1/125
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
functies zenuwstelsel
lichaam laten reageren op veranderingen van binnen en buiten/organen/stelsels goed laten functioneren
opbouw neuron
cellichaam met celkern/dendriet vangt prikkels op/axon geeft prikkels door/myelineschede gelid prikkels door axon
prikkeloverdracht
prikkels worden overgebracht door elektrische stroom/puls over de zenuwcelwand/bij einde zenuwcel word er ruimte-synaps naar volgende cel een neurotransmitter uitgescheden/daarna elektrische impuls naar volgende zenuwcel
anatomie centrale zenuwstelsel
hersenen en ruggenmerg
anatomie perifere zenuwstelsel
sensorische en motorische zenuwen
bescherming hersenen en ruggenmerg
schedel/wervels/vliezen/hersenvocht
onderdelen hersenen
grote hersenen/kleine hersenen/hersenstam
grote hersenen/cerebrum
gaat over bewustzijn/geheugen/vrije wil/regelt zintuigcentrums
kleine hersenen/cerebellum
regelt coordinatie van beweging en evenwicht/haalt informatie uit evenwichtsorgaan/afstand is klein voor snelle reactie
hersenstam
regelt hartslag/ademhaling/dag-nacht ritme/via verlengde merg in verbinding met ruggenmerg
ruggenmerg
geeft signalen door van hersenen naar perifere zenuwstelsel/bij iedere wervel verlaten zenuwen het ruggenmerg/omgeven door vliezen en vocht
sensorische zenuwen
voeren prikkels vanuit zintuigen naar centrale zenuwstelsel
motorische zenuwen
sturen bevelen van centrale zenuwstelsel naar de rest van het lichaam
reflexen
kortste schakeling tussen sensorische en motorische zenuwen
willikeurig zenuwstelsel
bewust reageren op veranderingen om het dier heen
onwilikeurig zenuwstelsel
regelt zelfstandige processen
sympatisch zenuwstelsel
versnelt hartslag-ademhaling/verwijdt luchtwegen/betere doorbloeding spieren/adrenaline maken in bijnieren
parasympatisch zenuwstelsel
hart-ademhaling frequentie dalen/bloed naar spijsverteringsstelsel-nieren-urine wegen/uitrusten/herstellen/groei
afwijkende hersenverschijnselen
ernstige gedragsverschijnselen/dwangmatige bewegingen/dronkenmansgang/kramp/verlamming/bewusteloosheid/parese
epilepsie
kortsluiting in de hersenen
oorzaken verlamming
trauma/verlamming/aantasting van impulsoverdracht bij synapsen
positie ogen roofdieren
om diepte te zien/afstand tot prooi goed inschatten
positie ogen bij prooidieren
aan zijkant voor groter gezichtsveld/bedreiging eerder zien aankomen
derde ooglid
membrana nictitans
hoornvlies
cornea
iris
uvea
netvlies
retina
harde oogrok
sclera
oogzenuw
nervus opticus
bindvlies
conjunctiva
iris
gekleurde ring in het oog/onstaat door pigment/zit tussen cornea-hoornvlies/lens
spieren van de iris
maken de pupil groter of kleiner
miosis
pupil word kleiner door veel licht
mydriasis
pupil word groter bijj weinig licht
grauwe staar/cataract
de ewitten in de lens gaan samen klonteren waardoor de lens niet meer doorzichtig is
staafjes
registreren zwart wit verschillen
kegeltjes
registreren kleur
reflecterende cellen
tapetum lucidum
uitwendig oor
auris externa
middenoor
auris media
binnenoor
auris interna
functie uitwendig oor
geluid opvang concentreren en naar middenoor brengen via trommelvlies
functie middenoor
geluid opvangen concentreren en naar binnenoor brengen
functie binnenoor
vangt geluiden op en geeft deze door aan de hersenen door het slakkenhuis
functie evenwichtsorgaan
bevat zintuigcellen die beweging registreren
uitwendig oor bestaat uit
oorschelp/uitwendige gehoorgang
gehoorgang honden en katten
loopt eerst verticaal daarna horizontaal
functie trommelvlies
een stevig vlies wat indringers buiten houd en geluid doorgeeft aan middenoor
middenoor bestaat uit
trommelvlies/buis van eustachius/gehoorbeentjes
functie buis van eustachius
houd de luchtdruk gelijk
de 3 gehoorbeentjes
hamer/aambeeld/stijgbeugel
functie gehoorbeentjes
versterken geluidstrillingen en geven deze door aan het slakkenhuis
slakkenhuis bestaat uit
vocht gevulde holle buis
functie slakkenhuis
geluidstrillingen worden in vocht overgedragen aan zintuigcellen in de wand/prikkels worden overgedragen naar de hersenen
neusspiegel
planum nasale
neus tussenschot
septum nasale
afvoerbuis traanvocht
ductus lacrimalis
functie neus slijm
beschermen tegen stof en indringers
reukcellen kat
200 miljoen reukcellen
bloedhond reukcellen
300 miljoen
mens reukcellen
5 miljoen
functie orgaan van jacobsen
geur proeven/reptielen gebruiken dit om prooi op te sporen
tong en zacht gehemelte
bevatten papillen
papillen
zijn bultjes die zintuigcellen bevatten
speekselklieren
spoelen de zintuigcellen schoon
lederhuid
dermis
onderhuids bindweefsel
subcutis
drukzintuigen
zitten in de buikholte/ogen/spieren
zintuigcellen
kunnen verschil in druk en warmte waarnemen
tastharen dieren
zitten rondom bek/ogen/over huid
entropion
naar binnen gekruld onder of boven ooglid
ectropion
naar buiten gekruld onder of boven ooglid
haartjes in de ogen
distichiasis
beschadiging van de cornea
ulcus
ontstoken bindvlies oog
conjuctivitis
cherry eye
gezwollen en uitpuilend derde ooglid
corpus alienum
vreemd lichaam
otitis
oorontsteking
oorsmeer
cerumen
scheve kop
otitis media
oorzaak bloedneus
schimmelinfectie/tumor/stollingsproblemen
oorzaak neusuitvloeiing
infectie door virus of bacterie/corpus alienum
oorzaak jeuk aan oren
grote flaporen met veel haar/oormijt/overmatige productie oorsmeer
dieren last van oormijt
fretten/konijnen/katten
hormoon
is een stof die via het bloed informatie overbrengt van plek naar plek
endocriene klieren
produceren hormonen en geven ze direct aan bloed af
regelsysteem
werkt als thermostaat
hypothalamus
bestaat uit zenuwcellen in onderste deel van de hersenstam
functie hypothalamus
controlecentrum van de hormoonklieren/meet hormoonspiegel in bloed/stimuleert hormoonproductie
hypofyse delen
voorkwab en achterkwab
voorkwab
adenohypofyse/ontvangt bevelen van hypothalamus via het bloed
achterkwab
neurohypofyse=verbinding/hypothalamus via zenuwen
groeihormoon/GH
gaat door hele lichaam/stimuleert groei door toename van eiwitproductie
bijnierstimulerend hormoon/ACTH
gaat naar bijnieren/produceert corticosterioden
schildklier stimulerend hormoon/TSH
gaat naar schildklier/controleert stofwisseling door afgifte van schildklierhormoon/thyroxine
folikel stimulerend hormoon/FSH
gaat naar eierstokken en testikels/stimuleert vorming en productie van folikels en zaadcellen
luteotroop hormoon/LH
gaat naar eierstokken en testikels/stimuleert rijping en productie van folikels en zaadcellen
prolactine
gaat naar melkklieren/stimuleert de ontwikkeling van melkklieren en productie van melk
antidiuretisch hormoon/ADH/vasopressine
gaat naar nieren/vermindert de urine productie
ocytocine
gaat naar baarmoeder en melkklieren/stimuleert spieren van baarmoeder tot samentrekken en melkklieren tot afgifte melk