
New cards

interne argumenten

  • diegene/datgene die/dat de handeling ondergaat of er
    andere ondergeschikte rol in speelt

  • theta-rol: Thema, Patiens, Ontvanger, Plaats, . . .

  • ≈ direct object, indirect object, voorzetselvoorwerp, plaatsobject, . . .

10
New cards

generalisatie

interne argumenten hebben een nauwere band met de valentietoekenner (bijv. het werkwoord) dan het externe argument

11
New cards

X’-theorie

  1. toepasbaar is op alle woordsoorten

  2. endocentriciteit respecteert

  3. een onderscheid kan maken tussen interne en externe argumenten, zodanig dat interne argumenten een nauwere band hebben met het hoofd dan externe argumenten

12
New cards

boomstructuur

bestaat uit knopen (XP, X’, X) en takken (de lijntjes tussen de knopen)

  • XP = de maximale projectie

  • X’ = tussenliggende projectie

  • X = het hoofd

→ moeder, dochter, zuster relaties

13
New cards

specificeerderpositie

positie van het extern argument

→ de positie met als zuster X’ en als moeder XP

14
New cards

complementspositie

positie van het intern argument

→ de positie met als zuster X en als moeder X’

15
New cards

adjunctposities

  • hebben dezelfde moeder als zuster

    • ofwel XP als moeder en XP als zuster (adjunct 1)

    • ofwel Xals moeder en Xals zuster (adjunct 2)

<ul><li><p><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">hebben dezelfde moeder als zuster</span></p><ul><li><p><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">ofwel XP als moeder en XP als zuster (adjunct </span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*8.97px);">1</span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">)</span></p></li><li><p><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">ofwel X</span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*8.97px);">′ </span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">als moeder en X</span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*8.97px);">′ </span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">als zuster (adjunct </span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*8.97px);">2</span><span style="font-size: calc(var(--scale-factor)*10.91px);">)</span></p></li></ul></li></ul><p></p>
16
New cards

lexicale projecties

projecties die een open woordsoort als hoofd hebben

bvb. VP, AP, NP, AdvP

17
New cards

functionele projecties

projecties die een gesloten woordsoort als hoofd hebben

bvb. CP, DP, NumP

18
New cards

D

  • onbepaald

  • bepaald

  • categorisch

  • generisch

?

19
New cards

structuurbehoud

XPs verplaatsen steeds naar een XP-positie, hoofden verplaatsen steeds naar een hoofdpositie.

20
New cards

hoofdinitieel

<p></p>
21
New cards

hoofdfinaal

knowt flashcard image
22
New cards

domineren

formeel:

  • een knoop X domineert een knoop Y asa
    a. X is de moeder van Y, of
    b. een dochter van X domineert Y

informeel:

  • een knoop X domineert een knoop Y asa X is de moeder
    van (de moeder van (de moeder van . . . )) Y

nog informeler:

  • een knoop X domineert een knoop Y als en slechts als je vn X naar Y kan geraken door enkel neerwaartse takken te volgen

23
New cards

c-commanderen

formeel:

  • een knoop X c-commandeert een knoop Y asa
    a. X domineert Y niet,
    b. Y domineert X niet, en
    c. de eerste vertakkende knoop die X domineert, domineert ook Y

informeel:

  • een knoop c-commandeert zijn zuster en alles wat door die zuster gedomineerd wordt

24
New cards

wortelknoop

de (unieke) knoop die alle andere knopen domineert

25
New cards

terminale knoop

een knoop die geen enkele andere knoop domineert

26
New cards

niet-terminale knoop

een knoop die minstens één andere knoop domineert